okt 182011
 

Onlangs gaf ik mijzelf de uitdaging een aantal dingen te eten waarvan ik ooit had besloten dat ik ze niet lekker vond of zelf niet lustte. Vandaag de aftrap met de tomaat. Tomaten vind ik een beetje vies nl. Ze voelen raar, ze ruiken raar en ze smaken raar. Tomaten eet ik in een fles Heinz of als puree. Of uit een blik. En uitsluitend omdat het recept er om vraagt. Maar proeven wil ik het eigenlijk niet. Noem het een gemis of zelfs een gebrek. Het heeft niet aan mijn opvoeding gelegen, want mijn moeder heeft het echt geprobeerd. Iedereen bij ons thuis eet ook tomaten, behalve ik dus. Tot nu. Maar ik moet eerlijk zijn, een blote tomaat is natuurlijk wel een stap te ver. Daar begin ik niet aan. Misschien later, als ik groot ben. Op dit moment in de tijd is het van eminent belang dat de tomaat dood is. Ik wil geen risico lopen.

Als je heeeeeeeeeeeel goed naar de foto kijkt, zie je de tomaat. Maar ik neem het je niet kwalijk als je ‘m niet ziet. Maar hij zit er in, twee zelfs. Twee dikke, vette vleestomaten.

 

Feitelijk proef ik geen tomaat, daarvoor is het te kruidig en spicy. Maar ik denk wel dat het anders is als je de tomaat er uit laat. Met name qua structuur. Maar wie ben ik 😉

Men neme:

  • 1 el korianderzaadjes
  • 1/2 el zwarte peperkorrels
  • 1 tl komijnzaadjes
  • 1/4 tl venkelzaad
  • (volgens het oorspronkelijk recept ook nog 1/4 tl fenegriekzaadjes, maar die heb ik niet in huis…)

Verhit de specerijen in een droge pan, totdat het flink begint te geuren. Maal ze daarna fijn in een vijzel. Hou apart.

Men neme verder:

  • 1 tl olie (volgens het recept ghee, maar dat heb ik al tijden niet meer in huis)
  • 2 tn knoflook, geplet en in grove stukken
  • 200 gr garnalen, ontdarmd
  • 1 el olie
  • 3 kruidnagels
  • kaneelstokje
  • 1 el bruin mosterdzaad
  • 1 tl kardemompoeder (volgens het recept de zaden van drie peulen)
  • 1 ui
  • 1/2 spaanse peper, zonder zaadjes
  • 2 tomaten <——— (zie Yuk!)
  • 100 ml bouillon of water
  • 200 ml kokosmelk
  • specerijenmengsel (zie boven)
  • 1 tl chilipoeder

Verhit de olie in de wok en roerbak de knoflook eventjes op niet te hoog vuur. Voeg de garnalen toe en meng het geheel goed door elkaar zodat de olie de garnalen bedekt. Haal van het vuur en zet de garnalen apart.

Verhit de olie en bak het kaneelstokje en de kruidnagels voor een minuut of twee. Het duurt even voordat het lekker gaat geuren. Voeg de mosterdzaadjes toe en verhit nog een minuut. Blijf de hele tijd flink roeren zodat de specerijen niet verbranden.

Voeg de kardemom poeder toe en vervolgens de fijngesneden ui en peper. Bak op een niet te hoog vuur net zolang totdat de ui zachtjes en lichtbruin gebakken is. Dit duurt een minuut of 8.

Ontvel de tomaten, haal de zaadjes eruit en hak ze in stukjes. Voeg vervolgens de tomaten, de bouillon, de kokosmelk, het specerijenmengsel en de chilipoeder toe. En laat het een minuut of 7 zachtjes pruttelen.

Voeg dan de garnalen toe en laat het nog eens een minuut of 5 pruttelen, totdat de garnalen gaar zijn. Serveer de curry met gele rijst (met doperwtjes).

 

En heb ik dus wel mooi tomaat gegeten, al was die niet als zodanig herkenbaar. Uiteraard gaat het ook niet om de tomaten, maar om die heerlijke specerijen.

Oh ja, het oorspronkelijke recept komt uit The world’s greatest-ever curries van Mridula Baljekar. En eerlijk is eerlijk, ik ben in het boek nog geen vieze curry tegengekomen 😉

 Leave a Reply

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>

(vereist)

(vereist)

You can add images to your comment by clicking here.