BroeR

jul 062019
 

In het weekend nemen we wat meer tijd voor het ontbijt dan doordeweeks. En een ei-gerechtje gaat er dan goed in.

Bakken we een eitje dan strooien we er regelmatig een lekker kaasje overheen. Kaas kan overal bij, niet waar. Dit keer het omgekeerde gedaan. Ei over gebakken kaas gegoten.

Een dunne laag gebakken kaas heet ook wel een kaaskletskop. De kaaskletskop ontstond vast toen iemand zag dat kaas, die naast de andere ingrediënten op de bodem belande, krokant werd. Het is dan een kleine stap om die andere ingrediënten een keertje weg te laten. En een volgende stap is om er toch weer iets bij te doen, een ei dit keer.

Kaaskletskop met spiegelei.

Continue reading »

jun 222019
 

De laatste jaren krijg ik op Vaderdag (moet echt met een hoofdletter) meestal iets simpels, zoals een kaasje die we nog nooit in huis hebben gehad. Heel vroeger ging dat anders. Dan kreeg ik expressieve tekeningen, in elkaar geknutselde ware kunstwerkjes of grote kiezelstenen die enthousiast en kleurrijk waren geverfd. Die kiezels heb ik nog, in gebruik als presse-papier. De tekeningen en knutselwerkjes zijn op een steeds voller wordende vliering beland. In latere jaren werden boeken of tijdschriften gegeven, en nog later dus die kaasjes.

Dit keer ging het anders. Nu was ik sowieso vergeten dat het Vaderdag was – ik heb niet zoveel met vaststaande en verplichte cadeaudagen – dus de verrassing was deze keer echt. Ik kreeg dit keer iets origineels cadeau, de titel van een nieuw recept. Het koste hen wel wat tijd om die te vinden, want wij eten nogal gevarieerd. Alleen niet uit de frituur. Ze weten echter dat iets uit de frituur niet welkom is. Gefrituurd eten is lekker, maar wat moet ik doen met het vet. Bewaren, daarvoor zouden we te weinig frituren. En weggooien na 1 keer gebruiken is zonde. Maar ze vonden dus toch iets dat nieuw was. Ik mocht ook nog eens zelf uitzoeken hoe het te maken, want ze weten dat ik dat leuk vind. En daarmee eigenlijk 2 cadeautjes gekregen.

De gekregen titel was toasted pound cake. Gevonden vermoed ik, al dan niet bewust, door het eten van toast sandwich, een kleine maand geleden. En omdat ze cake lekker vinden, uiteraard.

Eerst de cake gemaakt. En dan het lastige. De cake minstens 2 dagen met rust laten. Niets opeten. Toasted pound cake is lekkerder als de cake wat ouder en daardoor droger is.

Lekker knapperig dessertje of tussendoortje, getoaste cake.

Continue reading »

jun 082019
 

Italië heeft het imago dat het een knoflookland is. Dat iedereen ervan houdt. Maar schijn bedriegt. Door alle lagen van de bevolking zijn er mensen die knoflook haten. Nog zo recent als in 2007 was er zelfs een actie in Italië om knoflook compleet uit alle recepten te weren. Er zou een speciale kaart komen van Italië waar de niet-knoflook restaurants op zouden staan. Een soort van tweedeling van de restaurants. En een dergelijke tweedeling door knoflook is zeker niet de eerste keer in onze geschiedenis.

Bij de Sumeriërs (2600–2100 BC) en ook bij de Babyloniërs (1800-539 BC) werd knoflook als basisvoedingsmiddel en om de medicinale eigenschappen zeer gewaardeerd. Bij de oud‑Egyptenaren (3300-332 BC) stond knoflook in het begin in hoog aanzien, ook voor de medicinale eigenschappen. Toenemende handel leidde tot de import van sterke kruiden vanuit het Oosten. Het gevolg was dat knoflook meer werd gebruikt als voedsel en medicijn voor de armen. Rook je naar knoflook dan kwam je naar verluidt de heiligdommen niet binnen. De heersende klassen namen knoflook hooguit voor de aan knoflook toegeschreven medicinale werking. De lagere klassen aten het in hun dagelijkse leven, om te overleven. Een tweedeling die zich doorzet bij de Grieken (500–146 BC) en later bij de Romeinen (753 BC – 476 AD). Zo maakt de oud-Romeinse boer Simulus, in een gedicht uit de 1e eeuw BC, ’s ochtends moretum, dat bol staat van de knoflook. Arbeiders aten knoflook. Het oud-Romeinse receptenboek Apicius, met recepten voor de hogere klassen, geeft een vergelijkbaar recept voor moretaria, maar daar zit geen knoflook in. De hogere klassen bliefden het niet in hun maaltijden.

2. Dat is het aantal keren dat het Latijnse woord voor knoflook voorkomt in Apicius. In slechts 2 van de in totaal 467 recepten, dat is ruim minder dan een ½ procent. Er is ook een kleinere verzameling recepten, toegewezen aan Vinidarius, de Apici excerpta a Vinidario, uit de 5e eeuw. We weten niet of Vinidarius een echt persoon is geweest, maar van de 33 recepten die hij meldt bevat er geen een een referentie naar knoflook. In de lijst van droge etenswaren die je in huis moet hebben staat het wel, als aliu, algemeen vertaald als knoflook. Het is ook onduidelijk of Vinidarius echt een uittreksel van de recepten in Apicius geeft, zoals de titel suggereert. Ze lijken erop qua stijl, maar de overlap is klein. Wetenschappers zijn het op dit punt ook niet echt met elkaar eens. Samen geven Apicius en Vinidarius wel een goed beeld van wat mensen aten die tot de hogere klassen in hun samenleving behoorden, en daar hoorde knoflook dus niet echt bij.

Koude en voedzame sala caccabia, met knoflook, en zuiverende posca

Knoflook splijt naties. En dat maakt die 2 recepten met knoflook in Apicius extra speciaal.

Continue reading »

mei 252019
 

Toast sandwich of toasted sandwich, een wereld van verschil.

De sandwich is een Engelse uitvinding. Het verhaal gaat dat John Montagu, 4e Earl of Sandwich, in de achttiende eeuw graag vlees wilde eten, maar ook wilde blijven kaarten zonder zijn handen vies te maken of een vork te moeten gebruiken. Zijn kok bedacht twee sneden brood, niets anders dan verpakkingsmateriaal, met ‘iets’ ertussen. In John Monutagu’s geval is dat ‘iets’ vlees. En zijn adellijke kaartvrienden zouden hebben geroepen ‘hetzelfde als Sandwich’. Hadden wij zulke adel gehad, dan had de sandwich een Nederlandse naam gehad. Onze belegde boterham, nu bekend in de wereld als een open sandwich, bestond namelijk al in de zeventiende eeuw, maar was onbekend in Engeland.

Ook toast sandwich is een echte sandwich. Toast sandwich staat voor het eerst op schrift in 1861, in Mrs Beeton’s Book of Household Management. Het boek kende vele herdrukken en was razend populair. Al in 1868 waren er bijna 2 miljoen exemplaren van verkocht. En dat allemaal in de Victoriaanse tijd, waarin vele nieuwe dingen ontstonden, waaronder de industriële revolutie en (als tegenstroming) een conservatieve ietwat serieuze levenshouding. Engeland was toen een wereldmacht en eigen baas ook ver buiten de eigen eilanden. Daar denken velen tegenwoordig blijkbaar met weemoed aan terug, gezien de Brexit bewegingen. Hopelijk blijven ze straks wel hun kazen en mint sauce betaalbaar exporteren.

Veel recepten uit Mrs. Beeton’s boek kwamen alleen wel uit allerlei andere kookboeken. Minstens zes kookboeken zijn als bron geïdentificeerd. Het recept voor toast sandwich kent geen eerdere bron. En dat is ook niet zo gek, want het is een minimalistisch en een beetje vreemd recept. Het wordt wel het goedkoopste lunch recept van Engeland genoemd. Mogelijk dat Mrs. Beeton dit zelf heeft bedacht.

Toast sandwich, waarbij het ‘iets’ een geroosterde boterham is

Het lijkt een typisch recept voor het arme deel van de bevolking, want in de Victoriaanse tijd ontstond dan wel een middenklasse, de armen hadden het nog steeds moeilijk. Maar Mrs. Beeton voegt bij het recept toe dat het ook met vleessnippers of dunne sneden koud vlees op de toast nog steeds heel verleidelijk is voor de eetlust van een invalid. Dit lijkt een merkwaardige toevoeging tot je je realiseert dat in het Victoriaanse tijdperk invalidism een stroming was, en een vreemde, waarbij welgestelde vrouwen uit eigen wil onder andere een zandloperfiguur nastreefden, soms met extreem smalle tailles, en bewust lichamelijk zwak werden. Corsetten hielpen, maar het eten van toast sandwich blijkbaar ook.

Continue reading »

mei 112019
 

Hoe de (meeste) Fransen vroeger over de Engelse kookkunsten dachten en misschien ook nog nu nog wel denken, kan je prachtig lezen in het stripalbum ‘Asterix chez les Breton’, bij ons verschenen onder de ietwat vrij vertaalde titel ‘Asterix en de Britten’. In dat verhaal laten René Goscinny en Albert Uderzo zich op vele plekken duidelijk uit over het Engelse eten. Meestal refereren ze daarbij aan warm bier, met ijs gekoelde rode wijn, gekookt vlees en sauce à la menthe – muntsaus. Nu stoven, pocheren of bakken de Engelsen hun vlees vaker dan dat ze het koken. En zelf vind ik Engelse mint sauce overheerlijk. Maar goed, het punt is gemaakt. De Engelse keuken is het niet helemaal voor de Fransen.

Zo heeft ook Obelix medelijden met het stuk vlees van een wild zwijn dat op zijn bord ligt, omdat het is gekookt en wordt geserveerd met muntsaus. En een Romeinse officier heeft medelijden met de leeuwen als hij te horen krijgt dat hij mogelijk gekookt en met muntsaus aan die leeuwen wordt gevoerd. Het album is ook in het Engels verschenen met als titel ‘Asterix in Britain‘ (met weer een subtiele wijziging in de titel). In die versie komen de eetgrappen nog beter tot hun recht.

Het gekookte vlees in het stripalbum refereert mogelijk aan de Schotse haggis. Haggis is een hartige maaltijd van schapenvlees en -organen, ui, havermout, niervet, kruiden en zout, traditioneel gekookt in een schapenmaag. Klinkt a priori niet erg aantrekkelijk. Wij zijn echter een keer in Schotland uitgenodigd om deel te nemen aan een besloten Burns Supper. Dat is een traditioneel diner ter herdenking van de nationale dichter van Schotland, Robert Burns. Het wordt gevierd met een doedelzak en in Schotse kledij, en met haggis en whisky, waar wij waren veel whisky. En de haggis was door de sfeer en mogelijk ook door de drank superlekker.

In de middeleeuwen waren sauzen met munt talrijker in de Franse keuken dan in de Engelse keuken. Dat is nu andersom en naar mijn mening hebben de Fransen hiermee iets verloren en de Engelsen iets gewonnen.

In de Romeinse tijd werd in Italië een aan munt verwante plant gebruikt. Waarschijnlijk Calamintha, wat wij steentijm noemen. In Rome wordt steentijm nog steeds gebruikt, bijvoorbeeld in Carciofi alla Romana, artisjokken op de Romeinse manier. Als de Italianen zich graag presenteren als de uitvinders van pasta én als ze vroeger veel muntsmaak tot zich namen, dan is een maaltijd gebaseerd op spaghetti en muntsaus gewoon toegestaan. Bij dezen.

Continue reading »

apr 272019
 

Onze appelbomen staan weer in bloei. En sommige appelbloesems zijn al weer verdwenen en de vruchtbeginsels zijn heel kleine vruchtjes geworden; de appels komen er weer aan. En dat zet dus een gedachtentrein in gang: appelbloesems → appelvruchtjes → appels → appeltaart. Een onmiskenbaar Pavlov effect in werking. Er moest een appeltaart worden gemaakt, en wel onmiddellijk.

In 1978 heet het ‘appeltaart uit de alternatieve keuken’. Het was toen tenslotte nog maar één jaar geleden dat de eerste Tip verscheen. Geleerd hoe je het moet maken via een op uitnodiging bijgewoonde kookles van de Huishoudschool, een nu verdwenen schooltype uit de verzuilingstijd. Het recept is al die tijd op papier bewaard gebleven en na vele jaren weer eens uit het mapje gehaald.

De appeltaart heet alternatief omdat het naast appel ook ingrediënten bevat die je normaal gesproken niet zo gauw in een Nederlandse appeltaart zult vinden.

Nog een tikkeltje alternatiever gemaakt door de voorgeschreven rozijnen te vervangen door pecannoten en de specerijen, waaronder fijngemalen kruidnagels, te vervangen door de complexe smaak van piment.

alternatieve-appeltaart-haverrmout-pecannoten

Men moet altijd even wennen als men een stukje appeltaart proeft, omdat deze zo anders is dan wat men verwacht. En toch: echte appeltaart.

Continue reading »

apr 132019
 

Kikkererwten. Meestal geassocieerd met een milde en licht nootachtige smaak. Wij vinden dat eigenlijk wat te positief gesteld. Kikkererwten zitten vol met gezonde moleculen, dat wel, maar die dragen niet veel bij aan de smaak. Als wij een notensmaak willen dan eten wij noten, wel zo direct.

Maar ons grootste probleem met kikkererwten is niet de smaak. Het is de textuur. Of beter geschreven, het gebrek aan textuur: zacht zonder echte bite. Het gebrek aan textuur buiten we daarom massaal uit. Ook Nederland maakt humus, gepureerde kikkererwten. Een dip zonder enige bite en met alleen kikkererwten nog steeds zonder veel smaak. Kikkererwten in een maaltijd, je moet juist smaak toevoegen. Bij de humus doen we dat met sesamzaadjes (voor de tahin), knoflook en citroensap. En in een salade doen we dat bijvoorbeeld met gember, limoen, balsamico en pimentón de la vera.

Kikkererwten krijgen wel veel meer textuur als je ze roostert. Uiteraard met wat kruiderij. Door velen dan gebruikt als borrelhapje. Hebben wij ook eenmalig geprobeerd: niet lekker genoeg.

Geroosterde kikkererwten: kikkererwten met een bite.

Het lukt beter als onderdeel van een maaltijd, dit keer met wraps. En hier alleen cayennepeper als kruiderij gebruikt bij de kikkererwten omdat de rest van de smaak uit andere ingrediënten komt.

Continue reading »

mrt 302019
 

Tussen de Alpen en de rivier de Po wordt in Italië al eeuwenlang speciale rijst verbouwd, risottorijst. Risottorijst kan veel vocht en daarmee smaakstoffen opnemen. Ideaal dus voor koken in bouillon met saffraan.

Welke soort risottorijst er in Italië wordt gebruikt, hangt een beetje van de streek af. Daar hebben we hier geen last van. Wel van pakken voorgekookte risottorijst in de schappen van supermarkten waar niet op staat welke rijstsoort er in zit. Want er is wel degelijk verschil.

Er zijn namelijk veel soorten risottorijst, maar drie daarvan domineren: arborio, carnaroli en vialone nano. Arborio is de meest gebruikte rijstsoort. Die rijstkorrels kunnen vele malen hun gewicht aan vocht opnemen. Carnaroli heeft een grote korrel en vialone nano de kleinste korrel.

Risotto met saffraan is bekend onder vele namen, afhankelijk van de andere ingrediënten en waar je het eet, Risotto alla Milanese, Risotto Giallo (gele risotto), of gewoon, risotto met saffraan. Maar voeg je sterke bouillon toe – voor nog meer smaak – dan wordt de gele kleur verdrongen en krijgt de risotto een meer bruinige tint.

Risoto en saffraan, ze verdienen allebei aandacht bij het kiezen.

Continue reading »

mrt 162019
 

Hopelijk mag iedereen vanaf een bepaalde leeftijd zelf weten of men vlees, vis, schaaldieren, insecten, eieren en/of zuivelproducten eet. Ieder zijn ding. Door wat je wel of niet eet, word je wel automatisch in een hokje geduwd door derden. En uit wat ik lees, lijken sommigen dat heel erg fijn te vinden en anderen wat minder.

Tussen het vegetariër of vleeseter zijn, zit nog wel heel veel ruimte. Vegetariërs die wel vis eten, worden pescotariërs genoemd, of ook wel, een beetje denigrerend semi-vegetariërs. Eet je als vegetariër eieren, dan mag je jezelf ovotariër noemen. Eet je zuivelproducten, dan sta je bekend als lactotariër.

Reutel is niet bepaald een vegetarisch receptenblog. Ook wij zijn flexitariër en eten met enige regelmaat geen vlees of vis, maar ik let er dan niet op dat we in dat gerecht de boter vervangen door een plantenolie en er tevens geen eieren of kaas in gebruiken.

Als ik gedwongen zou worden om landvlees te laten staan, dan zou ik een pescolactoövotariër zijn. Pesco voor de vis, lacto voor de zuivel, en ovo voor de eieren. Lijkt mij een semi-vegetariër.

Omdat schelvis zo gemakkelijk uiteenvalt, is het minder geschikt om als moot op te dienen dan bijvoorbeeld kabeljauw. De naam schelvis komt ook van het zachte vlees dat in plakjes uiteenvalt, de schellen. Schellen is een Oudnederlands woord dat nu gerelateerd is aan hoe een geluid klinkt, maar vroeger ook wel schillen of vliezen betekende. Vandaar het gezegde.

Gevormd naar het broodje en door de manier van maken superzacht, met melk, boter en eieren. Een pescolactoövotarisch broodje.

Continue reading »

mrt 022019
 

Pasta. Daar kan ik altijd mee aankomen. En als je het veel eet, ga je vanzelf veel variëren.

Dit keer geen bord vol met spaghetti van Penny, spaghetti nesten of spaghetti in een quiche, maar losse spaghetti in zelfgemaakt brood.

Spaghetti is overigens een bekend begrip in de astrofysica. Niemand weet hoe we ons in een zwaartekrachtsveld van een zwart gat gedragen, maar de gangbare theorie is dat we tijdens de reis naar een zwart gat spaghettificeren. Spaghettificatie is het uitrekken van objecten in de lengterichting en indrukken in de andere richtingen. Zouden wij in een zwart gat vallen, dan gaan ook wij op slierten spaghetti lijken.

NRC schreef enige jaren geleden “Zwart gat rekt astronaut uit tot een spaghettisliert”. Dat was wat teveel verbeelding, want de laatste keer dat ik keek waren mensen niet van deeg gemaakt. Meestal is NRC wat serieuzer en vooral preciezer.

Spaghettificatie wordt ook wel het noedel-effect genoemd. Beide termen passen daarmee op een eetblog.

Iets om over na te denken terwijl je spaghetti eet.

reutelnl-braided-spaghetti-bread-openHet nog opengeklapte gerezen deeg net voor het de oven in gaat, en …

Een eigen variant van een bekende spaghetti inpakactie. Spaghettibrood. Spaghetti verborgen in deeg.

Continue reading »