Het werd wel weer eens tijd voor een update. Door al dat gewerk heb ik de laatste tijd maar weinig puf gehad om uitgebreid in de keuken te staan. Gelukkig bestaan er ook nog snelle recepten. Het oorspronkelijke recept kreeg ik van een vriend, al weer jaren geleden. Het was Turks. Het recept heb ik niet meer, kwijtgeraakt in een verhuizing. Ik had het ook al tijden niet meer gemaakt, totdat ik mij onlangs vaag herinnerde dat ik wel eens pannekoekjes maakte van courgette. Sindsdien heb ik het toch al weer een paar keer gegeten. En hier dan, op verzoek, het gefrutselde receptje.
Ik kwam een receptje tegen voor gembercustard, dus dat moest ik wel maken. Überhaupt nog nooit custard gemaakt, dus dat was wel een leuke uitdaging. Iets met eieren was het. Maar hoe en wat, geen idee. Hoe moeilijk kon het zijn…
En omdat ik nog een citroen had liggen, moest die er ook aan geloven voor een citroencustard. Het eindresultaat smaakte in beide gevallen in ieder geval beter dan het er uitzag. De citroencustard was lekker fris, niet heel verrassend natuurlijk, en de gembersmaak kwam ook heel duidelijk naar voren bij de ander. Maar ik schat wel in dat die meer voor de liefhebber is. Met de smaken zit het in ieder geval wel goed, nu de textuur nog. Dan gaan ze er vanzelf ook wat beter uitzien.
Chinese aubergines zijn ECHT veel lekkerder dan die grote dikke exemplaren. Die blief ik eigenlijk niet meer. De slanke aubergines zijn zachter en voller van smaak. Gestoomd en ontveld lekker met een dressing van chili-olie (foto), maar ook gestoofd erg lekker met (runder)saucijsjes of Merquez-worstjes. En ook niet moeilijk.
Een simpel Indiaas toetje. Niet echt licht, maar wel lekker in de wintermaanden. Voor een mooie rood-oranje kleur neem je de bataten met een oranje schil.
Niet iedereen vindt het lekker, maar zelf ben ik er verzot op: inktvisringen. De truc is ze heet en niet te lang te laten bakken. Dan blijven ze lekker en wordt het geen gummi. Supermakkelijk recept. Even marineren en daarna in een paar minuten op tafel.
Ik zag het laatst staan bij mijn vaste toko: een blikje Sichuan Pork. Jawel, varken in een blikje. Dat klinkt natuurlijk al niet goed. Maar ik moest het proberen. Dacht ik.
Soms moet je het ook niet doen.
Uiensalade oftewel piaz kachumbar. Eigenlijk zou ik dit vandaag klaarmaken op een vega-twetentje voor 8 als het tweede voorgerecht. Alleen stak mijn rug daar een stokje voor. Even rustig aan doen dus, maar dat betekent wel dat ik met een flinke groentevoorraad zit, waaronder een hoeveelheid aardappelen
De aardappelkoekjes kun je zowel warm als koud eten, maar een warm aardappelkoekje in combinatie met de frisse en koude uien vind ik zelf het lekkerste.
Ik maakte het al een week geleden, maar verder dan een fotootje van mijn dagelijkse maaltijd on-line zetten kwam ik afgelopen week niet. Ooit ontdekte ik de perkedel pan toen ik te lui was om Indische gehaktballen te maken. Heel lekker, maar gehaktballen draaien is niet mijn hobby. Perkedel pan is daarentegen geen werk. Je mikt de boel bij elkaar en hup, in de oven ermee. Zowel warm als koud lekker en ook op brood niet te versmaden
Ook handig bij een Indische rijsttafel, want het scheelt weer een pan op het fornuis. Niet per se snel, maar wel makkelijk dus.
Na een hele week te laat thuis en nauwelijks tijd om over eten na te denken, had ik niet veel zin om uitgebreid in de keuken staan, maar wel zin in iets ontzettend lekkers. Vanmiddag ging het laatste stukje bloedworst er aan. Gebakken en besprenkeld met wat zoete zwarte rijstazijn en met wat fijngesneden lente-ui. Gevolgd door een tosti met geitenkaas. Een echte weekendlunch.
Het avondeten was vandaag net zo simpel, al had het wat meer tijd nodig. Recept naar Ken Hom.
‘Aanschouw de amateur’ twitterde ik trots, ‘zelluf gemaakt chapatis’. Voor het eerst. Hele volksstammen eten het dagelijks, maar ik had het nog nooit dat ongerezen Indiaas brood gemaakt. Maar voor alles een eerste keer. Het kneden is even een vervelend klusje misschien, maar eigenlijk is het verrassend simpel om te maken. Je moet alleen niet te ongeduldig zijn. Rustig even wachten als het deeg moet rusten.
Traditioneel maak je het met atta, een volkoren tarwemeel uit India. Maar die kon ik natuurlijk weer niet vinden, dus ik gebruikte gewone volkorenmeel als alternatief. De eerste keer tenminste, de tweede keer gebruikte ik een combi van volkorenmeel en bloem (2:1). De tweede keer vond ik de chapatis mooier en ze werden ook beter gaar. Voor de volgende keer hou ik de combi volkorenmeel/bloem aan. Tot ik natuurlijk atta heb gekocht, het ‘echte spul’
En aangezien er kip in de koelkast lag, een knoflook-peperkip recept. En het restje po choy moest er ook aan geloven.
Met onderstaande hoeveelheden maak je 4 chapatis. De tweede keer maakte ik de deegballetjes iets kleiner en had ik er 6.










Laatste reacties