sep 012019
 

Vorige week op de rand van de Eifel, in Duitsland, flammkuchen gegeten. Niet in zo’n modern restaurant, maar in een Duitser dan Duits aandoend café-restaurant. Er stonden traditioneel Duitse gerechten op de kaart, waaronder dus verschillende soorten flammkuchen. En daar sprong er 1 van uit, namelijk een flammkuchen zonder de traditioneel verplichte crème fraiche. Apart. En daarmee was de keuze gemaakt.

Flammkuchen met blauwschimmelkaas, peer en walnoot. Die besteld, maar toen bleek dat er wat mis was gegaan met de levering van de blauwschimmelkaas. Of we camembert als alternatief wilden proberen? Geen blauwschimmelkaas, maar witschimmelkaas. Totaal andere smaak, maar toch geprobeerd.

Resultaat: een superdunne flammkuchen met camembert, peer en walnoot, maar zonder crème fraiche. Goedgekeurd. Zonder crème fraiche zijn de onbedekte delen op de bovenkant van de flammkuchen krokant. Mooie variant van een flammkuchen met crème fraiche, die aan de onderkant krokant is en aan de bovenkant zacht.

Een 28 centimeter lange Flammkuchen op een pizzabord

Maar camembert is nog steeds geen blauwschimmelkaas. Daarom alsnog thuis gemaakt wat ik aan de rand van de Eifel had willen eten.

Continue reading »

aug 242019
 

Een burrito is feitelijk een opgerolde tortilla. Wie wel eens maistortilla’s eet, weet dat deze ook minder geschikt zijn om op te rollen, daarom worden voor burrito’s tarwetortilla’s gebruikt. Burrito’s zijn typisch voor het noorden van Mexico en de zuidelijke staten van de VS. Het is dus zowel Mexicaans als Tex-Mex. Het oprollen en opvouwen van tortilla’s gebeurt al vele eeuwen in die regio’s, maar de burrito zoals we die tegenwoordig kennen, bestaat waarschijnlijk vanaf het eind van de negentiende eeuw. Er zitten uiteraard wel verschillen in de burrito’s, afhankelijk van de plaats van herkomst. De Mexicaanse burrito is doorgaan smaller en dunner, dit in tegenstelling tot de Tex-Mex-versies. Meestal bevatten de Mexicaanse versies één of twee ingrediënten zoals vlees, vis, rijst, bonen, aardappelen en kaas.

Burrito's

Burrito’s

In de moderne versies die in de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw zijn ontstaan in California vinden we vaak een veelvoud aan ingrediënten terug. Vooral de toevoeging van zure room en guacamole stamt uit die periode, hoewel de versie uit Los Angeles nog het meest lijkt op de traditionele burrito, al is deze dan wat groter. Tegelijkertijd zijn er in LA ook versies ontstaan als de Koreaans kogi burrito en de sushi burrito. Daarnaast bestaan er aan de Amerikaanse kant van de grens ook ontbijtburrito’s, gevuld met roerei en spek of chorizo.

Overigens kennen we uit Turkije de dürüm, een opgerold Turks platbrood met döner kebab. Dat gerecht is minder oud dan de Mexicaanse burrito. De dürüm stamt uit de negentiende eeuw, na de uitvinding van de verticale vleesbereiding (zie ook een broodje valse gyros).

Continue reading »

aug 172019
 

Op de grens van de Vroegmoderne tijd en de Moderne tijd was er iets merkwaardigs gaande in Italië: de start van de overgang van een Europese keuken naar weer een eigen Italiaanse keuken. Gevoed door lokale en regionale keukens, maar sterk beïnvloed door in een populair kookboek vastgelegde Europese recepten, dat in Italië werd gepubliceerd in 1790, L’Apicio Moderno van de Romeinse chef Francesco Leonardi. Welke saus je bij pasta at, mocht je als lezer zelf bepalen. In 1839 werd het voorschrift dwingend: viermicielli co le pommadoro. Dat recept staat in het kookboek Cucina Teorico Pratica van de in Napels wonende hertog, kok en schrijver, Ippolito Cavalcanti. Het wordt gezien als het eerste ‘spaghetti’-met-tomaten recept.

Het recept is uit 1839, maar vermicelli is al veel ouder. De eerste vermelding is in (de titel van) een compilatie van recepten, De arte coquinaria per vermicelli e maccaroni siciliani (De kunst van het koken van Siciliaanse vermicelli en macaroni), dat vermoedelijk in 1450 verscheen. De auteur van het boek is de al in zijn tijd zeer beroemde culinair expert Martino da Como. Dat het boek over Siciliaans recepten ging, is geen toeval: de middeleeuwse Siciliaanse keuken wordt wel gezien als de eerste echte Italiaanse keuken. Het is daarmee een en al geschiedenis op je bord.

Maar ja, toen kwamen dus tomaten en aardappels. Op 31 oktober 1548 schrijft men in Italië dat tomaten – voor het eerst – veilig zijn gearriveerd, en wel in het huis van Cosimo de’ Medici. Italië moest zijn keuken opnieuw uitvinden, net als de rest van Europa.

Tomaten kenden wel een moeilijke start. Aanvankelijk dacht men namelijk dat tomaten giftig waren. Waarschijnlijk werd de plant toch geïmporteerd omdat hij zo decoratief werd gevonden. In de 2e helft van de 16e eeuw werd de tomaat door de Nederlandse plantkundige Dodoens gouden appel genoemd. Zijn werk werd vertaald naar het Frans door Clusius, die er de Griekse mythe van de gouden appelen van Hera bijhaalde. En mogelijk komt daar de gedachte vandaan dat de tomaat toch heel speciaal was. Hera’s gouden appels zijn namelijk onder andere gelinkt aan onsterfelijkheid. De tomaat werd echter toch maar heel langzaam populairder: ze bleven niet eens heel als je ze bakte. Het eerste recept staat zelfs pas 144 jaar na aankomst op schrift, in 1692. Geen wonder dat dit een tomatensaus recept is, salsa di pomadoro, alla spagnole, tomatensaus op z’n Spaans.

Pasta en tomaten maakten kennis in 1790. In 1839 lijken pasta en tomaten boezemvrienden te zijn geworden. En echte boezemvrienden hebben bijna niemand anders nodig, alleen nog wat zout en peper. Viermicielli co le pommadoro, pasta met saus van tomaten.

Continue reading »

aug 102019
 

Hoe moet ik het noemen? De basis is een eenvoudige bouillon van chilibonensaus (toban jiang) met gember en kip. Geïnspireerd op de bouillon die ik altijd zelf maak voor de hotpot. Hotpotten is vooral leuk en gezellig, zeg maar het Chinese equivalent van gourmetten, maar dan anders. Maar het lekkerste van de hotpot vind ik eigenlijk de bouillon aan het eind van de maaltijd. Zelf heb ik een stoomboot met twee vakken, eentje die wordt gebruikt voor vis en eentje voor vlees. Daar ben ik vrij strikt in. Ik vind het prima als iemand vlees in de visbouillon wil gooien, maar andersom is uit den boze. Die visbouillon kan mij dus niet bekoren, maar de andere bouillon, die waar gedurende de maaltijd allerlei groenten en vlees in hebben lopen garen… Die bouillon met een dieprode kleur, warm, pittig en vol van smaak. Die bouillon! Ik besloot een uitgeklede versie (dus zonder sichuanpepertjes en zwarte boontjes) van die bouillon te maken voor een eenvoudig soepje. En tegelijk wilde ik mijn kip pocheren. Dat gaat prima samen. En met de bouillon kun je alle kanten op. Hieronder twee soepjes die warm en pittig zijn, lekker op een stralende dag, maar ook in de winter het waarschijnlijk goed zullen doen.

Chilibonenbouillon met kip, kool en shii-takes

Chilibonenbouillon met kip, kool en shii-takes

Continue reading »

aug 032019
 

Formeel, op schrift, in het 6 volumes tellende kookboek L’Apicio Moderno ossia l’arte di apprestare ogni sorta di vivande, ‘De Moderne Apicius en de kunst van het bereiden van soorten voedsel’, uit 1790 van de Romeinse chef Francesco Leonardi. Een beetje verstopt staat daar dan ineens als optie pasta met een tomatensaus. In volume 3 bijvoorbeeld staat petti di garganelle a diverse salsa, e ragù. En 1 van de ingrediënten die je volgens Leonardi het best kunt gebruiken in de salsa is pomidoro (tomaten met een i). Recepten voor tomatensaus staan in volume 1: culi di pomidoro en sugo di pomidoro. De tomatensaus werd op smaak gebracht met uien, selderij, knoflook, basilicum en peterselie, evenals met ricotta en Parmezaanse kaas. We doen nu nog hetzelfde. Leonardi gebruikte die tomatensauzen om gehaktballen in te braden.

Leonardi legde recepten vast uit minstens 6 landen; hij had tenslotte in vele Europese landen gewerkt. In totaal leverde dat meer dan 3000 recepten op. De invloed van het kookboek was enorm. Door het gebruik van de naam Apicius in de titel van het boek is duidelijk dat hij zichzelf zag als onderdeel van een lange recepten traditie. De 2e editie uit 1807 en 1808 heette simpelweg L’Apicio Moderno. Het is echter geen boek met Italiaanse recepten. Het lijkt er eerder op dat die Europese recepten van grote invloed zijn geweest op wat uiteindelijk die voortreffelijke Italiaanse keuken is geworden, in combinatie met de lokale keukens van Italië.

Informeel, niet op schrift, leerden pasta en tomatensaus elkaar natuurlijk al eerder kennen. Want het eerste op schrift staande recept voor tomatensaus is bijna 100 jaar ouder. Het is te vinden in het kookboek Lo Scalco alla Moderna uit 1692 van Antonio Latini, geschreven toen hij in Napels verbleef. Dat recept heet salsa di pomadoro, alla spagnole (tomaten met een a). Dat spagnole komt van het feit dat toendertijd tomaten via Spanje Italië binnenkwamen. Het recept is waarschijnlijk ook van Spaanse origine. De tomatensaus werd gebruikt als bijgerecht op de eettafel voor vleesgerechten. Tomatensaus en pasta zullen zichzelf in die 100 jaar vast wel eens tegelijkertijd op hetzelfde bord hebben teruggevonden. Maar niet op schrift dus.

Petti di garganelle. Wij schrijven nu garganelle al pettine. En pettine, wat kam betekent, maakt garganelle speciaal. Gegroefde pasta met een tomatensaus recept uit 1692, gemaakt met hedendaagse pomodori (tomaten met een o).

Continue reading »

jul 272019
 

En nog steeds ben ik onder Mexicaanse invloedssferen. Helemaal niet gek als je bedenkt dat veel van ons voedsel oorspronkelijk uit dat deel van de wereld afkomstig is. Met de kans om in herhaling te vallen: typische Nederlandse aardappelen komen uit het Andesgebergte in Zuid-Amerika en ook de tomaat komt uit die regio. De door velen gevreesde rode peper komt uit Midden-Amerika en mais evenzo. Met dank aan de Spanjaarden werd de Mexicaanse keuken een mengeling van stijlen, fusion om met hedendaagse termen te spreken. Eén van de zaken die door de Spanjaarden werd geïntroduceerd is kip, want die komt dan weer oorspronkelijk uit Azië, daar waar ze zo dol zijn op die pepers uit de Amerika’s. Overigens komt de kalkoen dan wel weer oorspronkelijk uit Midden-Amerika. En maakten wij kennis met deze bijzondere vogel mede door Obelix, die ze steevast ‘klokloks’ noemde (zie: De Grote Oversteek / La Grande Traversée). Maar dat ter zijde. Wellicht dat ik binnenkort een uitstapje maak naar de Spaanse keuken, om te ontdekken wat de Mexicaanse invloed daarop is geweest. Ik weet al de paprika, dus dat zal ongetwijfeld op iets uitdraaien met pimentón, gerookt paprikapoeder. Maar laat ik niet op de zaken vooruit lopen. Eerst Tacos de Pollo, taco’s met kip. En kaas. Op de een of andere manier was ik verrast door de combinatie. Het is niet moeilijk te maken, alleen kost de voorbereiding een uurtje tijd. Maar daar hou je dan wel een mooie bouillon aan over voor een lekker soepje.

En nog een gratis tip: stap af van die bloemtortilla’s en neem in het vervolg maistortilla’s. Ze zijn veel geuriger en smakelijker. (En kijk even op de verpakking bij de ingrediënten: menig maistortilla van de huismerken van grootgrutters bestaat voor het grootste deel uit bloem…) Maistortilla’s van het merk La Morena zijn redelijk goed verkrijgbaar en ook nog in twee varianten: blauwe en gele mais.

Taco de Pollo

Taco de Pollo

Continue reading »

jul 202019
 

Volgens de Ieren zelf dan. En dat maakt de jambon tot een ontbijtgerecht. Je vindt ze ook in benzinepompwinkels, buurtwinkels en kleine en grote supermarkten. En daardoor is het op het Ierse eiland ook zeer geschikt voor de trek rond 11.00 uur, elevenses, vooral als het de avond ervoor een beetje later is geworden. Bij ons is dat koffietijd, bij de Engelsen thee-met-koekjes tijd, bij Hobbits de tijd voor een maaltijd tussen het tweede ontbijt en de lunch, en in Amerika, in de eerste helft van de 19e eeuw, de tijd om aan de whiskey te beginnen.

Maar bij (een deel van) de Ieren blijkbaar ook de tijd voor een antikaterhapje. Jambon is natuurlijk gewoon Frans voor ham, maar dat is maar 1 van de ingrediënten. De anderen zijn bladerdeeg, kaas en ei. Wij hebben jambon in onze Engelse jaren nooit gezien in de Engelse winkels. Maar het is wel een van de populairste hartige snacks op het Ierse eiland, die jambon. Er is zelf een Iers liedje over deze snack, op de melodie van Jammin’ van Bob Marley & The Wailers. Maar ik kan niet schrijven dat het van dezelfde kwaliteit is.

Je krijgt een Dubliner jambon als je Dubliner cheese gebruikt. Dan denk je dat je kaas koopt die is gemaakt in Dublin, in de Republiek Ierland, een stad die vrijwel halverwege aan de oostkust van het Ierse eiland ligt. Maar Dubliner kaas wordt verrassend genoeg gemaakt in Cork, in het diepe zuiden van de Republiek Ierland. De Britse en Ierse Eilanden, je krijgt er geen vat op. Zij zelf ook niet, gezien de Brexit perikelen. Gelukkig houden lekkere gerechten geen rekening met internationale grenzen.

Irish Jambon uit de oven.

Continue reading »

jul 132019
 

Ik had wortels en broccoli in de koelkast. En omdat ik maar niks kon bedenken voor de broccoli, bedacht ik dat ik dan maar een Indiaas wortelsoepje ging maken. De afgelopen week was ik door drukte met werk wat minder geïnspireerd met eten. Meestal als ik bedacht dat ik nog wat moest eten, was het al na de klok van zeven. Veel broodmaaltijden deze week, met omelet, hamburgers of kaas. Weinig groente, anders dan rode paprika’s. Wel veel fruit, dat dan weer wel. Al was de laatste banaan door het warme weer bijna vloeibaar geworden, dus die heb ik maar laten gaan. Maar dat terzijde. Terug naar de broccoli. Vanmiddag om vijf over half vijf bedacht ik mij eindelijk wat ik met de broccoli ging doen: roerbakken met varkenshaas en eten met rijst. Soms kan het zo simpel zijn. De varkenshaas gemarineerd in oestersaus, sojasaus en shaoxing rijstwijn. En nog met een eenvoudig sausje. Kiddy-proof.

 

Broccoli met varkenshaas

Broccoli met varkenshaas

Continue reading »

jul 062019
 

In het weekend nemen we wat meer tijd voor het ontbijt dan doordeweeks. En een ei-gerechtje gaat er dan goed in.

Bakken we een eitje dan strooien we er regelmatig een lekker kaasje overheen. Kaas kan overal bij, niet waar. Dit keer het omgekeerde gedaan. Ei over gebakken kaas gegoten.

Een dunne laag gebakken kaas heet ook wel een kaaskletskop. De kaaskletskop ontstond vast toen iemand zag dat kaas, die naast de andere ingrediënten op de bodem belande, krokant werd. Het is dan een kleine stap om die andere ingrediënten een keertje weg te laten. En een volgende stap is om er toch weer iets bij te doen, een ei dit keer.

Kaaskletskop met spiegelei.

Continue reading »

jun 302019
 

Als ik een bucketlist had, dan had het er ongetwijfeld opgestaan: koken voor 28 man, met als extra handicap geen keuken op locatie. Sinds een paar jaar stort ik mij bij het jaarlijkse toernooi van mijn pingpongclub op de lunch en het avondeten. Het vrijwaart mij bovendien van een dag pingpongen in een doorgaans verzengende sporthal. De maaltijd is echter altijd een uitdaging op zich, aangezien de sporthal uit de jaren zeventig stamt en geen modern genot kent als een keukentje of iets dergelijks. Over het algemeen betekent het dat het eten van te voren bereid dient te worden en op locatie opgewarmd. Of… je gaat barbecueën, zoals we vorig jaar hebben gedaan. Nu heb ik geen verstand van fikkies stoken in de openbare ruimte, dus dat laat ik dan graag aan anderen over. Wel bemoei ik mij dan uiteraard graag met het eten zelf, zowel het vlees als de overige onderdelen. Van vlees van de barbecue ben ik niet per se een fan, maar ik mag graag een stukje vis stomen met wat knoflook of wat gemarineerde garnalen op het vuur schroeien. Helaas was de eigenaar van de barbecue daar niet van gediend, dus ik at zelf vooral eigengemaakte salades en dergelijke. Ik beloofde een oudere Mexicaanse dame dat ik een volgende keer een Mexicaans buffet zou verzorgen. Ze reageerde enthousiast in gebrekkig Nederlands, maar haar ogen fonkelden op. Een jaar later is de dame er helaas niet meer, maar ik hield mijn belofte.

De uitdaging was een aantal gerechten te selecteren die van te voren bereid konden worden en ter plekke opgewarmd. Dat was gelijk de volgende uitdaging: op locatie was er slecht één magnetron. Zelf had ik nog een klein inductieplaatje ter beschikking, wat normaal gesproken goed van pas komt als er soep opgewarmd moet worden of een lekkere pindasaus, dat laatste bijvoorbeeld bij de nieuwjaarsborrel. De lezer begrijpt intussen wel dat we bij de pingpong van lekker eten houden. Maar hoe dichter de datum van het toernooi naderde, hoe meer mensen zich aanmelden om na afloop mee te eten. Enkele weken voor het toernooi waren er zelfs meer eters dan spelers… Uiteindelijk zou het aantal oplopen tot 28 eters (en 36 pingpongers). Ik had dus enkele weken om te wennen aan het idee van zoveel eters, maar ik vroeg mij wel af hoe ik alles warm zou moeten krijgen. Met een aantal geleende chafing dishes én een magnetron zou het uiteindelijk lukken. Ik durf het wel een klein wonder te noemen. Volgend jaar ga ik voor broodjes kaas!

Mexicaans buffet

Mexicaans buffet

Continue reading »