okt 192019
 

Vanaf kinds af aan ben ik dol op rijst. De nasi die we vroeger af en toe op zondag aten, was een ware traktatie. Ook de herinnering aan de zelfgemaakte kipkerrieragout met rijst doet mij nog steeds watertanden. Ik eet tegenwoordig dan ook vooral rijst. Af en toe noedels (in verschillende varianten) en heel af en toe aardappels (met spruitjes of als stamppot). Doorgaans eet ik jasmijnrijst, een beetje kleverig doordat het wat meer zetmeel bevat en daardoor ook makkelijk met stokjes te eten is. Niet dat ik dat elke dag doe, maar soms is het eten met stokjes uit een kom gewoon lekker. Eet ik Indiaas, dan eet ik doorgaans basmatirijst. Rijst met een lange korrel en ook droger. Te eten met een lepel of gewoon met je vingers. Zowel basmati- als jasmijnrijst zijn geurige en smaakvolle rijstsoorten. Diegenen die zeggen dat witte rijst allemaal hetzelfde smaakt, hebben duidelijk geen verstand van zaken. Er zijn duizenden rijstsoorten, sowieso onwaarschijnlijk dat deze allemaal hetzelfde smaken. Zilvervliesrijst (witte rijst met het vezelrijke vliesje er nog omheen) mag overigens dan iets meer voedingsstoffen bevatten, persoonlijk vind ik witte rijst lekkerder. Die voedingsstoffen haal ik wel ergens anders vandaan denk ik dan. Jasmijnrijst wordt in Zuidoost-Azië (met name Thailand) geproduceerd en basmatirijst vooral in India (90%). Maar van beiden zijn er varianten, een curieuze variatie op de basmati vindt je in Texas: de texmati.

Voor zowel basmati- als jasmijnrijst loont het de moeite een goed merk uit te zoeken, aangezien bekend is dat er met beide rijstsoorten veel gerommeld wordt. Dat je dure rijst koopt en dan blijkt het gewoon nergens naar te smaken omdat het een mengsel is of gewoon een inferieure rijstsoort. Jasmijnrijst wordt soms bereid met pandanblad (dat dezelfde werkzame stof heeft met de typische geur van jasmijnrijst) om de smaak van de rijst te versterken. Echter soms wordt gewone rijst gearomatiseerd met pandanblad en verkocht als jasmijnrijst. Niet hetzelfde dus. Je zou kunnen zeggen: jasmijnrijst is pandanrijst, maar pandanrijst is niet altijd jasmijnrijst. Het probleem met basmatirijst is dat het verbouwen vaak gepaard gaat met bijzonder slechte arbeidsomstandigheden en grote impact op het milieu. Zelf gebruik ik het merk Tilda, niet het goedkoopste merk, maar een bedrijf dat zich, voor zover ik kan nagaan, inzet voor boer en milieu. Ik eet tenslotte graag smakelijk met een gesust geweten. Tilda is verkrijgbaar bij zowel groothandel als supermarkt.

Phodnicha bhaat (gebakken gekruide rijst)

Phodnicha bhaat (gebakken gekruide rijst)

Continue reading »

aug 102019
 

Hoe moet ik het noemen? De basis is een eenvoudige bouillon van chilibonensaus (toban jiang) met gember en kip. Geïnspireerd op de bouillon die ik altijd zelf maak voor de hotpot. Hotpotten is vooral leuk en gezellig, zeg maar het Chinese equivalent van gourmetten, maar dan anders. Maar het lekkerste van de hotpot vind ik eigenlijk de bouillon aan het eind van de maaltijd. Zelf heb ik een stoomboot met twee vakken, eentje die wordt gebruikt voor vis en eentje voor vlees. Daar ben ik vrij strikt in. Ik vind het prima als iemand vlees in de visbouillon wil gooien, maar andersom is uit den boze. Die visbouillon kan mij dus niet bekoren, maar de andere bouillon, die waar gedurende de maaltijd allerlei groenten en vlees in hebben lopen garen… Die bouillon met een dieprode kleur, warm, pittig en vol van smaak. Die bouillon! Ik besloot een uitgeklede versie (dus zonder sichuanpepertjes en zwarte boontjes) van die bouillon te maken voor een eenvoudig soepje. En tegelijk wilde ik mijn kip pocheren. Dat gaat prima samen. En met de bouillon kun je alle kanten op. Hieronder twee soepjes die warm en pittig zijn, lekker op een stralende dag, maar ook in de winter het waarschijnlijk goed zullen doen.

Chilibonenbouillon met kip, kool en shii-takes

Chilibonenbouillon met kip, kool en shii-takes

Continue reading »

jan 262019
 

Ik speel graag met eten, maar na al die jaren kan één ding mij nog steeds niet bekoren, nl. deeg maken. BroeR daarentegen doet volgens mij niets liever. Dus voor wie graag een eigen deeg maakt voor deze spinazietaart, verwijs ik met alle plezier door naar bijvoorbeeld één van zijn quiches. Qua deeg kies ik vaak de makkelijkste weg, nl. diepvriesplakjes of eventueel een (semi-)verse rol deeg. ‘Een recept voor spinazietaart?’, hoor ik je zeggen. Inderdaad. Het internet met z’n ontelbare foodblogs is er al van vergeven, waarom dan nog eentje. Eerlijk gezegd was ik op zoek naar een makkelijk recept. Ik had van alles in huis, maar bijvoorbeeld slechts één ei en geen melk, room of crème fraîche. En aangezien ik net boodschappen had gedaan, peinsde ik er niet over om de zaterdagsupermarkt nog eens binnen te gaan. Bovendien wil ik helemaal geen room of crème fraîche in mijn taart. En zeker geen drie of vier eieren. Uit mijn studententijd weet ik nog wel dat de meeste hartige taarten eigenlijk verkapte omeletten waren met een deegkorst. Dus, nee, dank je. Ik besloot mijn spinaziehapje als basis te nemen voor de taart. Al enige tijd eet ik twee keer per week dit snelle, lekkere en semi-gezonde groentehapje vooraf aan de maaltijd. Vind je de taart niks, stop dan na stap 4 en geniet van de spinazie en de rest van je maaltijd. Wil je een makkelijke maaltijd, haal dan de plakken deeg maar vast uit de vriezer.

Spinazietaartje

Spinazietaartje

Continue reading »

jun 172017
 

Kaas en India, wellicht niet een combinatie waar je direct aan denkt. Maar kaas bestaat er natuurlijk in vele soorten. De kaas uit India, paneer of panir, is een hele verse kaas en kun je in principe ook gewoon zelf maken. Heel moeilijk is het niet, wel moet je een beetje geduld hebben. En omdat er geen dierlijk stremsel wordt gebruikt, ook geschikt voor vegetariërs. Je neemt een liter volle melk en brengt dat aan de kook. Zet het vuur uit en voegt een of twee eetlepels zuur toe, bijvoorbeeld azijn of limoensap. De melk begint dan te stremmen. Laat het 10 minuten staan en vang het op in een kaasdoek (of een schone theedoek zonder wasgeurtjes). Doe het in een bak, zet er een gewicht op en een paar uur later heb je perfecte paneer. Eventueel in de koelkast een paar dagen te bewaren in vers water. Voeg eventueel een beetje zout toe, maar de smaak van de kaas is natuurlijk heel vlak. Kaas zoals wij die kennen krijgt z’n smaak door te rijpen. Zo’n twintig jaar geleden was bovenstaande manier voor mij de enige manier om een gerecht te bereiden met paneer. Tegenwoordig heeft elke goed gesorteerde toko wel een paar pakjes paneer liggen in de koeling, meestal in de buurt van de tofu. Daar haal ik mijn paneer doorgaans dan ook vandaan.

Het woord ‘paneer’ komt uit de Perzische taal. Wat de herkomst van deze kaas precies is, is nog steeds voer voor discussie overigens. Mogelijk is het te dateren in het begin van onze jaartelling in de regio noordwestelijk van het huidige India. Anderen zien de oorsprong in het Bengalen van de 17de eeuw waar de techniek werd geïntroduceerd door de Portugezen.

Saag Paneer en Paneer Massala

Saag Paneer en Paneer Massala

Mijn eerste kennismaking met paneer was in restaurant Namaskar tegenover Vredenburg in Utrecht, waar we vroeger vaak verzamelden voordat we naar een concert gingen. Ik at er regelmatig saag paneer, oftewel spinazie met kaas. Later maakte ik zelf soms paneer masala, kaas met een kruidige yoghurtsaus. Als je zelf paneer maakt op basis van een liter melk, dan is dat genoeg voor één gerecht. Maak je meerdere gerechten met paneer, dan vind ik het handig om een pakje van de toko te gebruiken. Uiteraard is het om het even, maar het is wel makkelijker, aangezien onderstaande gerechten zelf ook wat tijd nodig hebben. Paneer smelt niet op hoge temperatuur, dus kan prima gebakken of gefrituurd worden. Wel wordt de kaas zacht bij verwarming, waarbij het ‘mondgevoel’ heel anders is dan wanneer de kaas nog koud is. Dat mondgevoel is voor sommige mensen blijkbaar een dingetje, is tenminste mijn ervaring.

Continue reading »

mei 142016
 

Vroeger, voor de tijd van al die verpakte sauspoedertjes in de winkels, toen maakten we sauzen gewoon zelf. Heel snel in 10 minuten met bloem, boter en melk. Toen ik nog niet wist dat een tussenresultaat roux en een eindresultaat béchamel saus heette. Het schijnt dat tegenwoordig veel mensen denken dat roux en béchamel saus moeilijk te maken zijn. Het tegendeel is waar.

Béchamel saus is 1 van de 5 door de beroemde Franse chef Auguste Escoffier geselecteerde en gedefinieerde zogeheten moedersauzen: sauce béchamel, sauce espagnole, sauce veloutés, sauce hollandaise en sauce tomate.

Béchamel saus wordt gemaakt van bijna gelijke hoeveelheden boter en bloem, samengevoegd tot een roux, en melk. In gewicht is de verhouding boter en bloem 5 : 6. De hoeveelheid melk bepaalt vervolgens de dikte van de saus.

reutelnl-stilton-bechamel-saus

Pappardelle is de naam voor lange pasta linten die meer dan 1 centimeter breed zijn. Als het woord echt van het Italiaanse woord pappare afstamt, wat schrokken betekent, zegt dat wel iets over hoe deze pastasoort vroeger werd gegeten. Je kunt het snel imiteren door verse lasagnevellen in linten te snijden. Net echt, zeker als je de extra lange lasagnevellen neemt.

Voor het kleurcontrast verse spinazie als groente.

Continue reading »

apr 242016
 

Omdat ik best veel groente koop, heb ik regelmatig restjes. Vaak net niet genoeg voor een maaltijd, maar in combinatie als soep perfect. Zo maak ik regelmatig heet-en-zure soep, van restjes in wisselende samenstelling, en ook deze spinaziesoep staat met enige regelmaat op tafel. Meestal als lunchmaaltijd, maar je kunt hem ook prima als voorafje eten. Voordeel van deze soep is bovendien dat hij zo klaar is, met een minuut of 15 heb je de soep op tafel staan.

Spinaziesoep

Spinaziesoep

Continue reading »