Pasta alla Norma met ricotta al forno dura

Pasta alla Norma met ricotta al forno dura

Eigenlijk zou, voor een foodblog, de titel ‘pasta alla Norma met aubergine’ moeten zijn. Maar dat is een soort pleonasme; aubergine zit altijd in pasta alla Norma. Het speciale hier is de ricotta al forno dura. En toch, voor mij, ook de aubergine. Een mooie peervormige en donkerpaarse vruchtgroente, dat zeker. Ook wel bekend als eierplant, naar de Engelse naam eggplant. De jonge vrucht ziet er inderdaad uit als een groot en erg wit ei.

Pasta alla Norma is ontstaan op Sicilië. Vernoemd in het begin van de vorige eeuw naar de opera Norma, in 1831 gecomponeerd door de Siciliaan Catania Vincenzo Bellini. Daarvoor heette het gerecht waarschijnlijk gewoon pasta con le melanzane, pasta met aubergine. Niets bijzonders eigenlijk.

Er staan op dit blog al flink wat gerechten met aubergine, maar die zijn niet van mij. De medeblogger meldde veel eerder al dat hij zelf liefhebber is, maar dat hij diverse mensen kent die aubergine maar niets vinden. Daar ben ik er 1 van. Het mondgevoel is helemaal verkeerd. Die mening wordt bevestigd door een marktonderzoek uit 2012. Consumenten meldden toen ook nog als associatie met aubergine onder andere ‘bah, niet lekker/vies’ [1]. Gekookt of gestoomd blijven het dingen met een nare textuur en neutrale smaak. Niet voor niets wordt aubergine veelal gemarineerd, om smaak toe te voegen. Maar dat helpt niet echt voor de textuur. Bakken levert al een beter verteerbaar resultaat op, vaak door de plakken of reepjes eerst in bloem of paneer te dompelen, maar het is nog steeds niet super.

Pasta alla Norma is beroemd. De daarin gebruikte aubergines worden vaak gebakken, maar kunnen ook worden gefrituurd. Nu eten we nooit aubergines en frituren we ook niet. Maar in de wiskunde is -1 x -1 gewoon een positieve 1. Gewoon proberen dus, als experiment. Kijken of 2 negatieve dingen toch tot 1 positief gerecht kan leiden.

Het experiment in ieder geval al vast positief en met vertrouwen ingestoken. Een van de medeblogger gekregen ricotta al forno dura gebruikt, in de oven gebakken ricotta. Die is lang niet overal te koop, dus dat geschenk moeten we wel koesteren en goed gebruiken.

De heel speciale ricotta al forno dura:
een 8e deel van een ronde ricotta wei-kaas uit de oven.

Ricotta, een wei-kaas, gebruiken we vooral als verbindingsmiddel in quiches of hartige taartjes. Ricotta al forno is van een heel andere orde. Een fenomenaal kaasje. Subtiel van smaak; op een kaasplankje een start kaasje. Ricotta al forno is een schapen ricotta uit Sicilië, die wordt gedroogd, met zout bestrooid en daarna lang in de oven wordt gebakken. De toevoeging dura zal slaan op een nog langere tijd in de oven dan anders, waarschijnlijk bij lagere temperaturen. De bruine korst heeft een wat sterkere smaak. Gebakken ricotta is totaal anders van smaak en textuur dan de zachte verse ricotta, en bovendien wel te raspen. Die rasp gaat over deze maaltijd.

Lees Meer Lees Meer

Sopa de Ajo – Spaanse knoflooksoep

Sopa de Ajo – Spaanse knoflooksoep

In al die jaren dat ik soep maak, ik schat gemiddeld 52 keer per jaar, had ik tot voor kort nog nooit een knoflooksoep gemaakt. Wel gegeten, maar nooit gemaakt. Wat op zich best gek is, aangezien ik verzot ben op knoflook.

Veel mensen houden van knoflook, maar een significant deel van hen roept dan wel meteen ‘knoflooksaus!’. Daarmee doen ze deze veelzijdige groente duidelijk te kort. Het is een belangrijke smaakmaker in veel gerechten, maar wordt vooral geroemd vanwege zijn sterke smaak. Verse knoflook is scherp, maar geroosterde knoflook is bijvoorbeeld heel zacht en ietwat zoetig van smaak. Ook knoflooksoep smaakt anders dan veel mensen zouden verwachten.

Sopa de ajo is afkomstig uit de Spaanse regio Castilië en León. Knoflook is een belangrijk ingrediënt in de Spaanse keuken en Spaanse knoflook kun je zelfs bij de Zaanse grootgrutter verkrijgen. De meeste knoflook in Nederlandse supers is echter afkomstig uit China en kenmerkt zich door de scherpe smaak. Persoonlijke favoriet is Lautrec, met het paarse velletje, komt uit Frankrijk en is alleen een paar maanden in het jaar verkrijgbaar. De Argentijnse paarse knoflook wordt dan vaak als alternatief aangeboden.

Naast knoflook is gerookt paprikapoeder, pimenton, een belangrijk ingrediënt in deze knoflooksoep. De beste pimenton komt uit Vera in Andalusië: pimenton de la Vera. Er zijn drie varianten, elk van een andere variëteit of een combinatie van variëteiten, maar vooral verkrijgbaar zijn ‘pikant’ en ‘zoet’. Meestal wordt sopa de ajo bereid met de zoete variant, maar als je van pittig houdt, dan kun je gerust de pikante versie gebruiken.

Ik was wat huiverig voor het gebruik van brood als bindmiddel, maar daar kwam ik na het eerste bord soep van terug. We hebben een nieuwe soep in het repertoire!

Lees Meer Lees Meer

Parker House rolls: aparte hotelbroodjes uit Boston

Parker House rolls: aparte hotelbroodjes uit Boston

Parker Hotel, gestart in 1855, is vernoemd naar de oprichter Harvey D. Parker. Door een truc is het hotel het oudste continu in bedrijf zijnde hotel van de U.S.A. Tijdens een grote verbouwing en uitbreiding bleef een klein deel van het oude hotel open. Dat ging pas dicht toen het nieuwe hotel open ging. Et voilà.

Parker Hotel was het eerste hotel met warm en koud stromend water (in Boston). Het was ook het eerste hotel met een lift. De noviteiten stopten daar niet. Het woord scrod is er bedacht, Boston scrod, jonge witvis, het beste visvlees van de dag. Een mogelijke oorsprong van dat nieuwe woord scrod is het Middelnederlandse woord schrode, later schrood, wat zoiets als stukken eraf gesneden betekent. Bij ons overleefde het als schroot, metaalafval. Meteen al in 1855 ontstond er volgens het hotel de Boston Cream Pie, een biscuit cake gebakken in een pie pan. Het is een gele boter-cake, gevuld met custard of room en met een topping van glanzende chocolade.

De aparte broodjes, de Parker House rolls, werden naar verluidt bedacht door de Duitse kok Ward He in het midden van de jaren 1870, toen John Bonello chef van de keuken was. Het broodje kreeg naam en faam, ook al door de tal van beroemdheden in het hotel verbleven. Al snel verschenen recepten voor de broodjes in kookboeken. Ook Amerika’s beroemste kok in die tijd, Fannie Farmer, schreef een recept op in haar fameuze kookboek Boston Cooking-School Cook Book uit 1896. Apart kookboek ook, want in het voorwoord meldt ze dat het niet alleen een compilatie van beproefde recepten is, maar dat het mogelijk een interesse opwekt door de ‘gecondenseerde wetenschappelijke kennis die kan leiden tot diepere gedachten en een bredere studie van wat te eten’.

Parker House rolls is daarmee in 1896 al een beproefd recept. Dat zou Farmer dan zelf gededuceerd moeten hebben, want het hotel gaf het recept pas vrij in 1933. Het lijkt erop dat ze de aparte vorm heel goed kende, maar een gewoon broodjes recept gebruikte. Farmer gebruikt wel melk maar geen eieren. Het hotel gebruikt(e) naar verluidt geen melk maar kraanwater. Na het dubbelvouwen van het deeg smeerde Fannie Farmer alleen de zijkanten van de onderste helft van het deeg in met boter. Het hotel meldt, alle deeg insmeren. Subtiele verschillen, wat niets afdoet aan de speciale vorm.

Dubbelgevouwen deeg dat is ingesmeerd met gesmolten boter levert broodjes op die knapperig zijn van buiten en zacht van binnen: Parker House rolls.

Lees Meer Lees Meer

Okonomiyaki, da’s tenminste nog eens een pannenkoek

Okonomiyaki, da’s tenminste nog eens een pannenkoek

Ik bekende onlangs aan de bloggende BroeR dat ik al zeker 14 jaar geen pannenkoeken had gebakken. Het was mijn antwoord op zijn feestelijke mededeling dat hij op het punt stond pannenkoeken te gaan eten, thuis welteverstaan. Ik kreeg gelijk zin in een spekpannenkoek met stroop.

Toeval of niet, ik had die middag in de toko een fles Kewpie, Japanse mayonaise, gekocht. In eerste instantie om Vietnamese pizza’s voor twee pubers te maken, maar terwijl ik de fles kewpie pakte, viel mijn oog op de fles met okonomiyakisaus. Japanse pannenkoek, dat ging ik maken! Al jaren op het to do-lijstje, maar ik was er altijd een beetje huiverig voor, voor zover dat kan bij eten. Ik liet de fles saus op het schap staan, want die maak je net zo makkelijk zelf. Scheelt bovendien ruimte in de koelkast.

Okonomiyaki is een Japanse hartige pannenkoek, die in tegenstelling tot onze pannenkoek meestal gevuld is. Het gerecht is ergens in de eerste helft van de twintigste eeuw ontstaan, maar werd echt populair na de Tweede Wereldoorlog toen er een groot tekort aan rijst was en er behoefte ontstond aan goedkoop en voedzaam eten. De naam van het gerecht betekent ‘gebakken zoals je wilt’ en geeft al aan dat de ingrediënten variëren.

De pannenkoek is net zoals bij ons gemaakt van een beslag van bloem, maar met allerlei ingrediënten als vulling en/of topping. Ingrediënten zijn meestal Chinese kool en vlees, garnalen of vis. Oorspronkelijk wat er feitelijk voor handen was. De okonomiyaki wordt gebakken op een bak- of grillplaat, de teppan, maar kan thuis ook gewoon in een koekenpan worden bereid. Het is dan zelfs iets makkelijker.

Er zijn talloze varianten, maar de populairste zijn de versies uit Kansai en Osaka en die uit Hiroshima.

Osaka-versie

De Osaka-versie van okonomiyaki wordt in heel Japan gegeten. Het beslag wordt gemaakt van bloem, geraspte yam, dashi, eieren en geraspte kool. Daarnaast worden ingrediënten gebruikt als lenteui, varkensvlees (meestal buikspek), garnalen, inktvis, octopus, groenten of kaas. Alle ingrediënten worden gemengd en vervolgens wordt de pannenkoek aan beide zijden gebakken. Het varkensvlees wordt meestal bovenop gelegd en vervolgens meegebakken. Na het bakken worden de toppings aangebracht.

Hiroshima-versie

In de jaren vóór de Tweede Wereldoorlog werd in Hiroshima een dunne pannenkoek gebakken die bedekt werd met lenteui en bonito-vlokken of garnalen. Deze Issen yōshoku was in de directe nadagen van de oorlog met de grote voedselschaarste een eenvoudig te bereiden maaltijd.

In de Hiroshima-versie bestaat de okonomiyaki uit lagen, meestal beslag, kool, varken en yakisoba (gebakken noodles). Bovenop de toppings zoals ze die ook bij de Osaka-versie worden gebruikt.

Het is niet moeilijk voor te stellen dat er heel veel variaties mogelijk zijn.

Lees Meer Lees Meer

Carnaroli risotto met gebakken wortels en kipfilet

Carnaroli risotto met gebakken wortels en kipfilet

Het is herfst en de wintertijd heerst op de klok. Al tijdens het avondeten leven we bij kunstlicht. En dat is te zien op de foto’s.

Carnaroli wordt wel de koning van de risotto-rijsten genoemd. Daar kan je natuurlijk over twisten, maar dat deze risotto soort lekker is staat buiten twijfel. Naar verluidt behoudt Carnaroli zijn vorm beter dan andere risotto soorten tijdens het kookproces, en wel omdat het meer amylose bevat, een polymeer van honderden tot duizenden glucosemoleculen. Het zal zo zijn, maar eigenlijk hebben we bij andere risottosoorten niet gemerkt dat die uiteenvallen. Wij kiezen risotto toch meer om de smaak. Ze worden allemaal smeuïg, een beetje minder strakke vorm is geen probleem. We hebben deze koning altijd in huis, dat dan weer wel.

Wortels zijn wel een dingetje in ons huishouden. Gekookt is een deel er geen liefhebber van. Een maaltijd met wortels leidt daarom altijd tot verschillen: een deel eet ze rauw en een deel eet ze gekookt. Een mooie middenweg is ze bakken in roomboter. De wortels blijven een beet houden (à la rauw) en zijn toch gaar (à la gekookt), maar ze zijn toch anders van smaak. Lekker door de risotto.

Deze keer dus gekozen voor wat volgens velen de beste rijst ter wereld is, met wortels en kip, en wat smaakmakers.

Lees Meer Lees Meer

Vijfkruiden-kip uit de oven

Vijfkruiden-kip uit de oven

Vijfkruidenpoeder is een Chinees mengsel van specerijen. Meestal vijf, maar soms ook zes of zeven. Het heet dan typisch genoeg nog steeds vijfkruidenpoeder. De meest gebruikelijke combinatie bestaat uit kruidnagel, Sichuanpeper, venkel, steranijs en cassia (ook wel Chinese kaneel genoemd). Het kan worden gebruikt voor allerlei gerechten, bijvoorbeeld het marineren van varkensvlees of kip, hoewel je natuurlijk ook gewoon de losse specerijen kunt gebruiken. Het is een soort van gemakscombinatie van de smaken zoet, zout, bitter, zuur en umami. Gebruik met mate, want de smaken zijn sterk.

Als vijfkruidenpoeder uit meer dan vijf specerijen bestaat, dan zijn de toevoegingen bijvoorbeeld anijszaad, nootmuskaat of gemberwortel. In het zuiden van China bestaat vijfkruidenpoeder uit een andere combinatie van specerijen en wordt kruidnagel vervangen door de gedroogde schil van de mandarijn.

Cassia of kaneel?

De meeste mensen zullen de naam cassia niet herkennen, hoewel ze het misschien gewoon thuis hebben staan. Cassia wordt namelijk vaak verkocht als kaneel, terwijl dat het niet is. Sterker nog, de smaak van cassia en kaneel verschillen van elkaar. Cassia smaakt scherper en meer bitter. Dat wordt veroorzaakt door de stof coumarine. Bovenal is cassia minder aromatisch. Kaneel daarentegen is subtieler van smaak en warmer.

Kaneel en cassia zien er ook verschillend uit. Kaneel komt van de Cinnamomum Verum en cassia van de  Cinnamomum Cassia. Zowel kaneel als cassia wordt gemaakt van de bast van de desbetreffende boom. De Cinnamomum Verum groeit alleen in Sri-Lanka, wat vroeger Ceylon was, en de daarvan afkomstige kaneel staat ook wel bekend als Ceylonkaneel. De Cinnamonum Cassia groeit onder andere in China en de gedroogde bast staat daarom ook wel bekend als Chinese kaneel. De bast van de kaneelboom is echter veel dunner dan de bast van de cassiaboom.

Repen van de bast van de kaneelboom worden bij het drogen op elkaar gelegd, waarna de repen krullen. Een gedroogd kaneelstokje bestaat dus uit meerdere lagen van bast. De bast van de cassiaboom is een flink stuk dikker en het cassiastokje bestaat dan ook uit één laag bast, die ook veel harder is na het drogen.

Dus, omdat cassia uit China komt, gebruik je voor vijfkruidenpoeder cassia en geen kaneel. Koop je een kant-en-klaar potje, dan zal er ook ongetwijfeld cassia inzitten, aangezien deze veel goedkoper is dan het enkel op Sri Lanka geteelde kaneel. Net zoals veel gemalen kaneel waarschijnlijk gewoon cassia is. Niemand ziet het immers het verschil…

Lees Meer Lees Meer

Balkenbrij met rode ui, halloumi en tattie scones

Balkenbrij met rode ui, halloumi en tattie scones

Balkenbrij wordt traditioneel gemaakt van slachtafval van het varken van (kop, organen), boekweitmeel, bouillon en het speciale rommelkruid. Zoals de naam al zegt, rommelkruid is een rommelige mix van waarschijnlijk overgebleven kruiden. Er kunnen 5 ingrediënten zijn gebruikt, maar er zijn ook samenstellingen met een kleine 20 ingrediënten. Rommelkruid is wel naar een bepaalde samenstelling geëvolueerd in het geval van het gebruik in balkenbrij. Voeg je er nog als extra het rode sandelhoutpoeder aan toe dan kan je met rommelkruid Rotterdamse kruidbroodjes maken.

Orgaanvlees eten was vroeger normaal. Ook wij zijn opgevoed met kippenlevertjes en echte darmen om worsten. Niertjes was niet onze favoriet. Ons oude schoolhoofd at schapenhersenen, die stap hebben wij nooit hoeven maken. Wel rundertong, heel af en toe kalfszwezerik en veel vaker varkensbloedworst. Die laatste maakte onze grootmoeder ook zelf, in november na de slacht van een varken. En daarmee stond ook hoofdkaas op het menu. Onze wat verder weg slagerij had het allemaal ook gewoon in de winkel.

In onze Engelse tijd stond Schotse haggis met enige regelmaat op tafel: schapenmaag gevuld met vermalen hart, long en lever, gemengd met niervet en havermout. Ongekend lekker. In Nederland wordt orgaanvlees verwerkt in balkenbrij. Ook ongekend lekker. Orgaanvlees, we groeiden ermee op en eten het nog steeds.

Maar echt lyrisch zijn we dus over balkenbrij. En dan met name de varianten uit Salland en het noordwestelijk deel van De Achterhoek. Balkenbrij is streek- en seizoensgebonden. Traditioneel gekoppeld aan de slachtmaand november. Tegenwoordig kun je de maanden ervoor en erna ook balkenbrij kopen. Na februari is het wel zoeken als naar een speld in een hooiberg.

Niet iedereen is overigens net zo lyrisch over echte balkenbrij, gek genoeg. In de Zweedse stad Malmö was van eind 2018 tot en met begin 2019 een tijdelijk museum geopend: het Disgusting Food Museum, waar bezoekers onsmakelijk eten konden zien en proeven. Naar verluidt mochten ook Nederlanders namen van gerechtjes inzenden. Balkenbrij en kruudmoes waren daarbij. De inzending van balkenbrij is natuurlijk onbegrijpelijk. De inzending van kruudmoes, een mengsel van gort, karnemelk, spek, rookworst, rozijnen en verse kruiden, ondersteun ik echter van harte. Zoals eerder geschreven, kruudmoes heb ik slechts één keer gegeten en daarna uit eigen keuze nooit meer.

Als we in de buurt van Salland zijn in het laatste kwartaal van het jaar, dan kan er balkenbrij gekocht worden. Diepvriestas mee met een bevroren koelelement erin, zodat op de terugweg de gekochte balkenbrij koud blijft. Rest alleen nog een maaltijd voor de volgende dag te bedenken.

Dit keer de balkenbrij laten vergezellen door rode ui, halloumi en tattie scones.

Lees Meer Lees Meer

Soto ayam, Javaanse kippensoep

Soto ayam, Javaanse kippensoep

Soto ayam is geen soepje voor vooraf, maar een maaltijdsoep, vullend en verwarmend. Ideaal voor een frisse herfstdag.

Een van de smaakmakers is de kemirinoot. Verkrijgbaar bij elke toko. Kemirinootjes worden in Nederland vooral geassocieerd met de Indonesische en Indische keuken. Typisch genoeg komt de kemirinoot in veel tropische landen voor. Zoveel zelfs dat niet is na te gaan wat de oorsprong is, al zijn de oudste gevonden sporen van gecultiveerde kemirinoten op de Indonesische eilanden.

De kemirinoot groeit aan de Aleurites moluccana, ook wel bekend als de candleberry, een verwijzing naar de Engelse naam voor de noot, de candlenut. De kemirinoot bevat zoveel olie dat deze kan branden. De noot heeft overigens meer toepassingen, zoals op Hawaï waar verkoolde kemirinoten een grondstof vormen voor inkt voor tattoos. Ook in allerlei andere landen worden de noten gebruikt voor non-culinaire doeleinden. Op Hawaï is de kemirinoot trouwens een belangrijk onderdeel van de traditionele poke van rauwe vis.

De noot lijkt gepeld op de macademianoot, maar daarmee houdt de gelijkenis op. Rauw is de kemirinoot licht giftig, dus deze moet eerst gepoft worden of vermalen en gebakken. In Indonesië en Maleisië wordt de noot vooral gebruikt als bindmiddel in stoofgerechten als curries, maar ook als smaakmaker in soepen.

Lees Meer Lees Meer

Decadent maar lekker: Philly Cheesesteak Cookies

Decadent maar lekker: Philly Cheesesteak Cookies

We eten regelmatig broodjes met vulling, veel vulling. En ook al hebben we onze favorieten, we lopen toch een soort van lijst af van wereldbroodjes. Noem het een sandwich wereldreis die al vele jaren duurt. De medeblogger helpt ons ook met zijn recepten van gevulde broodjes die we nog niet hebben gegeten.

De eigen zoektocht naar een authentiek recept voor Philly Cheesesteak Sandwich was net gestart, toen de medeblogger dat recept recent uitlegde op Reutel. Reepjes rundvlees en gebakken ui in een oorspronkelijk langwerpig zacht broodje. Met echte kaas (provolone) of nepkaas (American cheese of zelfs uit een fles, Cheese Whiz!).

Tijdens het zoeken naar een authentiek recept kwam dat koekje langs: Philly Cheesesteak Cookie. Eerst genegeerd maar het bleef in mijn gedachten. Gepubliceerd door Cooking Channel en bedacht door Cookie Confidential (in 2013?). De web-site mag je in Nederland niet bekijken. Via Google cache echter wel. Handig, die truc van Google.

Een Philly Cheesesteak Cookie is een soort van mix van de sandwich en een koekje. Een hartige sandwich in koekjes vorm, zoals de kaas paprika biscuits, maar dan met meer ingrediënten en minder luchtig. Hartige koekjes zonder suiker. Met als speciaal ingrediënt, beef jerky.

Beef jerky is de Amerikaanse versie van gedroogd vlees. Vermoedelijk is vlees drogen de oudste manier om vlees te kunnen bewaren, voordat de mensheid het vuur ontdekte om maaltijden te maken. Gedroogd vlees is op alle plekken op de aardbol te vinden. Jerky is wel apart: het bevat geen tot bijzonder weinig vet. De naam komt van het woord ch’arki, uit de taal van het Quichua volk uit de Andes, en betekent droog, gezouten vlees, van alpalca’s of lama’s waarschijnlijk. Jerky wordt op een lage temperatuur gemaakt. Beef jerky uit de VS bevat wel wat smaakstoffen, zoals appelciderazijn, ananasconcentraat, gedroogde knoflook, gedroogde ui, zwarte peper en zeezout. Men adverteert het als een snack die je zonder schuldgevoel kan eten.

Lees Meer Lees Meer

San Bei Ji, Three Cup Chicken

San Bei Ji, Three Cup Chicken

Sanbeiji (ook geschreven als San Bei Ji) komt oorspronkelijk uit China en wel uit de provincie Jiangxi. Het betekent ‘Drie kopjes kip’, oftewel ‘Three Cup Chicken’ zoals het vooral bekend is in de westerse wereld. Het slaat op de verhouding sesamolie, sojasaus en rijstwijn, nl. 1:1:1. Dat er sprake is van een kopje, geeft al aan dat in principe gaat om een grote hoeveelheid vlees, waarschijnlijk een hele flinke kip.

Echter geen van de recepten die je zult tegenkomen op het internet laat je echter zulke grote hoeveelheden gebruiken. De meeste recepten hebben zelfs andere verhoudingen dan de genoemde 1:1:1. Het staat ieder dus vrij om het gerecht naar smaak aan te passen.

Het gerecht werd door de Hakka, een van de etnische bevolkingsgroepen in China, geïntroduceerd in Taiwan, waar het heel populair werd. Het verschil tussen de Chinese en Taiwanese versie is het gebruik van Thaise basilicum in Taiwan in plaats van lenteui. Zo maak ik tenminste op uit de wirwar van recepten op het internet. En ja, weer zo’n recept waar elk huishouden zijn eigen draai aangeeft. De grote overeenkomst is het gebruik van een aardewerken pot. Maar als goede tweede is daar de vertrouwde wok.

Thaise basilicum heb ik nooit in huis als ik het nodig heb. Heb je wel Thaise basilicum in huis, dan voeg je de blaadjes aan het eind toe, niet eerder.

In tegenstelling tot de meeste kipgerechten die ik maak, gebruik ik voor Sanbeiji kipfilet, waar kippendijen gebruikelijker zijn of zelfs kippenvleugels gebruikt worden. Ik doe dat vooral om een wat minder vet gerecht te krijgen.

Aziatische sesamolie is geroosterd en niet geschikt om te bakken. Het verbrandt snel. Europese sesamolie is niet geroosterd en kan daardoor beter tegen hogere temperaturen. Gebruik je toch Aziatische sesamolie, zoals ik, hou de temperatuur dan laag. In een wok bereik je makkelijk en snel hoge temperaturen, hou daar rekening mee. Gebruik eventueel een kleine koekenpan.

Lees Meer Lees Meer