Archief van
Auteur: Damten

Als Chinezen een plaattaart zouden maken …

Als Chinezen een plaattaart zouden maken …

Ken je dat? Het is in de aanbieding en vervolgens ligt het een tijd in je koelkast omdat je niet weet wat je er mee gaat doen. Een rol verse bladerdeeg in dit geval. Iets wat ik eigenlijk zelden in huis haal. Duizenden recepten op het internet als oplossing, maar daar had ik nou net allemaal geen zin in.

Ik heb dat wel vaker met reclames. Iets kopen wat ik weinig gebruik, of soms zelfs  nooit eerder heb gebruikt, maar waar ik uiteindelijk toch iets mee moet doen. Of iets wat ik gewoon niet ken, vooral in toko’s. Iets kopen wat je niet kent, is over het algemeen best veilig. Zeker als je je boodschappen in een supermarkt koopt. Echt rare dingen verkopen ze daar niet. In toko’s daarentegen … Dat ben ik door schade en schande wat voorzichtiger geworden, zeker als de bediening geen Nederlands of Engels spreekt. Of erger, ook niet weet wat het precies is.

Zou ik iets zoets maken, met appel? Nah. Iets met groente? Ui? Tomatensaus? Gorgonzola? Een soort bladerdeegpizza. Ook geen idee waar ik echt warm van werd. Misschien een andere keer. Er lag gehakt in de koelkast. Eigenlijk bedoeld voor de tteokbokki. Mijn keuken is ingericht op Chinees, Indisch en Indiaas eten. Daar moet ik toch wat mee kunnen zonder dat ik uren loop te piekeren wat ik ga doen.

Freestyle dus. Gehakt met een aantal typisch Chinese ingrediënten als vijfkruidenpoeder, sojasaus, knoflook, lenteui en een lepeltje hoisinsaus. Puristen zullen wellicht flink fronsen over de combinatie met bladerdeeg. Toch zijn Chinezen niet onbekend met deeg. Bladerdeeg zoals wij kennen ze volgens mij niet, maar wel varianten. Het gebruik van reuzel helpt daarbij dacht ik, maar daar moet ik nog eens induiken.

Het resultaat mocht er wezen. De taart, laten we het voorlopig zo noemen, ging er bij ieder snel in. Verrast door de zoete smaak van de hoisinsaus en de specerijen. In combinatie met het knapperige bladerdeeg bleek het een verrassende snack.

Of ik de volgende keer weer een rol bladerdeeg wilde halen als ik boodschappen deed.

Lees Meer Lees Meer

Ajam smoor met kippenmaagjes

Ajam smoor met kippenmaagjes

Eens per jaar ga ik mij te buiten aan een flink diner en bijbehorende lunch. Dat wil zeggen het bereiden, niet het eten. Elk jaar is er bij mijn sportclub een toernooi met tientallen deelnemers, vaak komend van ver. Aanvankelijk verzamelden na afloop van alle wedstrijden de liefhebbers zich bij de plaatselijke Chinees, tot ik het idee lanceerde om zelf iets te organiseren.

Bij gebrek aan een keuken werd dat het eerste jaar een barbecue, met naast de standaard vleeskeuzes (van de eigenaar van de barbecue mocht er geen vis of garnalen op bereid worden) verschillende salades. Ik kan mij niet veel herinneren van die eerste keer, behalve uiteraard dat diverse mannen zich deskundig naast de barbecue hadden opgesteld om te bespreken op welk moment die hamburger nou wel of niet omgedraaid mocht worden. De ‘wetenschap’ van het barbecuen is aan mij niet besteed. Wat ik mij wel herinner is dat de komkommersalade helemaal op ging. De tijgersalade met vooral veel koriander vond ook gretig aftrek.

Die barbecue was leuk, maar in mijn ogen wat saai en weinig uitdagend. Zo organiseerde ik de jaren daarna onder andere een buffet met verschillende Indiase curries, een Mexicaans buffet met veel verschillende bonen- en kipgerechten en ondermeer een lekkere frisse uiensalade en een buffet met allerlei Sichuan gerechten. Het eten wordt dusdanig op prijs gesteld dat sommigen zich al niet meer inschrijven voor het toernooi, maar enkel voor de maaltijd. En dat pleziert de kok uiteraard.

Dit jaar was het thema Suriname, met onder andere geroosterd varkensvlees, vijfkruidenkip, petjil, tjap tjoy en Tjauw Min. Voor de lunch waren er diverse Surinaamse puntjes: bakkeljauw, tonijnsalade, massala-eieren en ajam smoor. Allemaal met de optionele peper en zuur uiteraard.

Voor de ajam smoor koos ik dit keer niet voor de standaard kippendijen, maar voor kippenmaagjes. Hoewel het ingewanden zijn, zijn kippenmaagjes niets anders dan spiervlees. Dat betekent dat je ze lekker lang moet stoven om ze boterzacht te krijgen. Dat ik kippenmaagjes heb gebruikt, vertelde ik er niet bij, want wat een boer niet kent, dat vreettie niet. Zo heb ik de gemiddelde eter intussen wel leren kennen. Vertel je niet wat ze gaan eten, dan vinden ze het bijna allemaal lekker is mijn ervaring. Vertel je wat ze gaan eten en kennen ze het niet, dan haken ze echter vaak af en kiezen voor iets anders. Zo was de bakkeljauw vooral populair bij de kenners en een paar durfallen, maar vloog de gesmoorde kip de deur uit. Het was zelfs als eerste op. Ik moest meerdere mensen teleurstellen, maar die schakelden vervolgens over op de masala-eieren, toen ze erachter kwamen dat dit gewoon kerrie-eieren waren. Wat een boer niet kent in de praktijk gebracht én gelogenstraft!

Al met al zijn de gesmoorde kippenmaagjes heel makkelijk te maken. Maak ook gewoon een flinke pan en vries een aantal porties in. Lekker ook als je een keer een rijsttafel wilt maken.

Intussen broed ik al op het thema voor volgend jaar. Wordt het Indisch, Koreaans of misschien wel Japans? Ik heb nog 11 maanden voorpret …

Lees Meer Lees Meer

Pastasalade met Italiaanse saucijs en gochujang

Pastasalade met Italiaanse saucijs en gochujang

De zomer dient zich aan en dan is het tijd voor frisse en makkelijke maaltijden die je ruim van te voren klaar kunt maken. Vooral praktisch als de zon in de middag vol op je keuken staat.

Nu ben ik met warm weer altijd wel te porren voor broodjes. Lekker met snel geroerbakte biefstuk of een ei in de vorm van een burger. Maar soms is het zo warm dat zelfs een eitje bakken een te grote inspanning is.

Wie dicht bij huis wil blijven maakt ’s ochtends een degelijke huzarensalade of eentje met een frisse toets. Ook lekker als bijgerecht mocht er een barbecue staan te gloeien. Wie echt rustig aan wil doen kiest voor een pastasalade. Daar kun je overigens van hartenlust mee experimenteren. Vers gesnipperde rode ui doet over het algemeen al wonderen bij een pastasalade of misschien wel bij elke salade.

Als ik inspiratieloos ben, open ik meestal mijn koelkast en bekijk nog eens wat ik allemaal in de bovenste schappen heb staan. Daar staan de potjes en bakjes pasta’s, mosterd, sambals, sauzen en meer. Soms verdwijnt een potje of bakje wat naar de achtergrond en raakt het uit het zicht. Op zich geen enkel probleem, want de meeste van die potjes en bakjes bevat voedsel dat lang houdbaar is, niet zelden gefermenteerd. Zoals de Koreaanse peperpasta gochujang, een geweldige smaakmaker. En helemaal niet zo pittig als de naam misschien doet vermoeden, wanneer tenminste met beleid gebruikt. De standaard gochujang bevat chili-poeder, (kleef)rijstmeel, gefermenteerde sojabonen en zout. De smaak is spicy en hartig, maar met een zoete toets. Dat laatste maakte het verrassend en de gochujang leent zich goed om te combineren met bijvoorbeeld een tomatensaus. De associatie met pasta is dan snel gemaakt. Je kunt een beetje gehakt toevoegen, maar nog lekkerder is om twee Italiaanse saucijsjes (salsiccia) te gebruiken. Een typerende smaakmaker van dergelijke worstjes is venkelzaad. Je kunt bij gebruik van gehakt zelf natuurlijk ook een halve theelepel venkelzaad licht roosteren en fijnmalen.

Lees Meer Lees Meer

Broodje kabeljauw in ketjapsaus

Broodje kabeljauw in ketjapsaus

‘De vis wordt duur betaald’ hoorde ik laatst een licht mopperende mevrouw zeggen bij de visboer. Vis is inderdaad niet goedkoop, de prijs voor vis is de afgelopen jaren snel opgelopen. Toch slaat de uitdrukking niet op de prijs van vis, maar op de prijs die voor de vis soms wordt betaald. De uitdrukking komt uit het toneelstuk ‘Op hoop van zegen’ van Herman Heijermans. Het stuk uit 1900 kreeg eind vorige eeuw opnieuw bekendheid dankzij de verfilming uit 1986 met Kitty Courbois. De eerste verfilming was overigens al in 1918 en er zouden er meerdere volgen. En in 2008 gevolgd door de onvermijdelijke musicalversie. Ik weet niet wat Heijermans daarvan gevonden zou hebben. Zijn stuk is een hoogtepunt van het Realisme, iets wat van musicals natuurlijk niet gezegd kan worden.

De titel Op hoop van zegen verwijst naar de vissersboot met die naam waarop de vissersweduwe Kniertje, die ook twee zoons aan de zee verloren heeft, haar beide nog levende zonen aan laat monsteren. De boot vergaat echter. Hele generaties verloren hun leven op zee.

Je kan ’t je eerst niet voorstelle – maar na zoveel jare weet je d’r gezichte niegoed meer – en daar dánk je God voor. Want hoe erreg zou ’t niet zijn as je de herinnering hield. Nou heb ‘k óok me vertelsel gedaan – elleke zeemansvrouw het zo ies in d’r femilie – ’t is geen nieuwigheid – Truus het gelijk: de vis wordt duur betaald.”

De term ‘op hoop van zegen’ verwijst overigens ook naar de overeenkomst dat de bemanning alleen betaald kreeg als de vangst voldoende was.

Minder bekend is het hitje (hier te luisteren) dat de legendarische Dolf Brouwers had samen met Manke Nelis. Hun versie was eigenlijk een cover van Au fond du temple uit de opera De Parelvissers uit 1863 van de Franse componist Georges Bizet. Het duo lifte mee op het succes van de film van twee jaar eerder. De toon van het lied is uiteraard wat luchtiger, maar met een tragische noot.

Scheepjes varen af en aan
En op de kade pinkt een vrouw een traan
Want de vis wordt duur betaald
Als hij uit de zee wordt opgehaald

Terug naar de vis. Kabeljauw wordt over het algemeen gewaardeerd door zijn zachte en subtiele smaak. In ieder geval door mij. De stevige moten lenen zich goed voor verschillende gerechten, waaronder op een broodje. Dit keer gebaseerd op de Indonesische keuken.

Lees Meer Lees Meer

Lo Mein – Noedels waar je alle kanten mee op kunt

Lo Mein – Noedels waar je alle kanten mee op kunt

Het verschil tussen Lo Mein en Chow Mein is niet altijd even duidelijk. Mij in ieder geval niet, maar voor het internet ook niet. Voor beide gerechten worden tarwenoedels gebruikt. Soms vers, soms gedroogd. Maar soms ook eiernoedels, die voor de duidelijkheid van tarwe zijn gemaakt. Voor beide gerechten worden dezelfde ingrediënten gebruikt. Van groenten tot eiwitten tot de saus. Het verschil is vooral zijn dat de Chow Mein ‘crispy’ gebakken hoort te worden en de Lo Mein niet. Maar dat blijkt volgens het internet lang niet altijd het geval. Op zich zou mij dat niet mogen verbazen. Hoeveel Chinese recepten je tegenkomt die beginnen olijfolie als ingrediënt … Verder lezen heeft dan niet zoveel zin. Totdat bevestigd wordt dat Marco Polo voor nazaten heeft gezorgd tijdens zijn reis en er al eeuwenlang een Italiaanse enclave is diep in de Chinese binnenlanden.

Dat verschil in hoe de noedels bereid worden is wel typisch voor de Chinese keuken, waarin veel subtiele verschillen zitten in de bereidingswijzen. Zoals textuur een belangrijk element is veel ingrediënten, of de wisseling in textuur. Die subtiliteit gaat veelal verloren in de westerse keukens en al helemaal op het internet. Echt wokken doe je op hoog vuur, iets wat onze fornuizen niet aankunnen, en … met een wok. Maar ja, in mijn keuken past geen grote gasbrander, al wil ik elke keer bij de groothandel graag verlekkerd staan kijken bij zo’n brander. Helaas dus, het is behelpen. Ik doe dat met mijn wok met platte bodem. Voor puristen is dat vloeken in de kerk, maar met twee kleine versie kan ik twee gerechten tegelijk bereiden. Net echt.

In mijn eigen versie van Chow Mein zijn vooral de noedels de ster, met een minimale hoeveelheid groenten en eiwitten. Een beetje als de bami van de lokale Chinees. Groente en vlees zijn dan de bijgerechten. Maar echt crispy is mijn Chow Mein niet te noemen. Hooguit als ik restjes heb en de volgende dag opbak. In de koekenpan notabene!

Mijn versie van Lo Mein zit daarentegen vol met verschillende groenten, zonder te overheersen, en garnalen. Je kunt natuurlijk ook kip, varkensvlees of rundvlees gebruiken, maar noedels en garnalen zijn voor mij een winnende combinatie. Mijn Chow Mein maak ik met brede noedels en de Lo Mein met ronde noedels, niet te dun.

Hoe dan ook, uiteindelijk gaat het er vooral om wat lekker is. Of het een echte Lo Mein weet ik zelfs niet. Wel dat het hier in huis enthousiast ontvangen wordt. En de kok krijgt graag complimentjes, dus we houden deze er gewoon in.

Lees Meer Lees Meer

Streekgerecht: Kamper steur – Eieren met mosterdsaus

Streekgerecht: Kamper steur – Eieren met mosterdsaus

Een eenvoudig, maar smakelijke variant op gekookte eieren. En een gerecht met een verhaal.

De oudste opgeschreven versie van het verhaal over de Kamper Steur is van de hand van Jan Jacob Fels, een schilder annex dichter annex houthandelaar uit Kampen. In 1852 bracht hij onder de schuilnaam ‘Kampenaar’ een bundel berijmde Kamper stukjes uit, waarin vooral de spot werd gedreven met de lokale bewoners. Een van die stukjes ging over een bisschop die de stad Kampen zou bezoeken. Een Franse kok werd binnengehaald om een genereuze maaltijd te bereiden, waarvoor in de IJssel een steur werd gevangen om in wijn gekookt te worden. Echter de bisschop werd ziek en het bezoek moest worden uitgesteld.

Toen, zegt men, kreeg op hoog bevel
Die steur een schelband om,
En werd zijn kerker losgezet;
Waarna het dier weer onverlet
Luid klinkend henen zwom.

De bel diende om de vis weer te kunnen vinden wanneer de bisschop hersteld zou zijn van zijn ongerief. Helaas, de steur was bij het uitgestelde bezoek van de bisschop niet te vinden en volgens een late herdruk van het kookboek Aaltje de volmaakte en zuinige keukenmeid, voor het eerst verschenen in 1804, werd een gerecht bedacht dat bestond uit 8 gekookte eieren, 3 lepels slaolie, 1 lepel azijn, 2 theelepels fijngehakte peterselie en 2 theelepels mosterd. De eieren werden gehalveerd en van de overige ingrediënten werd een saus geklopt. De naam van het gerecht: Kamper Steur.

Het verhaal dat in 1919 door J. Cohen werd vastgelegd in zijn boek Nederlandsche Sagen en Legenden II verschilt nauwelijks van de versie van Fels.

De versie van Cohen

Als de stad Kampen een belangrijke ridder met zijn grote gevolg verwacht, schakelt het bestuur van de stad de beste kok in die ze kunnen vinden.

Hij wist, wanneer een haas adellijk genoeg was, en als hij een stuk boter in de heete pan wierp — schijnbaar-achteloos gelijk een waarachtig kunstenaar — verspreidde dit sissend en smeltend een geur, liefelijker dan de huid van een blond, zestienjarig maagdeke, de adem van roos en jasmijn tezaam. […] Wist hij niet de kracht van alle kruiden en toevoegsels, van de foelie, van de thijm, ban de peper en de laurier, van de kaneel en de vanille, van de anijs en het maanzaad, van de komijn en de mosterd, van de citroenschil en de kerry, en wist hij niet al de smaken aanéén te dichten als jamben en anapesten en hexameters der kookkunst? welk een man!

De kok verzon een uitgebreid gangendiner, waarbij het hoogtepunt gevormd zou worden door de steur en haar kaviaar. De ridder meldde zich echter ziek en aangezien de steur niet in gevangenschap kon leven, werd deze weer vrijgelaten in de IJssel. De reusachtige vis werd terug gezet met een snoer met bellen aan zijn lichaam, zodat ze hem snel weer zouden kunnen vangen als dat nodig was. Maar de steur verdween spoorloos en toen de ridder beter was geworden en alsnog afreisde naar Kampen moest de kok noodgedwongen nieuwe gerechten verzinnen. Nog lang zouden de inwoners aan de waterkant luisteren of ze in de diepte van de IJssel een bel konden horen rinkelen …

Geen van beide auteurs rept echter zelf over de eieren met mosterdsaus. Het verhaal komt op zich niet helemaal uit de lucht vallen blijkt. Uit het Kamper stadsrecht Dat gulden boek van omstreeks 1400, blijkt dat men gevangen steuren aan een touw liet zwemmen in de IJssel. Verhalen over een vis die met een bel omgehangen vrijgelaten wordt, kennen we ook uit andere landen. Het thema is dus algemeen.

Hoe het ook zij, de kaviaar is weliswaar wat groot uitgevallen, het gerecht is snel gemaakt voor een lunch maaltijd.

Lees Meer Lees Meer

Pizza met een Italiaans saucijsje en salade

Pizza met een Italiaans saucijsje en salade

Eigenlijk liep ik de winkel in om een blikje tonijn te halen. Het was een lange warme dag en ik had het grootste deel van de dag buiten gewerkt. Normaal gesproken heb ik dan een maaltijd klaar, maar dit keer niet. Ja, ingevroren, maar daar schiet ik op zo’n moment weinig mee op. Een broodjesdag is dan een makkelijke oplossing, maar daar had ik dan weer net geen zin in. Dat krijg je dus als je de keuze van de maaltijd overlaat aan de grillen van de dag. Nee, het zou een koude pastasalade met tonijn worden! Lekker bij warm weer, snel te maken en toch redelijk verantwoord voor een snelle maaltijd.

Verheugd ging ik naar huis, legde de oude kaas om te raspen voor de salade in de koelkast en … toen viel mijn oog op de Italiaanse saucijsjes. Ze hoefden weliswaar nog niet op, maar ik bewaar vlees niet graag tot de houdbaarheidsdatum. Maar saucijsjes, daar hoort dan weer een volwaardige maaltijd bij. Sowieso gebruik ik saucijsjes liever in een stoofpotje dan dat ik ze braad en zo eet. Alleen dat stoofpotje klinkt dan weer niet als snelle maaltijd. Dat krijg je dus als je de keuze van de maaltijd overlaat aan de grillen van de dag.

Ik bedacht mij dat de medeblogger in het verleden mij wel eens een foto van een pizza met worst had toegestuurd. Pizza, dat moest het worden! Alleen geen kant-en-klaar deeg in huis. Zelf maken is geen optie en dus toog ik, alsof ik nog niet genoeg gelopen had die dag, naar de dichtstbijzijnde supermarkt. Op slechts 600 meter, dus dat is dan weer snel gedaan.

De saus voor de pizza is ook snel gemaakt. Ik gebruik daarvoor meestal tomatenstukjes in blik of passata. Voeg wat fijngehakte knoflook toe en oregano, even laten pruttelen en klaar is je saus.

En dan het saucijsje, dat ontdoe je van het velletje en breek je in stukjes. Heb je twee saucijsjes, doe daar hetzelfde mee, maar hou het apart voor de salade. Salade? Ja, ik bedacht mij dat er toch iets van groente bij de pizza hoorde. Nu ben ik geen fervent salade-eter, maar wat gemengde jonge bladsla mag best.

En op pizza hoort natuurlijk buffelmozzarella. Tegenwoordig overal te verkrijgen.

Lees Meer Lees Meer

Roodbaars met udon

Roodbaars met udon

Udon is een type noedel uit de Japanse keuken, gemaakt van tarwebloem, zout en water. Meest bekend is de dikke, elastische variant die hier vooral kant-en-klaar wordt verkocht in toko’s en intussen ook supermarkten. Een gedroogde variant die ook verkrijgbaar is in de meeste supermarkten is weliswaar heel smakelijk, met een mooie structuur, maar lijkt qua vorm meer op de bami van de Chinees. De kant-en-klare udon is veel ronder en ook bleker. En in het geval van udon geldt hoe dikker, hoe lekkerder. Lang vond ik het maar niks, kant-en-klare noedels, maar ik ben al een tijdje helemaal om.

Roodbaars is een mooie stevige vis die ook als je de filet in stukjes snijdt goed bij elkaar blijft. De smaak is zacht en zou licht smaken naar garnalen, wat verklaard wordt door het dieet van de vis. Filets kun je goed als geheel snel bakken of in stukjes pocheren, zoals in dit recept. Het is ook een heel geschikte vis voor de barbecue. Doe de filet samen met wat fijngehakte knoflook en een veeg sambal in aluminiumfolie en vervolgens een minuut of 10 boven de hete kolen. Een lekker alternatief voor de gedoodverfde hamburger of saté.

Is het barbecue-seizoen nog niet begonnen, dan is dit recept geschikt. Bovendien ook snel te bereiden. Paprika en winterwortel heb ik meestal wel in huis, beiden doen het namelijk goed in roerbakmaaltijden met noedels.

Lees Meer Lees Meer

Bonen met kielbasa

Bonen met kielbasa

Af en toe krijg ik van anderen iets  toegeschoven. Meestal betreft het vlees, dat dan weer wel. Soms een lamsbout, een andere keer een worst. Met het verzoek er iets lekkers mee te maken. Dat sla ik nooit af. Vroeger mocht ik het niet, nu doe ik het gewoon: spelen met eten. Niets zo leuk om nieuwe smaken uit te proberen. Dit keer kreeg ik na een buitenlandse reis een kiełbasa een Poolse worst. Let in de Poolse spelling op het subtiele streepje door de letter l, de rest van de wereld schrijft gewoon kielbasa.

Gerookte kielbasa kan koud, warm, gekookt, gebakken of gegrild worden geserveerd. In Polen wordt het gebruikt in soepen zoals żurek (een zure roggesoep), kapuśniak  (koolsoep) of grochówka (erwtensoep), of  gebakken met zuurkool, of toegevoegd aan bonengerechten en stoofschotels zoals bigos. Kielbasa kun je echter ook goed koud eten, met een lekkere mosterd bijvoorbeeld. Poolse erwtensoep lijkt overigens behoorlijk op onze erwtensoep, al gebruikt men misschien wat meer aardappel. Kielbasa heeft op het eerste gezicht misschien wel wat weg van onze rookworst, maar de structuur is anders en de rookworst is echter net wat vetter dan kielbasa. Heb je geen kielbasa, dan zou je dit gerecht natuurlijk prima met een lekkere rookworst van de slager kunnen maken.

Bonenschotels zijn perfecte stoofmaaltijden voor een frisse voorjaarsdag. En natuurlijk de volgende dag nog lekkerder. Maak het een dag van tevoren en je hebt een geweldig maal na een dagje buiten.

Lees Meer Lees Meer

Haemul-pajeon – Koreaanse pannenkoek met lenteui, inktvis en garnalen

Haemul-pajeon – Koreaanse pannenkoek met lenteui, inktvis en garnalen

Zeevruchten, een bijna poëtische benaming voor wat in het Engels ordinair sea food heet. Het Italiaanse is nog lyrischer, frutti di mare. Het Duits, dat net als het Nederlands normaal gesproken niet uitblinkt met fraaie klanken, kent Meeresfrüchte. Gaat de Engelse term feitelijk over alles wat voor de mens eetbaar is en in de zee leeft, zowel plantaardig als dierlijk, de andere benamingen slaan vooral op schaaldieren en schelpdieren. Het woord ‘vrucht’ is misschien een beetje een eufemisme, maar duidt vooral op iets wat smaakvol is en misschien wel luxueus. Zo wordt het tenminste nu ervaren, terwijl voedsel uit de zee al sinds mensenheugenis wordt gegeten en niet per se uit luxe.

Zeevruchten kan dus uit van alles bestaan. Van coquilles en mosselen tot garnalen en inktvisringen. Van duur tot goedkoop. In de meeste bevroren zeevruchten uit de supermarkt vind je naast een verdwaalde garnaal en wat mosselen voornamelijk inktvis. Misschien nog een schelpdier, maar zeker geen coquilles. Kook je wat groter, dan loont het om zelf je combinatie van zeevruchten samen te stellen.

Ik denk dat de meeste mensen zeevruchten als zodanig eten als ze paella eten. Zo’n gerecht dat ik nog nooit gemaakt heb en misschien zelfs nooit gegeten heb. Terwijl ik toch zo liefhebber ben van rijstmaaltijden. Wie weet komt het er nog eens van.

Het maken van paella vraagt tijd, maar zeevruchten zijn heel geschikt om een snelle maaltijd mee te maken. Zelfs bevroren zeevruchten kun je snel gebruiken door ze te ontdooien onder stromend water. Iets wat bij niet te dikke vis overigens ook goed werkt.

De pajeon is een van de verschillende soorten pannenkoeken die in Korea wordt gegeten. Jeon staat voor pannenkoek en pa betekent groene ui. Bij jeon wordt het beslag doorgaans over de ingrediënten in de pan gegoten, terwijl bij het neefje buchimgae alle ingrediënten worden gemengd en vervolgens in de pan gedaan.

En oh ja, een pajeon eet je met stokjes.

Lees Meer Lees Meer