Archief van
Auteur: Damten

Samosa rolletjes uit de oven

Samosa rolletjes uit de oven

De meeste mensen zullen ze wel kennen, die gefrituurde driehoekige deeghapjes van bloem met aardappel, wortel, een paar verdwaalde doperwten en kruiden. Samosa heet het en je kunt er van blijven eten. Te serveren met een chutney of frisse raita of gewoon zo.

Het wordt vooral veel gegeten in India, Pakistan en Bangladesh, maar ook in het Midden-Oosten en Afrika. En door de Indiase diaspora ook in Suriname en uiteraard Groot-Brittannië. Zeg maar gerust de hele wereld. En meestal dus gefrituurd.

Frituren, het hoeft echt niet in liters olie, doe ik zo weinig mogelijk. Wanneer het recept er echt om vraagt, wil ik het nog wel doen met een laagje olie van een centimeter. Maar liever zoek ik een alternatief in de oven. Dat betekent soms ook een creatieve aanpassing in het recept. Een hapje als samosa laat zich met het normale deeg niet goed bereiden in de oven, maar dat verandert als je filodeeg gaat gebruiken. “Ja, maar bladerdeeg dan?” Dat kan inderdaad, maar vind ik persoonlijk minder geslaagd dan de filodeeg-variant die veel knapperiger en luchtiger wordt.

Samosa hoort eigenlijk driehoekig te zijn, het woord samosa is namelijk afgeleid van het Perzische sanbosag  (سنبوسگ‎), hetgeen driehoekig gebakje betekent. Hoewel je met filodeeg natuurlijk mooie driehoekige hapjes kunt maken, zijn de rolletjes net iets makkelijker te maken met het fragiele filodeeg. Als je toch trouw wilt blijven aan de driehoekjes, dan kun je bladerdeeg gebruiken.

Lees Meer Lees Meer

Zelf saté maken

Zelf saté maken

Niet dat het internet zit te wachten op nóg een tweetal recepten voor kipsaté (ajam) en varkenssaté (babi). Desondanks valt er nog wel wat te vertellen. Bijvoorbeeld dat je je zorgvuldig bereide saté van varkenshaas niet overgiet met pindasaus, hoe lekker pindasaus ook is. Een beetje zonde is dat namelijk wel van het vlees. Saus wordt vaak gebruikt om te verdoezelen dat het vlees te droog is, dus ik ben altijd op mijn hoede als vlees mét saus geserveerd wordt in plaats van apart. Neem voor de pindasaus gewoon een stuk Turks brood en doop die in de saus. Voor je saté neem je een lekkere ketjapsaus of gewoon géén saus.

Ik mocht saté bereiden voor een kleine barbecue met vrienden. Een eerste bijeenkomst na alle corona-beperkingen van afgelopen jaar. Na het geplande menu te hebben doorgestuurd, kreeg ik de volgende dag een berichtje terug: ‘Of ik de satésaus niet wilde vergeten!’ Ik antwoordde: ‘Klopt, die vergeet ik niet.’

Lees Meer Lees Meer

Lamsbout – India style

Lamsbout – India style

Tringggggg. De deurbel. Ik drukte op de intercom. “Het lammetje.” Even later lag er een flinke lamsbout op het aanrecht. “Wat ga je maken?” “Geen idee. Iets Indiaas?” “Jaaaah!”, klonk een jeugdig stemmetje achter mij. We lachten. “Dat is duidelijk. India it is.”

Ik heb eerlijk gezegd geen lam of schaap gezien in India. Geiten daarentegen wel, je struikelde er letterlijk over. En het mag een wonder heten dat we er geen onder de auto kregen op de binnenwegen. Aan de chauffeur lag het in ieder geval niet…

Een lamsbout is eigenlijk een kwestie van lang genoeg marineren en een paar uur in de oven. Kan niet zo heel veel mee misgaan eigenlijk. En je kunt er een paar dagen van eten. Of een klein weeshuis mee voeden.

Onderstaand recept is voor een lamsbout van ruim 2 kilo, ontdaan van vliezen en vet. Ik marineer voor Indiase gerechten graag vlees in yoghurt, dat voegt niet alleen smaak toe, maar maakt het vlees ook heel mals. In dit gerecht marineer je het vlees in twee fases, waarvan de tweede fase met yoghurt. Je voegt dan bovendien honing toe, om het zure van de yoghurt een beetje tegen te gaan.

Lees Meer Lees Meer

Spaghetti-taart

Spaghetti-taart

Ik kwam een kaart tegen van de Verenigde Staten, verdeeld in regio’s. Met voor elke regio de populairste taart. Of misschien was het wel een Google overzicht van meest gezochte taart voor die regio. Ik weet het niet meer. Maar in een van die gebieden stond ‘spaghetti pie’. Alleen in Amerika, dacht ik. Dat bleek een vergissing, waarover later meer.

Het is leuk Amerikaanse eetprogramma’s te kijken. Kookprogramma’s zijn het vaak niet echt. Er wordt weliswaar soms wel gekookt, maar er wordt vooral gegeten. Over het algemeen minder geschikt ook voor vegetarische kijkers en mensen met vetvrees. Maar uitermate vermakelijk, soms om de verkeerde reden, maar het kan je op ideeën brengen. Dat gevoel had ik ook bij de kaart met taarten. Ik zag een vuistdikke spaghetti taart voor me. Zacht van binnen en knisperend van buiten. Dat wilde ik!

BroeR had al eens een spaghetti-taart gemaakt, maar daar speelde de spaghetti de rol van deeg, zoals bij een hartige taart, met in het midden de vulling. Ik wilde gewoon een complete spaghetti-experience.

Lees Meer Lees Meer

Thaise eieren met tamarindesaus

Thaise eieren met tamarindesaus

Kai Look Keuy, ook wel son-in-law eggs. De oorsprong van de bijnaam is niet duidelijk, maar de verklaring die het meest populair is dat van een vrouw die dit gerecht aan haar schoonzoon serveerde met de waarschuwing beter voor haar dochter te zorgen…

Hardgekookte eieren worden nog lekkerder als ze vervolgens goudbruin gebakken of gefrituurd worden. Ongepaneerd wel te verstaan. De buitenkant wordt dan licht krokant en een beetje chewy, wat het ei een aangename textuur meegeeft. (Voor gepaneerde eieren zie dit recept.)

Deze Thaise eieren worden geserveerd met een zoet-zure saus. Voor een grote hoeveelheid eters een leuk bijgerecht, maar ook heel goed geschikt als hoofdgerecht. Reken in het laatste geval op twee grote eieren (of drie kleintjes) per persoon. In Thailand is het gerecht vooral bij kinderen populair. Voor ouders is het snel en makkelijk te maken.

Lees Meer Lees Meer

Khoresh Bademjan – Perzische aubergineschotel

Khoresh Bademjan – Perzische aubergineschotel

Koresh bademjan is een Perzisch stoofgerecht met aubergine dat normaal gesproken met rundvlees of lamsvlees wordt bereidt. Je kunt het echter ook heel makkelijk zonder vlees maken.

De Koresh (gestoofde) bademjan (aubergine) stond al enige tijd op mijn longlist. Het leek mij uitermate geschikt om granaatappelmelasse als ingrediënt te gebruiken. Dit gerecht vraagt namelijk om een zuur ingrediënt en ik heb al enige tijd een flesje granaatappelmelasse staan en het werd echt tijd dat ik er iets mee ging doen. Ja, ik ben zo iemand die eten koopt en later wel kijkt wat hij er mee gaat doen. Werkt prima overigens.

Granaatappelmelasse is de siroop van granaatappels. De melasse wordt verkregen door granaatappelsap langzaam in te koken tot er een kleverige siroop ontstaat. Het wordt vooral gebruikt in de keuken van het Midden-Oosten.

Veel mensen vinden aubergines niks en ik geef toe, ik vroeger ook niet. Voor sommigen een textuurdingetje, maar het is vooral een kwestie van de juiste bereiding. Daar ben ik intussen wel achter. Ze lenen zich bijvoorbeeld uitstekend voor stoofpotjes. Zo smaakt ook het Chinese fish fragrant eggplant fabuleus. Chinese aubergines vind ik de lekkerste, maar heb ik niet altijd direct voor handen. Die dikke paarse bommen van de supermarkt werken voor dit gerecht ook prima.

Lees Meer Lees Meer

Baghali ghatogh – Iraanse tuinbonen

Baghali ghatogh – Iraanse tuinbonen

Baghali ghatogh is een ontzettend lekker en eenvoudig gerecht met tuinbonen, dille, kurkuma en eieren. Simpeler kan bijna niet. Het is ook zo klaar, alleen het dubbeldoppen van de tuinbonen is even een klusje.

Tuinbonen is zo’n groente waar veel mensen vroeger niet dol op waren vanwege de geur tijdens het koken. Die geur is echter alleen bij de enkel gedopte bonen en is afkomstig van het stugge vliesje. Al met al zijn ze best lekker. Maar nog lekkerder zijn dus dubbelgedopte bonen. Je bent er even zoet mee, zeker als je voor vier man moet koken, maar het resultaat is er ook naar. En dat moeten ze in het noorden van Iran ook gedacht hebben.

Baghali ghatogh wordt in principe gemaakt met tuinbonen, maar wordt buiten Iran ook gegeten met limabonen of kidneybonen.

Normaal gesproken gebruik ik zelden dille, maar bij dit gerecht maak ik dat ruimschoots goed.

Lees Meer Lees Meer

‘Indische’ slavinken

‘Indische’ slavinken

Voor de duidelijkheid: Indische slavinken bestaan niet echt. Behalve in mijn keuken. Het is een bedenksel. En alleen maar omdat ik werd uitgedaagd door de mede-blogger. Onlangs at ik voor het eerst sinds ik bij mijn ouders uit huis ben – en dat is lang – een slavink. Van de supermarkt dat wel. Onze moeder eet ze regelmatig, van de lokale slager. Niet perfect vormgegeven, in tegenstelling tot de machinale supermarktexemplaren, maar robuust. Ze doen wat denken aan de ‘houthakkerburger’, een hamburger omwikkeld met twee plakjes spek. Net zo’n gemaksuitvinding als de ‘slavink’.

Die slavink stamt namelijk uit 1952,  bedacht door door de Hilversumse slager Boerwinkel. De naam werd een jaar later bedacht door een slager Spoelder uit Laren. Was de slavink 50 jaar eerder bedacht, dan was de kans groot dat er wel een Indische variant zou zijn.

De ‘slavink’ is een afgeleide van de ‘blinde vink’, gekruid rundergehakt omwikkeld met een dun lapje vlees. Deze blinde vink is ook heel wat ouder de de slavink. En ja, de verwijzing naar een vogeltje is er niet voor niets. In de achttiende eeuw at men ook in Nederland gewoon zangvogeltjes. De eerste recepten voor alternatieven met ander vlees verschijnen dan ook al snel. In de achttiende eeuw sprak men in de Provence over alouettes sans tête (leeuweriken zonder kop). Een leeuwerik is dan wel geen vink, maar het idee is wel duidelijk. En van blinde vink naar slavink is het een kleine stap.

Lees Meer Lees Meer

Fish Chowder in brood

Fish Chowder in brood

Chowder is een soort soep of stoofpot die vaak wordt bereid met melk of room en ingedikt met gebroken crackers, gemalen scheepsbiscuit of een roux. Van oorsprong een eenvoudig en voedzaam maal voor zeelui. Door Franse en Engelse immigranten werd het meegenomen naar de andere kant van de grote plas, waar het enorm populair werd in allerlei varianten met vis, zeevruchten en groenten. Vaak wordt ook bacon gebruikt. Het gebruik van room is een latere toevoeging en dus niet oorspronkelijk.

Fish chowder klinkt mij gek genoeg aantrekkelijker dan vissoep. Bij de laatste stel ik mij een waterig en bleek soepje voor, wellicht dat ik het ooit voorgeschoteld heb gekregen, maar het beeld is blijven hangen. De fish chowder eet je met een stevige witvis, bijvoorbeeld kabeljauw. En omdat ik nog een restje garnalen had liggen, voegde ik die ook toe. Mosselen zijn natuurlijk ook een lekkere toevoeging.

Schelpdieren zijn in de V.S. geliefd voor een chowder, getuige de populariteit van clam chowder, gemaakt met een soort grote kokkels. In Nederlandse varianten zie je kokkels en vongole regelmatig als alternatief. Ik maakte mijn eigen variant, mij ging het vooral om de dikte van de soep. Ook gebruikte ik geen visbouillon, maar kippenbouillon. Dat lijkt vloeken in de kerk, maar in veel traditionele Amerikaanse recepten wordt het gebruikt. Wie ben ik om daar heel puriteins over te gaan doen? En ook geen witte wijn, eenvoudigweg omdat ik dat niet zo lekker vind.

Chowder maak je eenvoudig in twee stappen.

Lees Meer Lees Meer

Zalm in teriyaki-stijl

Zalm in teriyaki-stijl

Teriyaki. Bijna iedereen die wel eens bij een Japans restaurant heeft gegeten, zal het kennen. En wie het thuis nog eens wilde overdoen, ging waarschijnlijk naar de toko (of de supermarkt) om een flesje teriyaki-saus te kopen. Ik wel in ieder geval. Overtuigd als ik was dat het om de saus ging.

Het grappige is echter dan dat teriyaki geen saus is, maar een manier om een gerecht te bereiden. “Teri” (照り) betekent ‘glans’ en “yaki” (焼き) betekent grillen, braden of gebakken. Dus teriyaki verwijst naar gegrild, gebraden of gebakken eten met een glanzend laagje. En de saus die je daarbij nodig hebt, maak je in een handomdraai zelf. Je hebt er slechts vier ingrediënten voor nodig: sojasaus, mirin, sake en een beetje suiker. Heb je geen sake in huis? Dan kun je smokkelen met Chinese kookwijn, Shaoxing.

De verhouding waarin je de verschillende ingrediënten nodig hebt, is makkelijk te onthouden, namelijk 2:2:2:1. En in tegenstelling tot de Amerikaanse variant wordt er geen maizena gebruikt om de saus in te dikken. Dat is ook helemaal niet nodig als je een beetje geduld hebt. De Amerikaanse versie bevat overigens vaak ook knoflook en gember. Dat kan natuurlijk als extra smaakmaker, maar zonder is zeker zo smakelijk. De Japanse versie is over het algemeen iets dunner, maar je kunt het indikken tot zover je wilt. Pas wel op dat het niet aanbrandt. Blijf erbij en blijf roeren. Ik gebruik een ouderwetse pannenlikker, maar dan van siliconen. Ideaal om een stroperige saus mee te roeren.

Lees Meer Lees Meer