Archief van
Categorie: Groente

Koken zonder kinderen: lasagne met veel wortels

Koken zonder kinderen: lasagne met veel wortels

Selectieve eters, dat zijn de meeste kinderen. Volwassenen niet, die eten gewoon alleen wat ze lekker vinden.

Een voedselcategorie die kinderen vaak tijdelijk even overslaan is groente. Niet doperwten, dat gaat er nog wel in, maar andere groentesoorten willen nog wel eens een probleem zijn. Bij ons was die eet-ik-niet lijst in het begin vrij lang en bevatte ook oranje wortels. Ze bliefden ze niet. Niet rauw, niet gekookt, niet geroosterd, niet geblancheerd. Toch aten ze wortels, wat we pas later aan ze hebben verteld, toen ze wel weer allerlei groenten aten. Mischief managed.

Pasta, dat lustten ze wel, in alle kleuren en vormen. Pasta in de vorm van lasagne, met een gehaktsaus en soms ook met een bechamel-kaassaus bood daardoor uitkomst. Met wortels werd de lasagne gewoon een stukje hoger. Koken zonder dat de kinderen mogen toekijken of helpen. Anders werd de truc duidelijk.

Dat de lasagne wat oranje van kleur was kwam duidelijk door de saus. En zoals altijd als je de waarheid geweld aan doet, terug naar lasagne zonder wortels konden we niet. Dan was de oranje kleur weg. Gelukkig vroegen ze nooit waarom er alleen bij de lasagne maaltijd geen groenten werden geserveerd.

Lasagne met gepureerde wortelen. Ze eten het nu met de wortel voorkennis wel, maar alleen door een compromis. Extra pasta moet erin; pasta vinden ze echt lekker. En zo maken wij restjes pasta op: in de lasagne.

We eten het nog steeds regelmatig zo. Nu wel met meer kruiderij dan vroeger.

Lees Meer Lees Meer

In de oven gebakken Opperdoezer Ronde

In de oven gebakken Opperdoezer Ronde

Aardappels in de oven roosteren of bakken, dat is 1 van die recepten waar je heel weinig werk aan hebt. Behalve als je ze maakt met Opperdoezer Ronde. Opperdoezer Ronde is een delicatesse, met een unieke smaak. Voor de liefhebber zegt iedereen. Een aardappel met een ronde vorm, diepe en veel ogen en een dunne schil. Door dat laatste worden ze met de hand geoogst. Ook in de keuken heb je ze in de handen. Door die vele diepe ogen ben je wel even bezig om een kilootje Opperdoezer Ronde te ontpitten. Je moet inderdaad liefhebber zijn.

De EU heeft de aanvraag op 9 november 1995 ontvangen [1]. Uit die aanvraag voor de Europese Oorsprongsbenaming (BOB), via Verordenering (EEG) Nr. 2081/92, nationaal nummer 001/94, blijkt dat het geografisch gebied een totaal oppervlak heeft van circa 1600 ha, waarvan circa 1100 ha bouwland [2]. De Opperdoezer Ronde groeit echter op maar 1,1 km2, een 10e van het beschikbare bouwland, al was dat ooit meer. Dat komt omdat er ook andere gewassen worden verbouwd. Gewasrotatie moet. Echter, zowel het aantal telers van als de hoeveelheid grond waarop Opperdoezer Ronde wordt verbouwd lijken steeds minder te worden. Jammer. En niet alle grond schijnt in handen te zijn van de telers van de Opperdoezer Ronde.

In het productdossier staat ook een korte geschiedenis. Vanaf 1860 worden bij Opperdoes zogeheten negenwekers verbouwd. Er zat maar 9 weken tussen zaaien en oogsten. Snelgroeiende aardappelen. Het verhaal vertelt dat tuinder Sluis op een dag tussen de negenwekers een plant met grof blad en ronde knollen aantrof. Natuurlijke veredeling of toch door mensen gestuurd, zo een ander verhaal wil? Uit die plant zou het Opperdoezer Ronde ras zijn voortgekomen. In 1979 wordt de Coöpera­tieve Pootaardappelteeltvereniging “De Opperdoezer Ronde” opgericht. Deze vereniging diende de BOB aanvraag in, die in 1996 werd toegekend.

In welk gebieden de Opperdoezer Ronde mag groeien, dat staat ook beschreven in het productdossier. Het zijn er namelijk 2. Het leest een beetje als een speurtocht/toertocht:

Voor het “Oude land”: Oosterdijk vanaf kruising met Wijmersweg; Noorderkoggen zeedijk, Noorderweg dorpsweg Twisk, Zuiderweg tot een punt van ongeveer éénhonderd vijftig meter ten zuiden van de Noorder Wijmers in een rechte lijn naar de «droge Wijmers» en verlengde Wijmersweg tot aan de Oosterdijk.

Dat “Oude land”, dat wordt altijd aangehaald in PR rond de Opperdoezer Ronde. Er is ook een beschrijving opgenomen voor een 2e gebied, waar je bijna nooit over leest: bouwland in de Wieringermeer, land voor Opperdoezer tuinders als compensatie voor land dat zij in het omschreven gebied niet meer kunnen gebruiken. De vermelde bijgesloten plattegrond zit er helaas niet bij. Maar met Google Maps kom je een heel eind. Alleen in de 100 hectare zavelgrond (zand/klei) rond de kerk van Opperdoes klinkt specialer, maar het moet wat breder worden geïnterpreteerd?

Lees Meer Lees Meer

Khoresh Bademjan – Perzische aubergineschotel

Khoresh Bademjan – Perzische aubergineschotel

Koresh bademjan is een Perzisch stoofgerecht met aubergine dat normaal gesproken met rundvlees of lamsvlees wordt bereidt. Je kunt het echter ook heel makkelijk zonder vlees maken.

De Koresh (gestoofde) bademjan (aubergine) stond al enige tijd op mijn longlist. Het leek mij uitermate geschikt om granaatappelmelasse als ingrediënt te gebruiken. Dit gerecht vraagt namelijk om een zuur ingrediënt en ik heb al enige tijd een flesje granaatappelmelasse staan en het werd echt tijd dat ik er iets mee ging doen. Ja, ik ben zo iemand die eten koopt en later wel kijkt wat hij er mee gaat doen. Werkt prima overigens.

Granaatappelmelasse is de siroop van granaatappels. De melasse wordt verkregen door granaatappelsap langzaam in te koken tot er een kleverige siroop ontstaat. Het wordt vooral gebruikt in de keuken van het Midden-Oosten.

Veel mensen vinden aubergines niks en ik geef toe, ik vroeger ook niet. Voor sommigen een textuurdingetje, maar het is vooral een kwestie van de juiste bereiding. Daar ben ik intussen wel achter. Ze lenen zich bijvoorbeeld uitstekend voor stoofpotjes. Zo smaakt ook het Chinese fish fragrant eggplant fabuleus. Chinese aubergines vind ik de lekkerste, maar heb ik niet altijd direct voor handen. Die dikke paarse bommen van de supermarkt werken voor dit gerecht ook prima.

Lees Meer Lees Meer

Baghali ghatogh – Iraanse tuinbonen

Baghali ghatogh – Iraanse tuinbonen

Baghali ghatogh is een ontzettend lekker en eenvoudig gerecht met tuinbonen, dille, kurkuma en eieren. Simpeler kan bijna niet. Het is ook zo klaar, alleen het dubbeldoppen van de tuinbonen is even een klusje.

Tuinbonen is zo’n groente waar veel mensen vroeger niet dol op waren vanwege de geur tijdens het koken. Die geur is echter alleen bij de enkel gedopte bonen en is afkomstig van het stugge vliesje. Al met al zijn ze best lekker. Maar nog lekkerder zijn dus dubbelgedopte bonen. Je bent er even zoet mee, zeker als je voor vier man moet koken, maar het resultaat is er ook naar. En dat moeten ze in het noorden van Iran ook gedacht hebben.

Baghali ghatogh wordt in principe gemaakt met tuinbonen, maar wordt buiten Iran ook gegeten met limabonen of kidneybonen.

Normaal gesproken gebruik ik zelden dille, maar bij dit gerecht maak ik dat ruimschoots goed.

Lees Meer Lees Meer

Cricket sandwich: wit brood met komkommer

Cricket sandwich: wit brood met komkommer

Woon je in Engeland in een dorp dan speel je minstens 1 keer in je leven cricket, ook als je een tijdelijke import bewoner bent. Je wordt namelijk gewoon uitgenodigd om een keer mee te doen. Cricket is een eeuwenoud spel voor 22 spelers en is waarschijnlijk ontstaan in Zuidoost-Engeland. Mogelijk stamt het woord af van het Middelnederlandse cricke, dat stok of staaf betekent. Er zijn wel meer woorden uit de Nederlanden geïmporteerd in Zuidoost-Engeland, door de handel.

Cricket is natuurlijk een heel simpel spelletje. Iemand, de bowler, laat van een afstand een bal stuiteren met de bedoeling 3 vlak naast elkaar staande staven te raken. Bovenop die staven liggen 2 versierde latjes. Los, zodat duidelijk is dat de staven zijn geraakt, hoe miniem ook. De combinatie staven en latjes heet wicket. Voor die wicket staat alleen wel iemand, de batter, met een slaghout, de bat, om de staven te verdedigen en de bal weg te slaan. Die slagman moet heen en weer lopen tussen de wickets om punten te halen. De bal kan worden opgevangen door andere spelers, die vrij ver weg staan. En de meeste tijd ook niets te doen hebben. Dat leek me wel een mooie plek op het cricketveld.

Maar goed, iedereen kan aan de beurt komen om te slaan, zeker als je gastspeler bent in een vriendschappelijke wedstrijd. De bowler probeert zo veel mogelijk effect aan de bal te geven, maar aangezien die na de stuit altijd richting die 3 staven moet gaan leek de bal raken met het brede slaghout a priori heel makkelijk. Dat viel in de praktijk wat tegen. Wat minder goede bowlers missen de richting nog al eens door de afstand van ruim 20 meter – de beenbeschermers deden goed hun werk – en goede bowlers zijn ook meteen echt goed.

Uiteraard ook verder weg in het veld gestaan om de bal op te vangen. Op die oorspronkelijk begeerde plek, daar slaat helaas de verveling toe. Niet veel ballen kwamen mijn kant op. Een gemiddelde cricket wedstrijd kan ook zomaar 8 uur duren. Wij speelden met aangepaste regels, geen idee welke. De wedstrijd duurde alsnog 4 uur. Dat vonden de Engelsen fantastisch. En ik moet zeggen, je speelt ook geen 4 uur achter elkaar. Er zijn pauzes. Pauzes om te eten en te drinken. Daar ingewijd in een deel van de cricket geschiedenis. Gehoord dat het woord hattrick, bekend uit het voetbal, van oorsprong uit cricket komt. Gooide een bowler 3 wickets met 3 opeenvolgende ballen, dan kreeg de bowler een hoed voor deze truc: hat en trick werd hattrick.

Komkommer sandwiches bij de hete thee. Zeker als de zon schijnt een welkome afwisseling als je cricket speelt. In Nederland lekker als lunch bij semi-tropische temperaturen.

Lees Meer Lees Meer

Over de schande van nep-krieltjes in supers

Over de schande van nep-krieltjes in supers

Supers hebben tegenwoordig een ruime sortering van aardappelsoorten. Zelfs de Opperdoezer Ronde is er in het seizoen te koop.

Maar op 1 gebied gaan ze schandalig de mist in, en nog wel opzettelijk ook. Krieltjes! Laat 1 ding duidelijk zijn. Wat de supers als krieltjes met schil verkopen zijn gewoon ietwat kleinere aardappelen, regelmatig met een lengte van 4 centimeter. Als je bent opgegroeid met familieleden die zelf aardappels verbouwden, dan weet je wat echte krieltjes zijn.

Echte krieltjes zijn hele hele kleine aardappeltjes. Maximaal 2,5 centimeter in diameter, liefst kleiner nog. Je kunt niet eens meerdere zakjes nep-krieltjes kopen en alleen de kleinste aardappels nemen; de kleinste nep-krieltjes zijn nog steeds groter dan echte krieltjes. Vergeleken met een grote aardappel is bij een kleinere aardappel de verhouding van de hoeveelheid binnenkant en de schil anders. De binnenkant is een volume en de buitenkant een oppervlakte. Fundamenteel: kleinere volumes hebben in verhouding een groter buitenoppervlak, naar verhouding komt er steeds meer schil, hoe kleiner de aardappels. En dat zorgt voor aan andere textuur en smaak. Hele generaties weten nu niet hoe echte krieltjes kunnen smaken, o.a. door die nep-krieltjes van de supers.

Wat de supers als krieltjes zonder schil verkopen zijn gewoon ronder gemaakte stukken van grote aardappelen. Schande, schande, schande. Volksverlakkerij. Als verdediging wordt o.a. gemeld dat krieltjes slechts(!) een volksnaam is en niet in de wet is vastgelegd. Helemaal bont maken ze het tegenwoordig door mini-krieltjes te verkopen; schilloze nep-krieltjes nog een keer doormidden gesneden. Dieper zinken op reclame gebied is nauwelijks mogelijk. Het werkt wel blijkbaar, want in de supers waar wij komen liggen schappen vol nep-krieltjes. En dat doen ze alleen als het verkoopt.

Echte krieltjes schoonmaken, inkerven en dan met schil en al in hete olie bakken. Zodat ze krokant worden. Super. Maar ja, in de loop der tijden zijn de familieleden die zelf aardappelen verbouwden daar 1 voor 1 mee opgehouden. Te arbeidsintensief of gewoon kleiner gaan wonen. Echte krieltjes zijn nu voornamelijk herinnering. Misschien kan je ze nog rapen bij een vriendelijke boer, na de oogst. Eens per jaar. Helaas worden aardappels steeds vaker op richels geplant, omdat die richels zorgen voor sneller opwarmende grond en goede afwatering. In combinatie met machinaal oogsten blijven er dan wel heel weinig aardappels achter. Echte krieltjes: verleden tijd.

Met nep-krieltjes uit de oven een maaltijd uit de oude doos gemaakt. We eten niet vaak een ooit standaard groente-vlees-aardappel maaltijd, voor deze keer een uitzondering gemaakt. Vroeger met bloemkool, een kaassaus en verse worst. Nu met broccoli en slavinken.

Lees Meer Lees Meer

Baldo risotto met tuinerwtjes, speklap en ui

Baldo risotto met tuinerwtjes, speklap en ui

We eten inmiddels vaker risotto dan enig andere rijstvorm, mogelijk met uitzondering van gebakken rijst. Niet alle soorten risotto zijn echter even makkelijk in Nederland te verkrijgen. De belangrijkste soorten in Italië zijn Carnaroli, ook wel de koning van de risotto rijsten genoemd, Arborio, Vialone Nano, Baldo, Maratelli, Roma, Rosa Marchetti en Sant Andrea. De rijstsoorten Carnaroli, Maratelli en Vialone Nano worden als de besten beschouwd en zijn wat duurder. Carnaroli geeft veel zetmeel af, wat resulteert in een romig geheel. Arborio is goedkoper en daardoor veel aanwezig in supers, het geeft wel wat minder zetmeel af, maar nog steeds ruim genoeg. Je moet wel oppassen dat deze rijstsoort niet te lang kookt. Als je risotto bereidt door er telkens weer wat nieuwe bouillon bij te doen, zodat je erbij moet blijven, is de kans daarop kleiner.

Bij ons is Baldo risotto echter net zo geliefd als de vermeende top 3. Baldo eten we vaak met groentebouillon. Carnaroli en Arborio met vleesbouillon. Wat het lekkerste is met Vialone Nano, daar zijn we nog niet over eens. We hebben ze nog niet allemaal geproefd en tegenwoordig worden er ook nieuwe soorten verkregen door kruisingen, niet alleen in Italië. Carnaloni, Arborio en Baldo staan inmiddels wel standaard in onze voorraadkast. De bedoeling is dat Vialone Nano daar ook bij komt te staan.

Deze keer Baldo risotto gepakt, met tuinerwtjes uit de diepvries, speklappen en ui. Zelf speklappen in stukken snijden als ze gaar zijn, veel lekkerder dan al in stukken gesneden spekblokjes kopen en die garen.

En om het af te maken, wat Aceto Balsamico Traditionale di Modena DOP op de risotto gedruppeld. Ooit begonnen met de goedkope en zure balsamico azijn, via de iets duurdere Aceto Balsamico di Modena IGP uiteindelijk beland bij de Aceto Balsamico Tradizionale di Modena DOP, in het bolle flesje. Inderdaad niet goedkoop, maar omdat 1 druppel zo ontzettend veel geconcentreerde smaak bevat doe je heel lang met 1 flesje.

Lees Meer Lees Meer

Hartig taartje met witlof,
peer en blauwe kaas

Hartig taartje met witlof,
peer en blauwe kaas

Een nieuwe loot aan de Reutel reeks ‘klein hartig taartje‘. Met witlof.

Witlof is uitgevonden in Frankrijk. Al in de 17e eeuw was men daar bezig om winterse groenten in het donker te kweken. Zonder licht geen groen chlorofyl. In 1850 ontstond zo witte loof, witlof.

Witlof is een goedkope groente. Die aten we vroeger dan ook regelmatig. Dat vonden wij als kinderen niet echt geweldig. Witlof was vroeger namelijk veel bitterder dan nu. Om dat enigszins te verbloemen aten we witlof uit de oven, omwikkeld met plakken ham en bedekt met kaas. Die ham en kaas waren wel lekker … .

We aten zelfs – met tegenzin – rauwe witlof salade, met stukjes appel en een saus gebaseerd op mayonaise of slasaus. Ook al bedoeld om de bittere smaak te verbloemen. Hoe die salade ons huis is binnen gekomen? Ik geef de schuld aan de Tip.

Bitter is 1 van de 5 basissmaken die we kunnen proeven. En als je ouder wordt gaan de meeste mensen een bittere smaak meer waarderen. En dus ga je vanzelf ook weer witlof eten, ook al is die witlof door de teelt dus veel minder bitter gekweekt.

Een kleine quiche, niet met appel, maar met peer. En een blauwschimmelkaas die in de oven overeind blijft qua smaak.

Lees Meer Lees Meer

Snelle (zomerse) salades
Zonder sla

Snelle (zomerse) salades
Zonder sla

Sla. Vroeger. Aten we kropsla. Met slasaus, gekookt ei en tomaat. Croutons deden wij niet aan. Die tomaat bewoog ik altijd zorgvuldig naar de rand van het bord. De sla kwam vaak rechtstreeks ‘van het land’, uit het tuintje dat onze opa toen nog had. Later werd ijsbergsla populair en dressing uit een fles. Die dressing was ook wel nodig, want die ijsbergsla smaakte nergens naar. Krakend water. De kropsla werd later overigens ook minder smaakvol en niet alleen omdat de sla niet meer bij opa vandaan kwam. Zoiets als wortelen van de supermarkt, die ook nergens meer naar smaken, een soort van plofwortelen dus.

Tegenwoordig zijn er tal van varianten sla verkrijgbaar. Meest in een zakje. En vaak niet voor weinig. Het enige wat ik nog wel eens koop is rucola. Beetje scherp, beetje bitter, beetje nootachtig. Lekker op een broodje kaas of op een zelfgemaakte pizza. Maar sla eet ik dus weinig. Salades daarentegen wel, maar dan zonder sla. Wat de definitie van een salade precies is, ben ik nog niet achter. Doorgaans een mengeling van koude groenten zou ik zeggen. Rundvleessalade voldoet met die ene doperwt daar formeel dan weer niet aan. Het is deze week ook te warm om daar over na te denken. Daarom de snelle salades die hier afgelopen week op tafel verschenen.

  • bietensalade
  • komkommersalade
  • tijgersalade

Lees Meer Lees Meer

Keema Matar met Palak (gehakt met doperwten en spinazie)

Keema Matar met Palak (gehakt met doperwten en spinazie)

Tegenwoordig associëren we India vooral met vleesloos eten. En de langdurige Britse overheersing van het land. Beiden geven een vertekend beeld. De zogeheten British Raj duurde slechts van 1858 tot 1947. Daarvoor had de Britse East India Company weliswaar al grote delen van het subcontinent in haar macht, onder andere doordat ze in 1764 het leger van de toenmalige heerser over het Mogolrijk versloeg. Maar op dat moment zaten de Nederlanders en andere handeldrijvende naties ook nog in India, al was de macht van de VOC tanende. In 1795, toen Nederland onder invloed kwam van Frankrijk, werden de laatste posten overgenomen door de Britten. De Fransen zouden overigens in India blijven, tot 1954. De invloed van de Europese landen op de Indiase keuken is heel verschillend. Zo vindt de beroemde of beruchte vindaloo haar oorsprong in de Portugese keuken en is het in voormalige Franse gebieden zoals Pondicherry heel normaal om met brood te ontbijten, terwijl dat elders in het land, buiten de continentale hotels, niet gewoon is. De invloed van de Britse en Nederlandse keuken, voor zover er in vroege tijden sprake was van een eigen keuken, is beduidend minder. De Indiase keuken is echter veel meer beïnvloed door de keuken van de Mogols, die twee eeuwen lang de belangrijkste heersers waren geweest in India.

Het Mogolrijk werd in de zestiende eeuw gesticht door islamitische krijgsheren en had een keizerlijke structuur die duurde tot 1720. Het Perzisch was de taal van de cultuur en dus ook van de keuken. Het rijk werd in de achttiende eeuw kleiner door de opkomst van de Britse East India Company en formeel ontbonden door de Britse Raj na de Indiase opstand van 1857. In die opstand verzette het Indiase volk zich tegen de Britse overheersing, maar zonder succes. De invloed van de Britse keuken is dus beperkt, maar die invloed van de Mogols laat zich vandaag de dag nog gelden in de Indiase keuken. De Mogolkeuken is feitelijk een mengeling van de Perzische en Centraal Aziatische keuken en kenmerkt zich door het gebruik van veel kruiden en specerijen.

Een typisch gerecht uit de Mogolkeuken is Keema Matar (gehakt met doperwten). Het gehakt zal oorspronkelijk geit of lam zijn geweest, maar het wordt ook gegeten met rund. Geitenvlees is wat lastiger te verkrijgen en lamsvlees is doorgaans vrij vet. Ik kies dus voor rundergehakt. Varkensgehakt zou natuurlijk ook kunnen, maar is geen logische keuze voor een van oorsprong islamitisch gerecht. Bij het vleesgerecht is het lekker om palak te eten. Ik maakte al eens eerder palak, maar noemde die saag. Intussen weet ik dat saag de algemene naam is voor een groentepuree op basis van een groene bladgroente zoals mosterdblad of spinazie, maar dat palak de specifieke benaming is voor de variant met gepureerde spinazie. Doorgaans gegeten met paneer, dus palak paneer, een Indiase kaas. Omdat ik het eet naast een vleesgerecht, laat ik de paneer in dit geval achterwege. Hoewel de eerdere versie ook lekker is, maak ik de laatste tijd vooral onderstaande versie.

Je eet de keema matar en palak met chapatis of naan, maar met rijst kan natuurlijk ook.

Lees Meer Lees Meer