Archief van
Categorie: Kaas

Risotto, rode ui, bacon en gorgonzola piccante

Risotto, rode ui, bacon en gorgonzola piccante

Vrienden in den vreemde moet je koesteren. Zeker in deze beperkt-reizen-tijden. Videobellen is normaal geworden. De Italiaanse vriend uit onze Engelse tijd, die al weer een tijdje in Italië woont, weer eens op afstand gezien en gesproken. Altijd interessante gesprekken, ook over eten. We bleken allebei van plan binnenkort een risotto gerecht met varkensvlees en gorgonzola te maken. Hij met gorgonzola dolce, ik met gorgonzola piccante. Hij met back bacon, een erfenis van zijn Engeland tijd, ik met Prosciotto di Parma van een varkenspoot. We hebben de ingrediënten gelijk getrokken. Hij ook gorgonzola piccante, ik ook back bacon. Bij hem speciale uien: rode Tropea uien. Bij mij gewone rode uien. We vonden beiden achteraf dat deze keuzes goed uitpakte.

Over spek kan je heel veel schrijven. Recent legde de medeblogger het verschil uit tussen buitenlandse en Nederlandse bacon, en nam hier ontbijtspek in mee. Die bacon, daar zijn in Engeland (nog iets meer buitenland geworden inmiddels) vele soorten van te krijgen, ook in de supermarkten. Bijvoorbeeld het in Groot-Brittannië bijzonder populaire British back bacon, van de achterzijde van een varken, van vóór de achterpoot en onder de haas. Back bacon bevat varkenslende en een stuk buikspek aan 1 stuk. Ovaal van vorm door het rondere, grotere stuk mager rugspek dat vastzit aan een kleiner, vetter stuk van de buik. Traditioneel bij een English breakfast. In Engeland hadden we een stevig fornuis waarboven, via een ietwat gammele metalen constructie, een bakje met een grill aan was bevestigd. Zag er nooit echt veilig uit, maar was in principe ideaal voor crumpets en back bacon. De bacon even 3 tot 4 minuten per kant onder de grill en het was klaar. Nog wat langer voor nog meer knapperigheid. Back bacon krult tijdens het grillen. Dat kun je voorkomen door inkepingen in het vetrandje te snijden.

Hoe landen kunnen verschillen: in Engeland de meest gekochte speksoort, in Nederland nauwelijks te krijgen. Voor back bacon, thick cut, met een dikte van ruim 3 milliliter, moet je hier naar de slager toe. Een slager die zelf zijn vlees snijdt. Kan je het niet vinden, neem dan een stukje varkenslende (vraag de slager het in plakken te snijden) en minder maar even dikke plakken buikspek. Niet de baconreepjes van de supers. Als je niet bedonderd wordt komt dat uit de karbonadestrook van het varken, van de rug, wordt je wel bedonderd, krijg je buikspek. Geen van beiden back bacon. Back bacon is niet voor niets speciaal.

Als je echter wat minder of niet hecht aan waar de spek/bacon precies vandaan komt, neem dan gewoon baconreepjes, van de super. Heel snel klaar. Op vakantie hadden wij ook niet altijd de vrije keuze. Purist moet je zijn als het uitkomt, anders zit het je alleen maar in de weg!

Lees Meer Lees Meer

Aardappelwafels met zalm, feta en gepocheerd ei

Aardappelwafels met zalm, feta en gepocheerd ei

Wafel, een woord met een interessante etymologie. Vooral ook omdat er al een woord was voor iets dat gegaard werd tussen 2 metalen platen. Dat woord is oblie. Een oud leenwoord want de Grieken maakten obelios, vaak ronde platte koeken of crackers. Voornamelijk gemaakt van meel en water, en geroosterd tussen 2 metalen platen. In de loop van de tijd werden er patronen in de metalen platen gemaakt, die dan in het platte voedsel terugkwamen.

De patronen in de ijzers werden dieper. Ergens in de tijd werden vierkanten als patroon de norm voor de dikke oublies en werden ze met een rechthoekig ijzer gemaakt, zoals te zien is op het schilderij ‘De strijd tussen Vasten en Vastenavond’, van Pieter Bruegel de Oude uit 1559. Waarschijnlijk werd in de 14e of 15e eeuw de noodzaak gevoeld om de ronde dunne oblie en de rechthoekige dikke oblie definitief van elkaar te onderscheiden. Een nieuwe naam was nodig. Het gekozen woord werd wafel, verwant aan het Hoogduitse wabe en het Oudfrans walfre, dat beiden honingraat betekent.

Dat daarna de wafel helemaal was ingeburgerd in de Nederlanden blijkt ook uit de recepten in het in 1593 verschenen ‘Eenen seer schoonen ende excellenten Cocboeck’ van Carolus Battus (Karel Baten). Geboren in de Zuidelijke Nederlanden en later stadsgeneesheer in Dordrecht, waar het kookboek verscheen als toevoegsel bij zijn ‘Med’cynboec’. In het kookboek staan 3 recepten voor ‘dikke wafelen’. En dan is er nog een recept ‘om dunne wafelen te maken oft oblyen’. In plaats van dikke en dunne oblies zijn er nu dikke en dunne wafels. Voor dunne crackers mag nog zowel wafel en oblie gebruikt worden. De taalrollen zijn omgedraaid. En dat is zo gebleven gezien onze keuze om stroopwafels zo te noemen. Wat dik zijn die stroopwafels niet. Een oublie is nu zelfs verworden tot een ronde wafel, ook met vierkant patroon erop, en soms opgerold tot een ijshoorntje.

Een wafel is dus iets eetbaars dat uit een wafelijzer komt. De ingrediënten zijn vrij. Hier wafels gemaakt op de snellere manier: geen gist, maar bakpoeder gebruikt. Ook gemaakt omdat alle ingrediënten in huis waren: 2 grote aardappelen, restant van een eergisteren nog volle zak, zalm over van de gisteren gegeten zalm-in-cheesecake, en nog een half pakje Griekse feta in de koelkast. Rucola hebben we altijd op voorraad. Plus de gedane belofte dat ik wafels zou maken.

Onvermijdelijk: aardappelwafels met zalm, feta en gepocheerd ei.

Lees Meer Lees Meer

Älplermagronen, pasta met aardappel én Almkäse

Älplermagronen, pasta met aardappel én Almkäse

We verheugen ons altijd op het nieuwe seizoen. Onze lokale kaasboer had vorig jaar namelijk ineens een voorraadje Almkäse in de winkel, alpenkaas. Dat gebeurt niet zo vaak, iets met beschikbaarheid, import/export en relaties in Zwitserland. Dan zit er maar 1 ding op: meteen kopen. Want goede Almkäse is ongelooflijk lekker: pittig van smaak met ook nog eens een lange nasmaak. Wel jammer dat zo’n seizoen zo kort duurt. De start en het einde zijn namelijk weersafhankelijk en de rijpingsperiode varieert ook nog eens. Onze kaaswinkel weet onze voorkeur; wij worden ingelicht als de Almkäse er aan komt. Service.

Almkäse is sowieso speciaal. Almkäse is een Bergkäse, maar dat is geen beschermde kreet. Met Almkäse worden kazen aangeduid die gemaakt worden met melk van koeien die in het zomerseizoen op de hoge alpenweiden, de almen, grazen én waar de kaas zelf ook hoog in de Alpen is gemaakt. Echte alpenkaas is vrij van conserveringsmiddelen en kleurstoffen, altijd goed. Iets meer gekocht dan we wekelijks nodig hebben, wat nu.

De eerste gedachte die opkwam was Käsespätzle. In delen van Zuid-Duitsland, Liechtenstein, Oostenrijk en Zwitserland maken ze Käsespätzle door afwisselende laagjes Spätzle en kaas in een ovenschaal te doen (om het warm te houden) en het als laatste te bedekken met gebakken uien. Typische gebruikte kazen, regio afhankelijk, zijn Bergkäse, Graukäse, Montafon Sura en Räßkäse. En tegenwoordig ook de makkelijk verkrijgbare kazen Emmentaler en Gruyère.

In Zwitserland doen ze nog een schepje boven op de Käsespätzle. Älplermagronen, het kan ook uit de oven. Met pasta, volgens de overlevering in het land geïntroduceerd toen Italianen ruim 140 jaar geleden meehielpen de Gotthardtunnel te bouwen. Zo gaat het verhaal, maar pasta, dat was al heel lang bekend in Europa, ook in Zwitserland. Mogelijk dat de pasta vorm wel in die tijd is overgenomen. Waarschijnlijker is dat er van oorsprong een maaltijd was met ingrediënten die bovenop een Alpenwei goed te bewaren waren. En waar koeien zijn, is melk. Waar melk is, room. Goedkope aardappels met lichtgewicht pasta en met uien, room en die lokale kaas dus. Wat eerder was als ingrediënt, aardappel of pasta, is zoiets als het kip-ei probleem. Het resultaat is een nog steviger maaltijd die nog steeds boven open vuur kon worden bereid. Makkelijk, hoog in de Alpen.

Älplermagronen met aardappel en almkäse, dat werd het. Met appelmoes als bijgerecht, dat moet.

Lees Meer Lees Meer

Koken met kinderen: mac & cheese muffins

Koken met kinderen: mac & cheese muffins

De medeblogger publiceerde vorige week rijsttaart met lemoncurd voor een kinderverjaardag, 11 rondjes rond de zon alweer. Zelf gemaakt, dus koken voor kinderen. Maar als kinderen in een iets jongere leeftijdscategorie ineens in je eigen huis rondlopen en de verveling slaat toe, dan wordt het weer tijd voor koken met kinderen.

Nu was daarop wel een beetje geanticipeerd, door ervaring wijs geworden. Deeg al voorbereid, dan kunnen ze meteen door. Ze zouden namelijk niet zo heel lang blijven. Dat deeg is vooral bedoeld om het resultaat straks met je handen te kunnen eten. Een restje gekookte ham al uit de diepvries laten ontdooien. Pastasoorten hebben we altijd genoeg in huis, evenals stukken kaas. Klein beetje room als extraatje was al op de boodschappenlijst gezet en gehaald. Klaar voor de start.

Kleinere kinderen, kleinere maaltijden. Het muffinblik erbij gepakt, hadden ze thuis niet. En wat extra toegevoegd omdat ze dat niet kenden: gemberpoeder. Smaken ontdekken.

De pasta en room koken, daar waren wij in de leiding. Daarna mochten ze zelf onze instructies, opbouwend bedoeld natuurlijk, uitvoeren. Vervolgens de keuken schoonmaken ook. Vonden ze minder leuk, maar dat kon mooi in de tijd dat het muffinblik in de oven stond.

Mac & cheese uit een muffinblik. Mac & cheese muffins worden ze daarom wel genoemd. Maar die hartige muffins hebben niets van doen met Amerikaanse muffins, meestal zoete cakejes, of Engelse muffins, platte broodjes. Wel met klein en handzaam comfort food.

Lees Meer Lees Meer

Gevulde hamburger maken met een cadeautje

Gevulde hamburger maken met een cadeautje

Ik heb niets met verplichte cadeau-dagen. Gezellig langskomen op verjaardagen en feestdagen prima, neem dan vooral jezelf mee. Wat ik wel heel erg leuk vind is onaangekondigd heel af en toe – niet te vaak – een hebbedingetje krijgen, zonder dat de gever zijn portemonnee daarna bij inspectie helemaal leeg aantreft. Kook-hebbedingetjes, altijd leuk. En om wel te gebruiken.

Ik heb een metalen hamburgerpers, maar die is bedoeld voor het persen van vlees in een hamburgervorm, zonder dat er een vulling ingaat. Ooit een hebbedingetje, nu een kastenvuller want niet meer in gebruik. Hamburgers vormen met de handen gaat minstens net zo goed. Dat wordt anders als je hamburgers met een vulling wilt maken. Een stuk lastiger om die vulling altijd centraal te krijgen.

Van de medeblogger onverwacht een hamburgervulapparaat gekregen. Een apparaat uit de VS, een Stufz™. Het ziet er complex uit, maar komt met duidelijke instructies. En vooral ook met veel food-safety guidelines. Juridisch helemaal ingedekt. Zo ook de schriftelijke waarschuwing dat de vulling er niet rauw in mag. En dat is logisch hebben we gemerkt. Want het kost moeite om de warmte binnenin te krijgen zonder dat de burgers aan de buitenkant zwart worden.

De aanbeveling van Stufz™ is om hiermee je eigen signature burger te creëren. Dat is nog niet gelukt. Maar lekker is gevulde hamburger wel.

Lees Meer Lees Meer

Capellini in bouillon van Parmezaanse kaaskorst

Capellini in bouillon van Parmezaanse kaaskorst

Tegen de rand van een harde kaas zit veel smaak, een iets andere smaak ook. Dat kun je al zien bij wat oudere Nederlandse kazen. Aan de buitenrand is de kaas wat donkerder. Het kan nog beter. Parmigiano Reggiano, Parmezaanse kaas, waar het korstgedeelte heel duidelijk een andere samenstelling heeft, met een scherpe scheiding. Soms wel een centimeter breed stuk dat de meeste mensen naar verluidt gewoon weggooien. En dat is echt zonde. Zelfs uit het vuistje is het buitengewoon van smaak.

Korsten van Parmezaanse kaas kan je heel goed toevoegen aan een tomatensaus in wording die wat langer opstaat. De smaakvolle korst van Parmezaanse kaas is echter ook heel goed te gebruiken om een subtiele bouillon mee te maken. En in die bouillon gaat dan hele dunne pasta. Dunne pasta zodat we minder vocht nodig hebben. Het kost namelijk veel tijd om genoeg korst te verzamelen om de bouillon überhaupt te kunnen maken. Spaghetti is dan al te dik: koken duurt te lang. We gebruiken capellini (‘kleine haren’), een pasta in de vorm van lange staafjes met een diameter tussen (slechts) 0,85 en 0,92 millimeter. Het kan nog dunner, capelli d’angelo (engelenhaar) met een diameter tussen 0,78 en 0,88 millimeter. Deze soort wordt als een nestje pasta verkocht.

Capellini schijnt echt tot zijn recht te komen in een lichte bouillon of in lichte, simpele sauzen die niet al te sterk smaken. Ik wil ook dat de pure Parmezaanse kaassmaak in de pasta zelf trekt. En om die te blijven proeven moet er geen knoflook bij of sterke kruiden.

Capellini in een bouillon van de harde korsten van Parmezaanse kaas. Een perfect voorgerecht.

Lees Meer Lees Meer

Koken met kinderen:
nachos van de bakplaat

Koken met kinderen:
nachos van de bakplaat

Wat is er nu leuker dan samen met kleine kinderen die op bezoek zijn een maaltijd maken? Nou om eerlijk te zijn, er zijn heel veel dingen leuker. Maar goed, toch wel handig dat ze leren koken natuurlijk, zodat ze het ook een keer voor ons kunnen doen. Bijvoorbeeld wanneer je dagen achtereen je nieuwe blokhut in de tuin staat te impregneren en beitsen. (Nee echt mevrouw, meneer, 3 tot 4 keer beitsen is toch echt wel het minimum.)

Voorzichtig beginnen met een makkelijke maaltijd, met een ingrediënt dat vrijwel iedereen lust: chips. Nacho cheese tortilla chips dit keer. Makkelijk zelf te maken door kleine mais-tortilla’s in 6en te snijden, ze te frituren of in de oven knapperig te laten worden, en dan met kaas te bedekken. Gekocht in de winkel is de kaas-smaak (en niet de kaas) al in de tortilla chips verwerkt.

Het gerechtje wordt toegeschreven aan Ignacio Anaya (bijnaam ‘Nacho’) uit Noord-Mexico. Hij zou het hebben bedacht rond 1943 door gefrituurde stukken mais-tortillas te bedekken met gesmolten cheddar kaas en schijfjes jalapeño pepers. We zouden eigenlijk Nacho’s moeten schrijven in plaats van nachos. Volgens Anaya heette het gerecht namelijk Nacho’s especiales. Maar tegenwoordig is de apostrophe verdwenen en de hoofdletter N ook. Ook andere ingrediënten mogen er tegenwoordig bij. Het blijft gewoon nachos heten zolang je de chips maar gebruikt.

Eten uit de hand met stevige nacho chips: tray baked nachos. Dat eten met de hand voegt iets toe aan onze maaltijdbeleving. Charles Spence (Oxford) heeft dat heel wetenschappelijk onderzocht [1]. Kleuren (zien), smaak en zachte en knapperige stukjes eten (mond), geuren (neus) en tast (handen) zorgen voor wat hij een multi-sensor eetervaring noemt. Wetenschappelijk bewezen wat we eigenlijk allemaal al wisten.

De kinderen zien dat de bakplaat uit de oven komt en denken dat die heet is. Het is hooguit warm, maar toch even waarschuwen voor de hete bakplaat (vinden ze spannend), dan zonder borden eten (vinden ze leuk) en met de handen (en je kunt niet meer stuk). En als je zelf die warme bakplaat een te spannend voorbeeld vindt, het bakpapier van de bakplaat trekken en zo op tafel leggen.

Lees Meer Lees Meer

Overvolle scones met
Cheddar, ham en olijven

Overvolle scones met
Cheddar, ham en olijven

Het leuke van Engels bezoek is ook, dat als ze weer weg zijn, de gedachte aan Engelse (en Britse) gerechten nog lang blijft hangen.

Voor de lunch kwam de gedachte aan eiland scones op. Vaak maken we de originele, van meel en boter, en eten we ze op met lemon curd of met roomboter en jam. Regelmatig maken we ook variaties op dit thema.

Dit keer moest het een vullende lunchmaaltijd worden, hartig vooral. Het is tenslotte winter en kouder buiten.

Hartige scones voor in de winter, goed gevuld met smaak. En ze zijn ondanks de kaas en ham toch luchtig geworden.

Lees Meer Lees Meer

Engels bezoek en die willen baked beans on toast

Engels bezoek en die willen baked beans on toast

Als ontbijt! Een full English breakfast met tattie scones en een klein beetje bonen, als voorbereiding op een beweegdag, ok. Maar veel bonen op toast, terwijl ze een rustdag hebben gepland? Iets met WK rugby kijken op tv, werd mij verteld. (En ze hebben genoten, vooral van de halve finale, die Engeland verrassend won van regerend wereldkampioen Nieuw-Zeeland. Uiteindelijk werd Engeland 2e.)

Engelsen zijn gek op bonen, en niet zo’n klein beetje ook. Er zijn dan ook indrukwekkend veel verschillende soorten bonen te koop in Britse winkels. Naar het schijnt wordt de inhoud van ruim meer dan 2 miljoen blikken baked beans opgegeten, elke dag. Dat komt neer op ongeveer tien blikjes per week, per huishouden, gemiddeld. En zoals dat gaat met gemiddelden: de kans is aanwezig dat er Britten zijn die alleen maar bonen als groente eten. En inderdaad, in onze Engelse tijd hadden wij zulke vrienden. Een van hen at alleen bonen als groente, en was tevens (en uiteraard) een fervent cricket-liefhebber. Een andere vriend had de gewoonte om een blik witte bonen in tomatensaus gewoon direct uit blik, koud dus, op te eten, en kon tijdens het eten ineens opstaan om op zijn gitaar te gaan spelen. Het was altijd even wennen voor ze als wij ze uitnodigden voor een etentje en er stond geen enkele boon op het menu.

Het kwam dan ook niet als een verrassing dat Engelse vrienden op bezoek in Nederland dat gebakken-bonen-eten-ritme enigzins wilden handhaven, om afkick verschijnselen te voorkomen.

Het heet baked beans, maar het gekke is dat baked beans helemaal niet gebakken zijn. Ze zijn gestoomd terwijl ze al in blik zitten, samen met een tomatensaus. Van weer gehydrateerde bonen naar een blik met etiket duurt 2 uur in de fabriek, volledig geautomatiseerd. Uit blik worden ze weer opgewarmd in die meegeleverde tomatensaus. Meer gekookt dan gebakken dus. Pas in 2008 werd het woord baked van een blik met Heinz Baked Beans verwijderd. We noemen het merk maar gewoon want dat heeft het overgrote deel van de Engelse markt in handen. En dat terwijl het merk bij proeverijen lang niet altijd op de hoogste plaatsen beland. Omdat in de saus van baked beans ingrediënten van ketchup gaan, en omdat wij de ketchup van Heinz nou eenmaal de lekkerste vinden die je kunt kopen, deden we zelf ook maar mee met een baked beans on toast ontbijt.

Baked beans op 2 stukken bijna onzichtbare warme toast, op 2 Britse manieren klaargemaakt.

Lees Meer Lees Meer

Quesadilla’s (met zelfgemaakte salsa)

Quesadilla’s (met zelfgemaakte salsa)

Ik erken het. Ik heb een probleem. Ik ben verslaafd geraakt aan tortilla’s. Mais, tarwe, ik draai mijn hand er niet voor om. Maar wel het kwaliteitsspul natuurlijk. Niet dat droge spul dat het mannetje op de hoek van de straat verkoopt. Je hebt dus wel een adresje nodig. Maar als je dat dan hebt gevonden, dan weet je dat je gaat scoren. Even kort verwarmen en klaar is het voor gebruik.

En eigenlijk is de tortilla nog maar de ‘houder’. Het gaat er natuurlijk ook wel om wat je er verder mee doet. Ik maak er graag burrito’s van, met zelfgemaakte bonenpuree en salsa. Met wat geplukte kip of met wat geruld gehakt met een uitje. En wat geraspte kaas. Gewoon een lekkere maaltijd, met verse producten. Ik moet zeggen, ik heb in jaren niet zoveel tomaten gegeten, terwijl ik daar toch wel een redelijke aversie tegen heb. Maar zoals bekend, als je tomaten bereidt, dan verandert de textuur en de smaak. En dan lust ik ze wel. Probleem met de tortilla’s is dat je er altijd wat overhoudt. Een echt probleem is dat natuurlijk niet, tenminste als je ze gewoon dicht verpakt in de koelkast bewaard. Dan kun je ze met gemak twee dagen vers houden. Lekker voor de volgende burrito of voor de lunch als quesadilla, door velen oneerbiedig bestempeld als een Mexicaanse tosti.

Lees Meer Lees Meer