Archief van
Categorie: Vis

Kabeljauw op linguine met Gewurztraminersaus

Kabeljauw op linguine met Gewurztraminersaus

De Elzas is een speciaal gebied. Veel langer dan breed, je wordt haast wel gedwongen van noord naar zuid te reizen, en omgekeerd.

Op de terrasjes genieten van de wijnen uit de streek, bijvoorbeeld in het historische Grande Île in Strasbourg, dat op de werelderfgoedlijst van Unesco staat, Munster kaas eten en wandelen in de Vogezen. Afzakken langs de wijnroute en historische steden als Hunawihr, Riquewihr, Colmar en Mulhouse bezoeken. Niets mis mee. Alleen even een BOB aanwijzen.

Historisch gebied ook. De Elzas ligt aan de Rijn en dat betekent dat er altijd veel schepen langs zijn gevaren. Schepen betekent handel, wie wil het gebied dan niet bezitten? En dat heeft de Elzas geweten.

Julius Ceasar’s troepen versloegen in 58 BC de Tribokers. De Elzas werd onderdeel van de Romeinse provincie Germania Superior. Na het einde van het Romeinse rijk werden de Germaanse Alemannen de baas. In de 8e eeuw kwam de Elzas samen met Lotharingen in het Duitse Rijk terecht. Aan het eind van de middeleeuwen kwamen delen van Elzas regelmatig dan weer in Franse handen en dan weer in Duitse handen, tot het in 1945 definitief Frans grondgebied werd.

Die verscheidenheid aan bezitters vind je terug in de lokale keuken, die is divers met onverwachte combinaties. In de zomer zuurkool eten met veel verschillende vleessoorten op 1 en hetzelfde bord? In de Elzas heel gewoon met de Choucroute d’Alsace, sinds 2018 een beschermde naam in Europa.

De wijnen zijn ook heel herkenbaar, ook al worden ze ook in andere landen geproduceerd onder dezelfde naam. Een hele speciale wijn is Gewurztraminer, zonder ü geschreven in Frankrijk. Gewurztraminer is een krachtige, geurende wijn met een volle kruidige smaak. Gewürz betekent niet voor niets specerijen in het Duits.

Gewurztraminer is dominant en blijft ook in en bij kruidige maaltijden altijd wel overeind. Dat betekent dat als je de andere ingrediënten wilt blijven proeven je deze met een beetje zorg moet kiezen, of de hoeveelheid Gewurztraminer moet beperken. Dus knoflook gebruiken we hier niet, hoe lekker het ook is.

Gewurztraminersaus is heel populair in delen van de wereld voor over kreeft- en/of krabbenvlees. Het kan echter ook prima met witvis en met een smaakvolle pastamaaltijd.

Deze Gewurztraminersaus is niet bedoeld om los te proeven, maar over de kabeljauw en sijpelend tussen de linguine, daar is diezelfde saus ineens superlekker.

Lees Meer Lees Meer

Manti met spinazie en zalm tikka

Manti met spinazie en zalm tikka

Af en toe is het wel lastig hoor, eten met je geweten. Met groente en fruit heb ik daar niet zo’n moeite mee, gewoon de seizoenen volgen en je eten bij voorkeur niet met een vliegtuig of boot laten overkomen. Al mag je daar voor jezelf wel een oogje dicht knijpen, in alle redelijkheid uiteraard, want anders moeten we afscheid nemen van bijvoorbeeld bananen.

Voor vlees en vis wordt het al wat lastiger. Biologisch vlees is over het algemeen een stuk duurder en voor vis wordt het ook niet makkelijker. Afgezien van hoge prijzen door brandstofproblemen, wordt veel vis overbevist, met alle nodige problemen tot gevolg. En wie denkt dat de Atlantische zalm via de reguliere visvangst wordt gevangen, komt ook bedrogen uit. De meeste zalm die wij eten komen uit reusachtige visnetten die in de fjorden bij Noorwegen in zee hangen. Daar wordt gekweekte vis verder opgekweekt. Heel natuurlijk doet het niet aan wie de beelden wel eens heeft gezien. Wie echte gevangen zalm wil eten, moet Wilde zalm kopen. Ietsje duurder dan ook weer. Dus ik hou het maar bij gekweekte zalm als alternatief. Mijn geweten schuif ik een dagje vooruit. Ik doe mijn best.

We weten het niet meer, maar eeuwenlang werd in Nederland zalm gegeten die hier gevangen werd. De Zuiderzee, nu het IJsselmeer, was lang het overgangsgebied tussen het zoete rivierwater en het zoute zeewater, ideaal voor de Atlantische zalm. Al in de dertiende eeuw is er sprake van visrechten voor de zalm. Aanvankelijk werden de zalmen gevangen in fuiken, maar in de zestiende eeuw werden lange drijfnetten achter de boten geïntroduceerd. En ook toen was zalm al een luxe vis die duurder was dan de gewone haring.

De handel was verdeeld in vier categorieën van zalm die in verschillende perioden van het jaar gevangen werden.. De Sint-Jacobszalm, die werd gevangen rond 25 juli, Sint-Jacobsdag. Het betrof voornamelijk 1-jarige zeezalm van 2 tot 2,5 kg. De Kleine zomerzalmen betroffen zowel mannetjes als vrouwtjes en hadden 2 zeejaren achter de rug en wogen tot zo’n 7,5 kg. De Winterzalmen waren alle vrouwtjes met 3 of meer zeejaren. Deze zalm was zeer vet en woog gemiddeld 10 tot 11 kg, maar grotere en dus zwaardere vissen kwamen ook voor. De Grote Zomerzalmen waren ook alleen vrouwtjes van 3 of meer zeejaren en wogen ook 10 tot 11 kg. [1]

Verzilting van de Zuiderzee en in de negentiende eeuw de komst van sluizen, stuwen en watermolens in de Gelderse IJssel bemoeilijkten de migratie van de zalm. Met uiteindelijk het einde van de ‘Nederlandse’ zalm. Een variant op de manti met kip.

Lees Meer Lees Meer

Koolvisfilet in zoetzure saus

Koolvisfilet in zoetzure saus

Het was weer tijd om een glutenvrije maaltijd te bedenken. Op zich niet moeilijk, maar het is altijd goed de ingrediënten te checken bij een recept. Op de een of andere manier kwam ik niet tot iets naar mijn zin, totdat ik bedacht dat de vriendin in kwestie dol was op vis, maar dat niet zo vaak eet als ze zou willen.

Een van mijn favoriete visgerechten is Sichuan vis in heetzure saus. Helaas bevat de chilibonenpasta tarwe. Hoewel ik al eens een alternatief bedacht voor in de hotpot. Maar die had ik nog niet voor mezelf uitgeprobeerd met vis. Dat eerst maar eens doen. Maar het bracht me wel op een idee: vis in zoetzure saus.

Vis is echter niet goedkoop. Zeker anno 2026 niet. Dat heeft verschillende oorzaken. Deels door schaarste of dreigende schaarste. Een gevolg van overbevissing en ook van het veranderende klimaat. De zee wordt warmer en sommige vissen worden plots bedreigd door vissen uit meer zuidelijke wateren. En daarnaast zijn er stijgende brandstofkosten als gevolg van onzinnige oorlogen. Sommige vissersboten varen al niet meer uit omdat de kosten niet meer opwegen tegen de baten.

Er zijn misschien goedkopere alternatieven voor de traditionele witvis als kabeljauw die we graag eten, zoals tilapia en pangasius. Maar dit zijn kweekvissen waarvan we lang niet altijd goed weten onder welke omstandigheden deze vissen worden gekweekt, maar wel weten dat de kweekmethoden een zware belasting leggen op het milieu.

Van oudsher is kabeljauw in Nederland de meest gegeten witvis, maar vanwege de kosten is koolvis al jaren een alternatief. Werd vroeger kibbeling standaard van kabeljauw gemaakt, tegenwoordig is dat vaker een andere witvis als koolvis. Koolvis is vergelijkbaar met kabeljauw, misschien iets zachter van smaak, maar ook stevig. De vis valt niet zo snel uit elkaar. Koolvis is vooral bekend van de blokken vis, per vier verpakt, of als de vis in vissticks. Of in de kibbeling bij de visboer. Ook als filet is het tegenwoordig vaker te verkrijgen. En betaalbaar, wat fijn is als je vis lekker vindt en af en toe wilt eten. Het is bovendien een magere vis. Dus ook gezond. Al zijn sommige vette vissoorten op hun beurt ook gezond. Maar sommige daarvan, zoals de makreel, hebben het zwaar en een vangstverbod dreigt als er geen maatregelen worden genomen. Sommige supermarkten verkopen om die reden al geen makreel meer. Jammer, want hete makreel uit de Indonesische keuken is een van mijn favoriete beleggen voor broodjes.

Maar koolvis is dus een prima alternatief voor wie af en toe vis wil eten, zonder zijn portemonnee meteen om te hoeven keren.

Lees Meer Lees Meer

Zalm tikka met masala hutspot

Zalm tikka met masala hutspot

Hutspot, een typisch Nederlands gerecht, dat voor velen staat voor de eenvoud en volgens sommigen saaie Nederlandse keuken. Nu bestaat hutspot uit drie ingrediënten met daarbij vlees. Soms wordt laurier als smaakmaker toegevoegd. Hutspot is van oorsprong een vrij algemene naam voor een gemengde stamppot die bestond uit verschillende ingrediënten, maar kennen we tegenwoordig als een combinatie van aardappelen, uien en wortelen.

De bekendste hutspot uit de Nederlandse geschiedenis is de hutspot die de Spanjaarden zouden hebben achtergelaten nadat zij in 1574 het beleg van Leiden moesten opgeven. Dat gerecht was echter niet met aardappel, maar met pastinaak. De aardappel was toen nog maar net in Europa geïntroduceerd door de Spanjaarden, die deze knol hadden meegenomen uit de Amerika’s.

De hutspot met de aardappel werd pas populair in de negentiende eeuw, toen de voedzame aardappel aan een grote opmars begon als basisvoedsel. Langzamerhand ontstonden er ook steeds meer varianten.

Ik kan mij de hotspot uit mijn jeugd nog redelijk voor de geest halen. De hutspot was wat nattig, wat er op duidt dat onze moeder de uien en wortelen samen met de aardappelen kookte en vervolgens stampte. De lauriersmaak kan ik mij ook nog wel herinneren, zoals vaak ook wordt gebruikt in stoofgerechten. Als vlees aten we er meestal braadworst bij of een botermals sucadelapje, dat fleurde de wat flauwe hutspot enorm op. De rest van het gezin gebruikte ongetwijfeld jus, maar daar hield ik niet van, wat de reden waarschijnlijk ook was dat mijn hutspot wat flauw was. Ik was de moeilijke eter thuis, weet u nog?

Met een goeie stamppot is helemaal niks mis. Om de hutspot wat meer smaak mee te geven kun je Surinaamse masalakruiden gebruiken, want de combinatie van aardappel en masala is natuurlijk geweldig. Denk maar aan met masala doortrokken aardappelen in een roti maaltijd. Je traditionele hutspot krijgt hierdoor een heel warme smaak.

Als vlees wordt bij hutspot vaak klapstuk gegeten, een stuk goed doorregen rundvlees. Maar riblappen of sucade komt ook voor. En bij ons vroeger dus ook braadworst. Maar je kunt er natuurlijk ook gebakken vis bij eten. Bijvoorbeeld zalm. Niet meteen de goedkoopste vis, maar met een passende marinade wel een lekkere combinatie met masala hutspot. Een frisse raita maakt het dan helemaal af. De raita past bij de vis én bij de masalahutspot.

Lees Meer Lees Meer

Odeng – Koreaanse fish cake op een stokje

Odeng – Koreaanse fish cake op een stokje

Viskoekjes, ik ben er nog lang niet klaar mee. Er is een verschil tussen Europese viskoekjes, die vooral bestaan uit vis en aardappel, en de Aziatische varianten, die vooral bestaan uit fijngemalen vis. En dan zo fijngemalen dat de eiwitten worden afgebroken en nieuwe verbindingen aangaan. De vis, als je daar nog van kan spreken, krijgt dan een heel andere structuur. Zoals surimi. Een truc die Aziaten overigens niet alleen uithalen met vis, maar bijvoorbeeld ook met gehaktballetjes. Sommige mensen vinden de ietwat elastische structuur maar niks, maar ik ben er dol op. Zelf maak ik af en toe Thaise viskoekjes. Die zijn van zichzelf al smaakvol, maar met een goeie dipsaus worden ze fabelhaft.

Onlangs zag ik in de toko een Koreaanse variant. Op een stokje! Mijn interesse was gewekt en over het algemeen betekent dat bij mij kopen en proberen. Met alle risico’s van dien, maar hier heb ik wel vertrouwen. Nu zijn zelfgemaakte viskoekjes echt een aanrader boven de winkelversies die doorgaans allerlei ingrediënten bevatten die een goed viskoekje niet nodig heeft. Maar het experiment begint met eerst bepalen hoe het smaakt en wat de textuur is. Daarna kijken we wel of het vervolg krijgt.

Ik zag overigens nog wat anders opvallends bij mijn bezoek aan de toko. Een man voor mij in de rij bij de kassa had zojuist zo’n 50 pakjes met platte viskoekjes op de loopband gelegd. De complete winkelvoorraad. In mijn onschuld denk ik nog dat hij misschien een feestje had. Even later zie ik hem buiten instappen in een kleine bestelauto. Ik loop de auto voorbij en zie dat het de bedrijfsauto is van een Thais restaurant in mijn woonplaats! Pardon? En ik maar denken dat ze in restaurants zelf dingen maken. Nou, dat is niet waar. Ik at al eens bij een Chinees in een naburig dorp siu mai die gewoon uit de vriezer kwam en bij de groothandel was ingeslagen. Ik kon het weten, want ik had al eens dezelfde gehaald. Bij die Chinees kwam ik vanzelfsprekend niet meer terug, net zoals de kans klein is dat ik dit Thais restaurant eens zal bezoeken. Halffabrikaat gebruiken, prima. Maar hele gerechten, kansloos.

In Zuid-Korea worden viskoekjes eomuk (어묵) of odeng (오뎅) genoemd, wat een leenwoord is van het Japanse stoofpotje oden. Viskoekjes worden voornamelijk gemaakt van witvis en bevatten naast vis zout, suiker, bloem en zetmeel. Daarnaast kunnen ander smaakmakers zijn toegevoegd.

Eomuk wordt meestal gemaakt van een pasta van gemalen vis die wordt gefrituurd. Het verwerkt worden in gerechten of kan worden gekookt met andere ingrediënten om bijvoorbeeld eomuk-tang (어묵탕; “viskoekensoep”) te maken. ls je Odeng googelt kom je allerlei afbeeldingen tegen van smakelijke soepjes met odeng, viskoekjes op een stokje. Hoewel een soepfanaat, bewaar ik dat voor een volgende keer.

Nu is het oorspronkelijke recept voor het bereiden van de odeng met gedroogde anchovis en Koreaanse radijs of daikon. Ik kies voor een makkelijke variant en gebruik Japans bouillonpoeder, oftewel dashi no moto. Ook makkelijk zelf te maken, maar ook in kleine handige verpakkingen voor de snelle bereiding. Dashi wordt gemaakt van kombu (zeewier) en katsuobushi (gefermenteerde tonijnvlokken). Subtiel en lekker.

Wel maakte ik er een traditionele Koreaanse dipsaus bij, yangnyeomjang. Ook lekker bij dumplings overigens. En die ik niet als dip gebruikte, maar de odeng mee besprenkelde. Je zou de odeng prima kunnen eten bij witte rijst of gebakken rijst. Ik koos voor simpele gebakken noedels.

Lees Meer Lees Meer

Sardientjes, rode pesto, rode ui, mozzarella, olijven

Sardientjes, rode pesto, rode ui, mozzarella, olijven

Sardientjes, rode pesto, rode ui, kalamata olijven en buffelmozzarella. Een werkelijk heerlijke combinatie. Alleen, wat gebruiken we als dragend element vandaag? Oosterse rijst, Italiaanse risotto, Marokkaanse couscous of toch Duitse Spätzle?

Allemaal voorgesteld als keuzes in onze wat-eten-we-vandaag sessie. En kreeg als enige antwoord terug, gebakken platbrood iets. Zucht, altijd dat polderen. Pizza of flammkuchen zijn dan logische keuzes.

Wij zijn niet echt lui vandaag, want de topping vereist wel wat werk, in stappen. Maar wel lui genoeg dat een huisgenoot erop uit werd gestuurd om verse mozzarella te kopen bij de kaasboer.

Sardientjes zijn kleine vissen en behoren tot de haringachtigen. Sardientjes uit blik hebben we altijd in huis. De blikjes worden met de visjes er al in gesteriliseerd door verhitting, waardoor je ze jarenlang in de kast kunt laten liggen. En je kunt ze dan meteen uit blik opeten. Makkelijk.

En toen vroeg iemand die het blikje bekeek: “Weet je wel zeker dat er sardientjes inzitten? Misschien zijn het gewoon kleine visjes, zoals je laatst vertelde bij dat oud Romeinse gerecht.”.

Lees Meer Lees Meer

Hartig taartje met gerookte haring en tomaat

Hartig taartje met gerookte haring en tomaat

Veganisme en vegetarisme zijn van alle (moderne) tijden. Alleen niet voor ons in onze jeugd. De medeblogger en ik zijn opgegroeid met vooral vlees en soms vis. Vega deden we niet echt toendertijd, voor zover mijn herinnering reikt.

Het was de tijd van buurtwinkels, de kleine supermarkten begonnen net te komen. Woensdag gehaktdag, want in de reclame. Vrijdag visdag, want vrijdag was marktdag.

We aten witvis in de vorm van lekkerbekjes bij de warme maaltijd. Haring en paling niet, dat waren snacks. Paling aten we niet zo heel vaak, maar zeker als er kermis in de stad was.

Eenmaal kregen we een paling cadeau in een blikken buis. Bijna 1 meter lang en ongeveer 8 centimeter in doorsnede. Waarschijnlijk zeepaling en niet de zoetwaterpaling uit het IJsselmeer die we anders aten. Die blikken buis hebben we nog steeds, nu in gebruik voor posters, die we nooit meer gaan ophangen en toch niet weggooien.

Haring was ook een tussendoortje. In de vorm van rolmops, opgerolde zure haring om een fris-zure augurk en met een minimale hoeveelheid ui. In de vorm van zoute haring op de markt, soms met en soms zonder uitjes. En thuis in de vorm van zoute haring op roggebrood.

Gerookte vis, dat was altijd paling, een traktatie. Toen paling niet of nauwelijks meer in Nederland mocht worden gevangen kwamen de andere soorten gerookte vis, zoals gerookte makreel en gerookte haring.

In Groot-Brittannië is een andere soort gerookte vis populair. Gerookte schelvis, ook wel haddock geheten aldaar. Behalve als het lokale specialiteiten betreft. Zo ligt in Schotland de kustplaats Arbroath, waar ze in de haven overheerlijke lokaal warm-gerookte schelvis verkopen: Arbroath smokie. Dé culinaire specialiteit van die plaats. Het omrijden meer dan waard. Aan de rand van de zee opgegeten. Ik ben meteen teruggegaan voor een tweede smokie, tot verbazing van mijn wederhelft, dat wel.

In Nederland eten we zoute haring met uitjes. Niet gebakken of gekookte vis, toch eetbaar. Gerookte haring is in Nederland vaak koud-gerookt. Koud roken, dat gebeurt meestal bij een temperatuur van maximaal 25 tot 27°C. Niet echt gegaard na afloop. Toch vaak direct eetbaar.

Een terugkerend thema bij haring in een maaltijd is tomatensaus, kijk maar in kookboeken en op het internet. Of in de winkels: haring uit blik. In de winkels kan je blikjes van diverse merken kopen waar ‘haringfilets in (milde) tomatensaus’ in zit. Kijk je bij de ingrediënten dan is het eigenlijk geen tomatensaus, maar tomatenpuree met wat suiker, olie, azijn, paprika(extract) en een verdikkingsmiddel. De verbeelding speelt een belangrijke rol bij conserven.

Haring wordt gerookt met de huid er nog aan, anders valt de vis uit elkaar. Vel van een vis kan je meestal eten, maar dat doen wij alleen als het vel knapperig gebakken of gegrild is.

Links de binnenkant, rechts de buitenkant van een opengevouwen gerookte haring.

Een klein beetje tomatenpuree toevoegen is wel degelijk lekker. Dus dat idee hier ook uitgevoerd, maar dan met tomatenconcentraat en stukjes tomaat.

Lees Meer Lees Meer

Over muziek en een 1-persoons pissaladière

Over muziek en een 1-persoons pissaladière

Het is er weer zo 1: een recept voorafgegaan door een ietwat lang geworden verhaal. Volgens de medeblogger uit een hoge hoed. Kom je hier voor het recept: spring!

Goede muziek en goed eten zijn belangrijk bij ons. En die 2 dingen kunnen op vele manieren bij elkaar komen.

Pissaladière is een gerecht met de ongeschreven wet dat er een diagonaal patroon van ansjovis-filets opligt. Direct herkenbaar. En met een favoriet: gekaramelliseerde uien. Daar sta je toch wel een tijdje voor in de keuken. Een lange tijd in de keuken betekent tijd voor een hele CD, al dan niet gestreamed, het liefst met creatieve muziek erop. Tijdens het eten zelf geen muziek, dan wisselen we nieuwtjes uit.

Muziek in winkels, er wordt wetenschappelijk onderzoek naar gedaan. Typ de woorden music en shopping in op de site researchgate.net en de wetenschappelijke artikelen rollen van je scherm. Naar verluidt is de soort muziek die je hoort, zelfs medeverantwoordelijk voor wat je koopt, zowel in supermarkten als in restaurants.

Zachte muziek geeft rust, en dat zou leiden tot bewustere keuzes en daardoor tot het kopen van gezonder voedsel. Hardere muziek geeft onrust, leidt dan tot minder nadenken en zou ons stimuleren om ongezonder voedsel te kopen of te bestellen. De zangtaal of type muziek die wordt gespeeld zou dan weer leiden tot het kopen van wijn uit het land waar ze die taal of muziek spreken of spelen. Bij rustiger muziek zouden mensen ook langer in een supermarkt verblijven, wat ook zou leiden tot meer aankopen. In supermarkten draaien ze ook nog eens voortkabbelende muziek die je niet onthoudt; de volgende keer net zo nieuw zonder je te ergeren. Behalve bij de irritante semi-dansende poppen, aanwezig voor hele jonge mensen, met hun op hogere toon gezongen liedjes.

Die supermarktmuziek is daarmee vrij saai. Muziek is wel zo’n onderwerp waar iedereen zijn eigen smaak in heeft. Net als bij eten geldt dat je over muziek daarom niet te veel moet twisten, je wordt het toch niet eens. Maar je mag er wel een eigen mening over hebben.

Los van alle individuele voorkeuren, kan je muziek gemaakt door bands karakteriseren door minimaal 3 elementen: ritme en tempo, vaak bepaald door drumstel en basgitaar, de melodielijn van de andere instrumenten, vaak vertegenwoordigd door 1 of meer gitaren en soms ook nog een keyboard, en de melodielijn van de zang.

Ritme, tempo en melodielijnen, daar moest ik aan denken toen we in de auto zaten op weg naar een werkafspraak in Noord-Duitsland, met voor het weer naar huis rijden een supermarkt bezoek. Want dat weten frequente medereizigers wel. We kunnen pas terug naar Nederland na een bezoek aan een grote Duitse supermarkt, meestal gelocaliseerd op een buiten het stadscentrum liggend industrieterrein. Of die ‘eis’ een a priori afgesproken reactie veroorzaakte is onbekend. Maar ik heb wel een vermoeden… .

Wie rijdt bepaald, dus in Nederland stond de radio op een populaire muziekzender. Een uitgelezen kans om nieuwe muziek te leren kennen, dacht ik nog toen we wegreden. In plaats daarvan mocht ik weer eens ervaren hoeveel ongelooflijk saaie muziek er wordt gemaakt. Vakkundig zeker, populair ook gezien de genoemde plek op een hitlijst, maar saai. En ja, dat is een mening.

Het ritme van die popliedjes was, voor mij, veelal een zich herhalende dreun, waar het me niet zou verbazen als deze met computers is gemaakt, in plaats van door mensen met echte instrumenten. De gitaar deed mee omdat dit nu eenmaal moet bij popmuziek, maar veel extra melodie kwam er niet vanaf. Wisseling in toon en ritme was ook geen sprake van. En vooral bij singer-songwriters moet de zang het geheel dan redden, waar het lijkt of vooral het couplet aan moet slaan. En ze houden ook nauwelijks hun mond; de instrumenten lijken puur ondersteunend. De vroeger vaak leuke muzikale intro’s, die bestaan ook al niet meer. En dat alles ongeveer 3,5 minuten lang per liedje. Dus het eerste uur zo’n 15 liedjes langs horen komen die het herhalen wat mij betreft niet waard zijn. Daar stond ik wel alleen in, want de andere 3 reizigers vonden het prima zo.

In Nederland heet het vaak bombastisch, maar voor ons dekt de beroemde Engelse term wall of sound de aanslag op de oren beter af. Wij houden er wel van als muziek massaal op je afkomt. Bedacht door Phil Spector in de jaren 60 en door Andrew Loog Oldham de Phil Spector’s Wall of Sound genoemd, later afgekort tot wall of sound. Die muur bestaat uit het combineren van geluiden en instrumenten in plaats van ze individueel te laten horen. Overgenomen door heel veel bands. Behalve door die bands en zangers die op die populaire muziekzender te horen waren.

En als je naast de wall of sound dan ook nog houdt van variaties in ritme, tempo en melodieën in 1 song, dan kom je vrij snel en al op jonge leeftijd automatisch uit bij bepaalde klassieke muziek en bij de betere bands uit genres als symfonische rock/metal, prog rock, rock opera en nu metal, mijns inziens creatievelingen onder de musici.

Daarom is het bezoeken van live concerten van bepaalde klassieke muziek en luisteren naar progressieve muziek en bepaalde metal genres ook zo leuk. En laten symfonische groepen ook nog eens houden van lange en gevarieerde nummers! Waar je automatisch op mee gaat swingen terwijl je kookt. Muziek die we al kennen zodat ook de luidere en snellere delen geen kookstress en/of afleiding opleveren. Nieuwe muziek luisteren we zonder andere aandacht trekkende dingen.

Terug naar pissaladière.

Lees Meer Lees Meer

Hartig taartje met tomaten, mozzarella en ansjovis

Hartig taartje met tomaten, mozzarella en ansjovis

Heel erg Italiaans vinden we.

Maar tomaten komen oorspronkelijk uit Zuid- en Midden-Amerika. Pas op 31 oktober 1548 schrijft men in Italië dat tomaten veilig zijn gearriveerd in het huis van Cosimo de’ Medici. Tomaten eten hebben de Italianen waarschijnlijk geleerd van de Spanjaarden. Niet voor niets heet in 1692 een tomatensaus salsa di pomadoro, alla spagnole, in het Italiaanse kookboek Lo Scalco alla Moderna van Antonio Latini.

De oud-Romeinen verwerkten vis, en mogelijk ook ansjovis, tot de gefermenteerde vissaus garum. Omdat het een kleine, goedkope vis was heeft het vast wel op het menu gestaan van de armere mensen. Maar de gegoede burgers begonnen waarschijnlijk pas tijdens de renaissance ansjovis te waarderen. Ergens tussen 1300 en 1600 moet dat zijn gebeurd. Ansjovis heeft sindsdien garum als smaakmaker vervangen.

Mozzarella, dat kunnen de Italianen wel claimen. De 1e referenties naar ‘mozza‘ gaan terug tot de twaalfde eeuw. Het woord mozzarella komt voor het eerst in 1570 voor in een kookboek: de omvangrijke Opera dell’Arte del Cucinare van Bartolomeo Scappi. Hierin staat geschreven ‘capo di latte, butirro fresco, ricotte fiorite, mozzarelle fresche et neve di latte‘.

En slechts een paar ingrediënten combineren tot iets heel lekkers. Ook dat mogen ze van mij claimen. Hier in een hartig taartje dat de Italianen vanaf in ieder geval 1570 zomaar zouden hebben kunnen maken.

Lees Meer Lees Meer

Noedels met zeevruchten

Noedels met zeevruchten

Zeevruchten, een bijna poëtische benaming voor wat in het Engels vrij ordinair sea food heet. Het Italiaans is nog lyrischer, frutti di mare. Het Duits, dat net als het Nederlandse niet altijd uitblinkt met fraaie klanken, kent Meeresfrüchte. Gaat de Engelse term feitelijk over alles wat voor de mens eetbaar is en in de zee leeft, zowel plantaardig als dierlijk, de andere benamingen slaan vooral op schaaldieren en schelpdieren. Het woord ‘vrucht’ is misschien een beetje een eufemisme, maar duidt vooral op iets smaakvols, kleins en misschien wel luxueus. Zo wordt het tenminste nu ervaren, terwijl voedsel uit de zee al sinds mensenheugenis wordt gegeten en niet per se uit luxe.

Zeevruchten kan dus uit van alles bestaan. Van coquilles, mosselen of andere schelpdieren tot garnalen en inktvisringen. In de meeste bevroren zeevruchten vind je naast een verdwaalde garnaal en wat mosselen voornamelijk inktvis. Misschien nog een schelpdier, maar zeker geen coquilles. Kook je wat groter, dan loont het om zelf je combinatie van zeevruchten samen te stellen.

Ik denk dat de meeste mensen zeevruchten als zodanig eten als ze paella eten. Zo’n gerecht dat ik zelf nog nooit gemaakt heb en misschien zelfs nog nooit gegeten heb. Ik herinner mij het in ieder geval niet. Terwijl ik toch zo’n liefhebber ben van rijstmaaltijden. Wie weet komt het er nog eens van.

Het maken van paella vraagt tijd, maar zeevruchten zijn heel geschikt om een snelle maaltijd mee te maken. Zelfs bevroren zeevruchten kun je snel gebruiken door ze te ontdooien onder stromend water. Iets wat bij niet te dikke vis overigens ook goed werkt.

Zeevruchten zijn ideaal om met noedels te combineren.

Lees Meer Lees Meer