Archief van
Categorie: Vlees

Zelf saté maken

Zelf saté maken

Niet dat het internet zit te wachten op nóg een tweetal recepten voor kipsaté (ajam) en varkenssaté (babi). Desondanks valt er nog wel wat te vertellen. Bijvoorbeeld dat je je zorgvuldig bereide saté van varkenshaas niet overgiet met pindasaus, hoe lekker pindasaus ook is. Een beetje zonde is dat namelijk wel van het vlees. Saus wordt vaak gebruikt om te verdoezelen dat het vlees te droog is, dus ik ben altijd op mijn hoede als vlees mét saus geserveerd wordt in plaats van apart. Neem voor de pindasaus gewoon een stuk Turks brood en doop die in de saus. Voor je saté neem je een lekkere ketjapsaus of gewoon géén saus.

Ik mocht saté bereiden voor een kleine barbecue met vrienden. Een eerste bijeenkomst na alle corona-beperkingen van afgelopen jaar. Na het geplande menu te hebben doorgestuurd, kreeg ik de volgende dag een berichtje terug: ‘Of ik de satésaus niet wilde vergeten!’ Ik antwoordde: ‘Klopt, die vergeet ik niet.’

Lees Meer Lees Meer

Lamsbout – India style

Lamsbout – India style

Tringggggg. De deurbel. Ik drukte op de intercom. “Het lammetje.” Even later lag er een flinke lamsbout op het aanrecht. “Wat ga je maken?” “Geen idee. Iets Indiaas?” “Jaaaah!”, klonk een jeugdig stemmetje achter mij. We lachten. “Dat is duidelijk. India it is.”

Ik heb eerlijk gezegd geen lam of schaap gezien in India. Geiten daarentegen wel, je struikelde er letterlijk over. En het mag een wonder heten dat we er geen onder de auto kregen op de binnenwegen. Aan de chauffeur lag het in ieder geval niet…

Een lamsbout is eigenlijk een kwestie van lang genoeg marineren en een paar uur in de oven. Kan niet zo heel veel mee misgaan eigenlijk. En je kunt er een paar dagen van eten. Of een klein weeshuis mee voeden.

Onderstaand recept is voor een lamsbout van ruim 2 kilo, ontdaan van vliezen en vet. Ik marineer voor Indiase gerechten graag vlees in yoghurt, dat voegt niet alleen smaak toe, maar maakt het vlees ook heel mals. In dit gerecht marineer je het vlees in twee fases, waarvan de tweede fase met yoghurt. Je voegt dan bovendien honing toe, om het zure van de yoghurt een beetje tegen te gaan.

Lees Meer Lees Meer

‘Indische’ slavinken

‘Indische’ slavinken

Voor de duidelijkheid: Indische slavinken bestaan niet echt. Behalve in mijn keuken. Het is een bedenksel. En alleen maar omdat ik werd uitgedaagd door de mede-blogger. Onlangs at ik voor het eerst sinds ik bij mijn ouders uit huis ben – en dat is lang – een slavink. Van de supermarkt dat wel. Onze moeder eet ze regelmatig, van de lokale slager. Niet perfect vormgegeven, in tegenstelling tot de machinale supermarktexemplaren, maar robuust. Ze doen wat denken aan de ‘houthakkerburger’, een hamburger omwikkeld met twee plakjes spek. Net zo’n gemaksuitvinding als de ‘slavink’.

Die slavink stamt namelijk uit 1952,  bedacht door door de Hilversumse slager Boerwinkel. De naam werd een jaar later bedacht door een slager Spoelder uit Laren. Was de slavink 50 jaar eerder bedacht, dan was de kans groot dat er wel een Indische variant zou zijn.

De ‘slavink’ is een afgeleide van de ‘blinde vink’, gekruid rundergehakt omwikkeld met een dun lapje vlees. Deze blinde vink is ook heel wat ouder de de slavink. En ja, de verwijzing naar een vogeltje is er niet voor niets. In de achttiende eeuw at men ook in Nederland gewoon zangvogeltjes. De eerste recepten voor alternatieven met ander vlees verschijnen dan ook al snel. In de achttiende eeuw sprak men in de Provence over alouettes sans tête (leeuweriken zonder kop). Een leeuwerik is dan wel geen vink, maar het idee is wel duidelijk. En van blinde vink naar slavink is het een kleine stap.

Lees Meer Lees Meer

Lamszadel – India style met pulao

Lamszadel – India style met pulao

Vrienden hadden een vriezer gevuld met lam. Al eerder maakte ik eens rogan josh voor ze van lamsnek. Nu zaten ze in hun maag met lamszadel. Of ik daar niet iets lekkers van kon maken. En daar bedoelden ze ‘iets Indiaas’ mee. Tuurlijk, zei ik vol bravoure, niet wetende wat ik er op dat moment mee aan moest.

Wat zoeken leert dat lamszadel wordt verwerkt tot entrecote, haasjes, filet of koteletten. Zeg maar, de dunne lende van het lam. Lamszadel wordt vooral ontbeend gebruikt, waarna het vlees als een rollade in de oven wordt bereidt. En het is zo klaar, tussen de 30 en 60 minuten, afhankelijk van de oventemperatuur. Hoewel ik nooit een lamszadel ontbeend heb, wilde ik daar niet voor weglopen. Totdat ik instructiefilmpjes compleet met zagen voorbij zag komen. Er diende zich echter nog probleem voor, de beschermende vetlaag aan de buitenzijde was voor een groot deel weggesneden. Zou ik het vlees ontbenen, dan zou de lamszadel waarschijnlijk in twee delen uiteen vallen. Dat leek mij dan ook weer een beetje zonde. Tegelijkertijd beschermde de vetlaag het vlees tegen uitdrogen. Als alternatief zou ik met mijn Chinese hakmes de lamszadel in gelijke delen kunnen hakken en die afzonderlijk van elkaar marineren en bakken, al dan niet in de oven. De twijfel begon toe te slaan. Wat te doen? Wellicht de volgende keer maar wat minder overtuigd zijn als er een onbekend stuk vlees wordt aangeboden?

Ik piekerde verder, tot de dag voordat ik het vlees diende te bereiden. Ik koos voor het volgende. Ik sneed het vlees in langs het bot en de wervelkolom. Vervolgens smeerde ik het vlees in met een yoghurtmarinade. Daarna liet ik de lamszadel 6 uur marineren.

Lees Meer Lees Meer

Over de schande van nep-krieltjes in supers

Over de schande van nep-krieltjes in supers

Supers hebben tegenwoordig een ruime sortering van aardappelsoorten. Zelfs de Opperdoezer Ronde is er in het seizoen te koop.

Maar op 1 gebied gaan ze schandalig de mist in, en nog wel opzettelijk ook. Krieltjes! Laat 1 ding duidelijk zijn. Wat de supers als krieltjes met schil verkopen zijn gewoon ietwat kleinere aardappelen, regelmatig met een lengte van 4 centimeter. Als je bent opgegroeid met familieleden die zelf aardappels verbouwden, dan weet je wat echte krieltjes zijn.

Echte krieltjes zijn hele hele kleine aardappeltjes. Maximaal 2,5 centimeter in diameter, liefst kleiner nog. Je kunt niet eens meerdere zakjes nep-krieltjes kopen en alleen de kleinste aardappels nemen; de kleinste nep-krieltjes zijn nog steeds groter dan echte krieltjes. Vergeleken met een grote aardappel is bij een kleinere aardappel de verhouding van de hoeveelheid binnenkant en de schil anders. De binnenkant is een volume en de buitenkant een oppervlakte. Fundamenteel: kleinere volumes hebben in verhouding een groter buitenoppervlak, naar verhouding komt er steeds meer schil, hoe kleiner de aardappels. En dat zorgt voor aan andere textuur en smaak. Hele generaties weten nu niet hoe echte krieltjes kunnen smaken, o.a. door die nep-krieltjes van de supers.

Wat de supers als krieltjes zonder schil verkopen zijn gewoon ronder gemaakte stukken van grote aardappelen. Schande, schande, schande. Volksverlakkerij. Als verdediging wordt o.a. gemeld dat krieltjes slechts(!) een volksnaam is en niet in de wet is vastgelegd. Helemaal bont maken ze het tegenwoordig door mini-krieltjes te verkopen; schilloze nep-krieltjes nog een keer doormidden gesneden. Dieper zinken op reclame gebied is nauwelijks mogelijk. Het werkt wel blijkbaar, want in de supers waar wij komen liggen schappen vol nep-krieltjes. En dat doen ze alleen als het verkoopt.

Echte krieltjes schoonmaken, inkerven en dan met schil en al in hete olie bakken. Zodat ze krokant worden. Super. Maar ja, in de loop der tijden zijn de familieleden die zelf aardappelen verbouwden daar 1 voor 1 mee opgehouden. Te arbeidsintensief of gewoon kleiner gaan wonen. Echte krieltjes zijn nu voornamelijk herinnering. Misschien kan je ze nog rapen bij een vriendelijke boer, na de oogst. Eens per jaar. Helaas worden aardappels steeds vaker op richels geplant, omdat die richels zorgen voor sneller opwarmende grond en goede afwatering. In combinatie met machinaal oogsten blijven er dan wel heel weinig aardappels achter. Echte krieltjes: verleden tijd.

Met nep-krieltjes uit de oven een maaltijd uit de oude doos gemaakt. We eten niet vaak een ooit standaard groente-vlees-aardappel maaltijd, voor deze keer een uitzondering gemaakt. Vroeger met bloemkool, een kaassaus en verse worst. Nu met broccoli en slavinken.

Lees Meer Lees Meer

Duits kaiserbroodje met schnitzel en gribiche saus

Duits kaiserbroodje met schnitzel en gribiche saus

Vroeger passeerden we op de snelweg elke keer hetzelfde truckersrestaurant, uiteraard. En daar stond dan een bord met de tekst ‘Schnitzels zo groot als deurmatten’ of ‘Schnitzels als deurmatten’, welke van de 2 is me even ontschoten. En die tekst intrigeerde. Tegenwoordig zijn er heel veel restaurants die met deze kreten klanten naar binnen lokken. En de teleurstelling is altijd even groot: de schnitzels passen keurig op een bord. Een groot bord weliswaar, maar nog steeds geen deurmat grootte.

Schnitzel is misschien wel het populairste stukje vlees in een Duitse maaltijd, met mogelijk als concurrent Duitse worsten. Te vinden in Duits sprekende landen (o.a. Duitsland, Oostenrijk, Liechtenstein), in voormalige koloniën (o.a. Namibië) en op plekken waar veel Duitsers heen zijn geëmigreerd (o.a. Pennsylvania). Duitse restaurants hebben ook vaak een menu met pagina’s vol met schnitzel varianten. En met schnitzels bedoelen we kalfsschnitzels, natuurlijk.

Schnitzels uit de Nederlandse supermarkt, daar werd ik niet zo vrolijk van. Een keer voor het bakken de gepaneerde buitenkant eraf gehaald en toen begreep ik meteen waarom. Het was niet bepaald het beste vlees dat er inzat. Het hoeft geen biefstuk kwaliteit te zijn natuurlijk, maar toch.

Het is niet bekend waar schnitzels het eerste werden gemaakt: platgeslagen vlees in een jasje van bloem, ei en broodkruimels. Sommigen zweren bij Italië, anderen bij Oostenrijk. Dat laatste komt waarschijnlijk door de Wiener Schnitzel, een officieel beschermde geografische aanduiding in Oostenrijk (en Duitsland). En dat betekent dat een Wiener Schnitzel alleen gemaakt mag worden van mager kalfsvlees. Kalfsvlees is niet goedkoop, vandaar die mindere kwaliteit supermarktschnitzel die ik een keer kocht. Wil je goed vlees moet je niet bezuinigen.

Populair in Duitsland is schnitzel op een hard broodje. Een soort van Duitse hamburger. Ook wel Schnitzelsemmel genoemd. Vooral als het op een kaiserbrötchen ligt, die ook wel Kaisersemmel of Handsemmel wordt genoemd. Er zijn Duitse versies waar de schnitzel zo ver uit het broodje steekt dat je de combinatie niet fatsoenlijk kunt oppakken. Kaiserbroodje met een servet grote ambachtelijke schnitzel past beter. En dat betekent dat we de schnitzel niet superplat gaan slaan.

Lees Meer Lees Meer

Rogan josh van lamsnek

Rogan josh van lamsnek

Een gerecht dat klinkt als een Amerikaanse B-film acteur, maar een van de typische gerechten is uit de keuken van Kashmir, een regio grotendeels gelegen in India, maar deels ook in Pakistan. En wie op zoek gaat naar hét recept voor rogan josh komt al snel van een koude kermis thuis. Dat bestaat namelijk niet. Zelfs over de etymologie is er discussie, afhankelijk of je de Perzische lijn (Farsi) volgt met ‘gestoofd in ghee’ of de Hindo-variant (Urdu) met ‘rood vlees’. Het rode verwijst naar de gedroogde bloemen en wortel van de alkanetplant, ook wel ossentongwortel geheten, waarmee het gerecht soms gekleurd wordt. Anderen kleuren het gerecht met kashmiri-pepers, een milde variant rode peper. In de traditionele bereiding worden de gedroogde pepers geweekt en tot een pasta gewreven waarmee het vlees wordt ingesmeerd. Je kunt ook de gedroogde pepers fijnmalen en toevoegen tijdens de bereiding. En dan is er nog de discussie over wel of geen tomaten. Neen, zeggen de puristen, want tomaten zijn niet oorspronkelijk in India. Terwijl anderen zeggen dat het gerecht om vlees en tomaten draait. Weer anderen zeggen dat de toevoeging van tomaten een variant is uit de Punjabi-keuken, nog zo’n regio die over grenzen heengaat. Die regio wordt in India bewoond door Sikhs en Hindoes, terwijl de regio in Pakistan bevolkt wordt door moslims. De laatsten gebruiken dan weer geen yoghurt, terwijl de Hindoes dat wel doen. Niet gek dus dat de meningen over wat rogan josh nu daadwerkelijk is soms zo ver uit elkaar liggen.

Waar wel iedereen het over eens is dat het gerecht gemaakt wordt met lams- of schapenvlees. Nu eet ik wel vaker gerechten uit een van de keukens van het Indisch subcontinent, maar eigenlijk nooit met lamsvlees. Niet zozeer een principiële keuze als wel dat ik er niet makkelijk aan kan komen hier in mijn directe omgeving. Dacht ik. Turkse winkel op loopafstand blijkt. De eerste keer kocht ik lamsnek, in schijven. Ideaal om te stoven, want er komt dan veel smaak van het bot af. Beetje pulken op mijn bord ben ik bovendien niet vies van. Maar de keren daarna koos ik toch voor lamsnek zonder bot.

Rogan josh of rog(h)an ghosht is een aromatische curry, typisch voor de Indiase keuken. En voor de lekkerste curry’s neem je de tijd. Niet dat je in dit geval bijzonder veel moet doen, behalve wat plannen. Het beste resultaat krijg je als je het vlees een nachtje laat marineren.

Lees Meer Lees Meer

Gevulde hamburger maken met een cadeautje

Gevulde hamburger maken met een cadeautje

Ik heb niets met verplichte cadeau-dagen. Gezellig langskomen op verjaardagen en feestdagen prima, neem dan vooral jezelf mee. Wat ik wel heel erg leuk vind is onaangekondigd heel af en toe – niet te vaak – een hebbedingetje krijgen, zonder dat de gever zijn portemonnee daarna bij inspectie helemaal leeg aantreft. Kook-hebbedingetjes, altijd leuk. En om wel te gebruiken.

Ik heb een metalen hamburgerpers, maar die is bedoeld voor het persen van vlees in een hamburgervorm, zonder dat er een vulling ingaat. Ooit een hebbedingetje, nu een kastenvuller want niet meer in gebruik. Hamburgers vormen met de handen gaat minstens net zo goed. Dat wordt anders als je hamburgers met een vulling wilt maken. Een stuk lastiger om die vulling altijd centraal te krijgen.

Van de medeblogger onverwacht een hamburgervulapparaat gekregen. Een apparaat uit de VS, een Stufz™. Het ziet er complex uit, maar komt met duidelijke instructies. En vooral ook met veel food-safety guidelines. Juridisch helemaal ingedekt. Zo ook de schriftelijke waarschuwing dat de vulling er niet rauw in mag. En dat is logisch hebben we gemerkt. Want het kost moeite om de warmte binnenin te krijgen zonder dat de burger aan de buitenkant zwart worden.

De aanbeveling van Stufz™ is om hiermee je eigen signature burger te creëren. Dat is nog niet gelukt. Maar lekker is gevulde hamburger wel.

Lees Meer Lees Meer

Baldo risotto met tuinerwtjes, speklap en ui

Baldo risotto met tuinerwtjes, speklap en ui

We eten inmiddels vaker risotto dan enig andere rijstvorm, mogelijk met uitzondering van gebakken rijst. Niet alle soorten risotto zijn echter even makkelijk in Nederland te verkrijgen. De belangrijkste soorten in Italië zijn Carnaroli, ook wel de koning van de risotto rijsten genoemd, Arborio, Vialone Nano, Baldo, Maratelli, Roma, Rosa Marchetti en Sant Andrea. De rijstsoorten Carnaroli, Maratelli en Vialone Nano worden als de besten beschouwd en zijn wat duurder. Carnaroli geeft veel zetmeel af, wat resulteert in een romig geheel. Arborio is goedkoper en daardoor veel aanwezig in supers, het geeft wel wat minder zetmeel af, maar nog steeds ruim genoeg. Je moet wel oppassen dat deze rijstsoort niet te lang kookt. Als je risotto bereidt door er telkens weer wat nieuwe bouillon bij te doen, zodat je erbij moet blijven, is de kans daarop kleiner.

Bij ons is Baldo risotto echter net zo geliefd als de vermeende top 3. Baldo eten we vaak met groentebouillon. Carnaroli en Arborio met vleesbouillon. Wat het lekkerste is met Vialone Nano, daar zijn we nog niet over eens. We hebben ze nog niet allemaal geproefd en tegenwoordig worden er ook nieuwe soorten verkregen door kruisingen, niet alleen in Italië. Carnaloni, Arborio en Baldo staan inmiddels wel standaard in onze voorraadkast. De bedoeling is dat Vialone Nano daar ook bij komt te staan.

Deze keer Baldo risotto gepakt, met tuinerwtjes uit de diepvries, speklappen en ui. Zelf speklappen in stukken snijden als ze gaar zijn, veel lekkerder dan al in stukken gesneden spekblokjes kopen en die garen.

En om het af te maken, wat Aceto Balsamico Traditionale di Modena DOP op de risotto gedruppeld. Ooit begonnen met de goedkope en zure balsamico azijn, via de iets duurdere Aceto Balsamico di Modena IGP uiteindelijk beland bij de Aceto Balsamico Tradizionale di Modena DOP, in het bolle flesje. Inderdaad niet goedkoop, maar omdat 1 druppel zo ontzettend veel geconcentreerde smaak bevat doe je heel lang met 1 flesje.

Lees Meer Lees Meer

Krabbetjes, toen we nog geen spareribs kenden

Krabbetjes, toen we nog geen spareribs kenden

Veel mensen kennen krabbetjes niet, of zijn ze waarschijnlijk vergeten. Het wordt tegenwoordig soms nog aan erwtensoep toegevoegd, maar wij aten het vroeger bij de zuurkool. Gebakken of beter, langzaam gesudderd. Ik at het liever dan rookworst (maar het liefst natuurlijk allebei). In de supermarkt zie je tegenwoordig nauwelijks nog krabbetjes liggen, hooguit als onderdeel van een erwtensoeppakket. Daarom haal ik in de winter bij de groothandel altijd een aantal porties. Uiteraard kun je het ook in de zomer eten, maar net als rookworst horen krabbetjes voor mijn gevoel toch echt bij de winter.

Spareribs en krabbetjes zijn eigenlijk hetzelfde, maar toch niet helemaal. Wanneer de ribbetjes van de lende van het varken worden gesneden, noemen we ze spareribs. Het vlees is mager en mals. In de V.S. worden deze baby back ribs genoemd. De lager gelegen spareribs, ter hoogte van de buik, zijn al wat vetter. Als je nog dichter bij het borstbeen komt, worden de kleine ribbetjes echte ribben, ‘krabbetjes’ genaamd. Er zit meer vlees aan de ribben, wat bovendien stugger is, maar ook wat meer vet. Echte krabbetjes hebben nog een stukje kraakbeen aan het uiteinde, ‘knars’ noemden wij het thuis. Iets wat vroeger gewoon werd opgegeten. Het is gek dat deze varkensribben tegenwoordig niet meer veel gegeten worden, terwijl de variant van de koe, de ‘short rib’, ontzettend populair is, met name bij de liefhebbers van de barbecue. Wonderlijk bovendien, want krabbetjes zijn spotgoedkoop. En dat terwijl je voor short ribs vaak de spreekwoordelijke rib uit je lijf betaalt.

Krabbetjes hebben een langere bereidingstijd nodig dan spareribs en worden gekookt of gestoofd gegeten. Onze moeder stoofde ze vroeger, moddergaar, totdat het vlees bijna van het bot viel. Oh, zo lekker. Maar je kunt ze natuurlijk ook behandelen als het grote broertje van spareribs. Meestal stoom ik mijn spareribs, maar ik twijfel of dat met het dikke vlees van krabbetjes handig is. In de braadplan dus. Wel gemarineerd.

Lees Meer Lees Meer