
Knoflook-mosterdsoep met rookworst
Vroeger brachten we oud brood naar de eendjes in het plantsoen. Ik geef toe, ik was nog een klein Damtennetje. We hadden het geluk om twee plantsoenen op korte afstand te hebben. Beide hadden volop eenden, maar het ene had ook herten en een groot hangbuikzwijn. Heel intrigerend vond ik dat zwijn, maar ook wel zielig, omdat er maar één zwijn was, terwijl er van de andere dieren veel meer waren. Helemaal van de eenden. De herten vond ik overigens maar groot en dus een beetje eng. Maar niet zo eng als de schapen op de hei tijdens een vakantie in Epe. Daar zijn zelfs nog foto’s van. Maar dat is een verhaal voor een andere keer.
Het oudste plantsoen had zelfs aapjes, maar ik weet eigenlijk niet zeker of ik die zelf ooit gezien heb, of dat ik alleen van ze weet van de verhalen. Later waren er andere dieren te vinden en weer later vogels. Die herinner ik me nog wel goed. Het deel van het plantsoen waar ze zaten heette dan ook Vogeleiland. Toen ik puber was, was het Vogeleiland afgesloten, wat ik altijd jammer vond.
Zo vaak voerden we de eendjes waarschijnlijk niet eens, maar het heeft wel indruk gemaakt. En bijzondere herinneringen opgeleverd. En zo dicht bij huis en toch midden in de stad. We kwamen vaker in het plantsoen, niet alleen om oud brood aan de eendjes te voeren. In de winter om te sleeën bijvoorbeeld. Vroeger, toen we nog sneeuw hadden in de winter.
Het is makkelijk om droog oud brood gewoon maar weg te gooien, maar eigenlijk is het net zo makkelijk om ze te gebruiken voor een snel soepje. Jawel, het was alweer even geleden dat er een soep voorbij is gekomen op Reutel. En dat terwijl soepen zo lekker kunnen zijn en vaak ook heel makkelijk. Had ik vast al eens gezegd. En ook goed om restjes op te maken en dus ook oud brood. Bijvoorbeeld kaiserbroodjes, die al snel vrij hard worden. Te hard om fatsoenlijk je tanden in te zetten in ieder geval. Als je als een roofdier bezig bent een hap van je kaiserbroodje te nemen, dan is het broodje echt te oud. In de soep dus.
En in koude maanden is een mosterdsoep een smakelijk lunchgerecht. We vrolijken de soep nog wat verder op met wat de koelkast biedt.
- 3 oude kaiserbroodjes
- 1/2 rookworst
- uitgebakken vet van guanciale
- 1 el arachideolie
- 10 tn knoflook
- 2 tl tomatenpuree
- 1 flinke tl paprikapoeder (zoet)
- Zo’n 1,5 liter water
- 1/2 tl witte peper
- 3 tl mosterd naar keuze
Gaar de rookworst en laat die afkoelen. Of neem een restant rookworst van de vorige dag. Snij de rookworst in kleine blokjes.
Scheur de broodjes in kleine stukjes.
Hak de knoflook fijn.
Verhit de olie in een pan met dikke bodem en voeg de knoflook toe. Na een minuutje zachtjes aanfruiten voeg je de tomaten pasta toe en bakt deze kort mee.
Voeg het brood toe en roer goed om. Voeg de paprikapoeder toe met de witte peper en roer om zodat al het brood bedekt is.
Doe het (warme) water beetje bij beetje in de pan en roer telkens om tot het brood elke keer het vocht heeft opgenomen.
Als al het water is toegevoegd, breng het aan de kook en laat het 15 minuten zachtjes pruttelen terwijl je af en toe roert. De soep mag geen losse stukjes brood meer bevatten.
Breng de soep op smaak met mosterd.
Heb je net zoals ik nog wat vet van uitgebakken guanciale over, verwarm het totdat het weer helder is.
Serveer de soep in diepe borden en strooi er wat van de rookworst overheen. Lepel wat van het guancialevet over de soep.
Serveer uit en geniet!
2 gedachten over “Knoflook-mosterdsoep met rookworst”
Hoi Damten, leuk om wat over jouw jonge(ns)jaren te lezen. Soep is altijd goed en lekker! Behalve die ene keer, ik was in Portugal en bestelde broodsoep. Lekker traditioneel dacht ik. Ik kreeg genoeg voor een heel weeshuis maar was na drie happen klaar. Het was een smakeloze papperige brei waar ik niet blij van werd. Maar deze van jou durf ik wel aan!
Ja, dat snap ik wel. De eerste keer dat ik brood gebruikte voor soep was ik ook huiverig. Niets zo vies als doorweekt brood op je bord namelijk. Maar het gaat verrassend goed in de soep!