Archief van
Tag: Amsterdamse Bos

Mastjaar 2024: anijskoekjes mét beukennoten

Mastjaar 2024: anijskoekjes mét beukennoten

Anijskoekjes van havermeel en kikkererwtenmeel, mét beukennoten.

Want 2024 lijkt een mastjaar te zijn voor beukennoten. Tenminste op de locaties waar wij tot nu toe zochten.

Wij zijn nogal dol op beukennoten én wandelen. Dus wat doe je in de herfst? Beukennoten zoeken tijdens boswandelingen. Wij wachten altijd op de combinatie van een winderige nacht en een daarop volgende dag met droog weer. Dan is de kans groot dat er net gevallen beukennoten op de bosvloer liggen die nog niet zijn aangetast door gaten borende insecten en andere dieren, zoals everzwijnen, eekhoorns, bosmuizen en vogels, zoals de Vlaamse gaai en de keep. Vaak is de bosbodem dan nog wel nat, maar blijf je zelf tenminste droog tijdens het zoeken.

Zoeken in mastjaren is heel makkelijk: heel snel heel veel beukennoten. Zoeken in niet mastjaren is veel moeilijker. Als je dan na 10 minuten zoeken nog geen volle beukennootverpakking hebt gevonden dan weet je het wel. Dat wordt een jaar zonder de delicatesse die beukennoten heet.

Het had die nacht behoorlijk gewaaid en de middag zou droog worden. Dus een bezoek verplaatst van de middag naar de ochtend – ze begrepen het wel – en ’s middags op de terugweg omgereden zodat we beukennoten konden zoeken in het Amsterdamse bos. U weet nog wel, dat bos met vele bruggen, waarvan 67 bruggen van de hand van architect Piet Kramer die allemaal verschillend zijn. En het bos waar Schotse Hooglanders vrij rondlopen, in een afgebakend deel.

Inmiddels weten we wel waar de beuken staan die oud genoeg zijn om beukennootjes op de leveren. Dat is handig want beuken krijgen pas noten als ze ongeveer 50 jaar of ouder zijn.

Ongepeld wegen 10 beukennoten nog in hun jasjes ongeveer 4 gram. Gepeld wegen diezelfde 10 beukennootjes ongeveer 3 gram. Ongeveer 25% van een beukennoot is daarmee bescherming. Toch houd je in werkelijkheid veel minder over. Het blijven bosvruchten, net als tamme kastanjes. Zwarte en beschimmelde exemplaren gaan we niet opeten.

Dit keer heel snel 345 nootjes van de bosvloer opgeraapt. Dat levert, als alle noten goed zijn, ongeveer 103 gram aan kale noten. Met per persoon 10 à 20 gram noten in een (pasta)maaltijd kom je normaal gesproken al heel ver, omdat de meeste noten weinig wegen. Hier is de noot echter de beukennoot. We gebruiken iets meer van deze delicatesse, en houden nog steeds wat over voor iets anders!

Lees Meer Lees Meer

Een Nederlandse beukennotencake

Een Nederlandse beukennotencake

Herfst. Het is weer tijd voor zelf geraapte bosvruchten.

Geïnspireerd op pinolata, een Italiaanse pijnboompittencake (pino betekent pijnboom), en Nederlandse beukennootjes. Een faggiolata? (Want faggio betekent beuk.) Beukennotencake. Over 1 ding zijn de oud-Romein Plinius en ik het namelijk helemaal eens: beukennoten zijn heel erg lekker.

Zoals eerder geschreven, beukennoten zijn in mijn omgeving niet te vinden. Geen nood, bij familie staan ze om de hoek. Maar toen we een keer terugreden van boven het IJ, via de A9 dit keer, hebben we een tussenstop gemaakt in het Amsterdamse Bos. Even een stuk wandelen. En dat bos staat tjokvol met beuken, naast vele andere boomsoorten. (Maar helaas is de tamme kastanje nauwelijks aanwezig anders hadden we die vruchten meteen meegenomen – zie onder.)

Het Amsterdamse Bos is een aangelegd bos. Tussen 1934 en 1940 werkten naar verluidt 20.000 mensen aan de aanleg. Niet helemaal vrijwillig, want in die jaren van grote werkloosheid werd de aanleg van het bos aangewezen als werkverschaffingsproject. Was je werkloos, dat had je toch ineens werk. Met als betaling een uitkering, dat wel. Het Amsterdamse bos is niet alleen bos. Er is ook veel water en grasland. Gevarieerd aangelegde vrije natuur, om in te recreëren.

Genoeg parkeerplaatsen aan de randen. Veel auto’s, maar het bos is zo groot dat je andere mensen in de herfst nauwelijks tegenkomt. Eenmaal in het park zie je terug dat het is ontworpen met de Engelse landschapsstijl in het achterhoofd. Door het vele water blijf je over bruggen lopen. Daarvan zijn er 67 van de hand van architect Piet Kramer. De bruggen zijn allemaal verschillend. Voor een deel zelf te ontdekken door de zogeheten bruggenroute te lopen. Daar is meer tijd voor nodig dan een tussenstop langs de A9 oplevert.

Grote trekpleisters zijn de Schotse Hooglanders. Wisten we niet, maar we kwamen ze wel tegen. Toch nog maar een stukje omgelopen naar de parkeerplaats.

In het Amsterdamse Bos staan zowel jonge als oudere beukenbomen. Ze kunnen wel meer dan 200 jaar oud worden. Dat is handig want beukennoten krijgen ze pas als ze ongeveer 50 jaar (of ouder) zijn. Beukennoten zoeken doe je daarmee onder hoge bomen met een dikkere stam. Sinds de aanleg van het Amsterdamse Bos zijn ruim 80 jaar voorbij gegaan: er zijn beukennoten bij de vleet, vooral in mastjaren.

Lees Meer Lees Meer