Archief van
Tag: Balkenbrij

Limburgse balkenbrij met risotto en cheddar

Limburgse balkenbrij met risotto en cheddar

Mocht ik ooit in mijn eentje op een onbewoond eiland moeten belanden, maar van tevoren nog wel mogen kiezen wat ik als enige ingrediënt zou willen eten al die dagen dat ik op zo’n eiland moet verblijven, dan kies ik voor knapperig gebakken balkenbrij. Echt wel! Wel die uit Salland, natuurlijk. Vlees, kruiden en meel, daar moet je een tijdje op kunnen overleven als er op het eiland zelf zoet water is te vinden. Beetje smokkelen, dat wel, want balkenbrij bestaat dus zelf al uit meerdere ingrediënten. Hadden ze mij maar niet op een onbewoond eiland moeten neerzetten.

Medeblogger op bezoek. Hij ging voor ons koken. Dat werd dus heel lekker eten. Wij mochten alleen voor het toetje zorgen. Meldde de medeblogger ineens dat mijn recepten met balkenbrij op Reutel eigenlijk ‘niet echt’ waren, want de balkenbrij was niet zelf gemaakt. En als een soort van bevestiging gaf hij mij direct een blok Limburgse balkenbrij cadeau! Gekocht in Limburg zelf. En dat terwijl hijzelf zo dol is op balkenbrij.

Limburgse balkenbrij. Balkenbrij: dat iets dat er niet aanlokkelijk uitziet zo ontzettend lekker kan zijn. Hier een bijna kubus van 6,5 cm x 6,5 cm x 7,5 cm ≈ 317 cm3 aan balkenbrij. Met een gewicht van 350 gram. Dat levert normaal gesproken 3 porties op.

Balkenbrij is inderdaad nog niet met de medeblogger gemaakt, want dat is een erg bewerkelijke en tijdrovende klus. Maar wacht, die woorden ‘niet echt’, geldt dat dan ook voor aangekochte kant-en-klare kruidige worsten? Daarna meldde hij ook nog losjes dat al die risotto gerechtjes op elkaar leken. Wat natuurlijk niet zo is. En dat ik wat veel risotto gerechtjes had. Daar heeft hij misschien wel een beetje gelijk in. Hoewel de medeblogger er zelf ook 1 heeft gepubliceerd: risotto nero con le seppie. Dat is zelfs het eerste op Reutel gepubliceerde risotto recept.

Balkenbrij en risotto, allebei favoriet in ons huishouden. Dus. Voor de eerste keer Limburgse balkenbrij gebakken en gegeten, met bloed, en voor de zoveelste keer risotto, net weer iets anders klaar gemaakt. Noem het geen recept, maar een smaaktest. Knapperig gebakken bloedworst is ook heerlijk, dus Limburgse balkenbrij, kom maar op.

Lees Meer Lees Meer

Over Vlaamse friet; met groene asperges en feta

Over Vlaamse friet; met groene asperges en feta

Gekookte aardappelen eten we eigenlijk alleen in stamppotten. Maar gebakken aardappelen, dat zijn echte favorieten op Reutel. Schijfjes knapperig bakken in koekenpannen, partjes uit de oven, weer opgebakken puree in een koekenpan, aardappeltaartjes, platgeslagen krieltjes uit de oven, Hasselbacks Potatis, aardappelkoekjes, aardappelwafels, aardappels als pizzabodem, et cetera.

En natuurlijk friet. Of patat. Maar dat is op je bord gewoon hetzelfde. Je woordkeuze wordt bepaald waar je het haalt of bent opgegroeid. Er is zelfs een zogeheten, informele, patat-frietgrens in Nederland. Een voorbeeld van een soglosse, waar een klein, systematisch taalverschil tussen dialecten aanwezig is, een soort van taalgrens. (De wetenschap verzint graag elke keer nieuwe woorden; definities helpen bij het onderzoek.)

Beneden de grote rivieren worden friet en frieten gegeten en boven de grote rivieren patat. Zal ook wel iets te maken hebben met het verschil tussen de vroegere Bourgondische levensstijl of een oorspronkelijk Calvinistisch levenshouding. Met al die verhuizingen in Nederland zal het verschil ooit wel verdwijnen, misschien.

Maar patat of friet, dat is gewoon links- of rechtsaf slaan na de oorspronkelijke Francophone benaming patates-frites (en pommes-frites), gefrituurde aardappelen. Noordelijk Nederland legde de nadruk op het feit dat het aardappelen waren die werden gefrituurd, vandaar het woord patat. Zuidelijk Nederland en Vlaanderen legden de nadruk op het feit dat ze werden gefrituurd, die aardappelen, vandaar het woord friet. In Vlaanderen speelt mogelijk ook mee dat aardappelen daar patatten heten. Dan is de keuze op het meer afwijkende woord friet logischer dan de keuze voor patat als woord voor gefrituurde aardappelen.

Een groot deel van de mensheid noemt gefrituurde aardappelbalkjes French fries, Franse frieten, en daar zijn zo te lezen sommige Belgen nog steeds boos om. Zowel in Wallonië als Frankrijk zijn ze Francophone, spreken ze de Franse taal. Zowel in Wallonië als in Frankrijk eten ze patates-frites. Waar is het dan voor het eerst gemaakt? België, Frankrijk, of toch ergens anders? Een moeilijkheid bij het achterhalen van die oorsprong is grappig genoeg juist die naam. Patates-frites, gefrituurde aardappelen, zegt nog helemaal niets over de vorm.

Dat wordt anders als je er een tekening aan toevoegd. Volgens Goscinny en Uderzo, in de vorige eeuw, bakten de Galliërs al patates-frites. Zoals te zien is in het album Asterix en de Belgen, uit 1979, waar het Nervische stamhoofd Vandendomme het gerechtje uitvond. Patat-friet was overigens al eerder te zien in het album Asterix en de Gothen, uit 1963. Waar de Belgische druïde Tachtix, tegenwoordig vertaald als Mannekenpix, met zijn blote handen frieten uit een ketel met kokend vet haalde. Vandendomme en Tachtix, Goscinny en Uderzo hadden blijkbaar een voorkeur voor België als de plek waar patat-friet is uitgevonden in de oud Romeinse tijd. Een mythe, uiteraard.

En mythe, dat is sowieso wel een goed woord om te gebruiken in de speurtocht naar de oorsprong van patat-friet. Want de aardappel bereikte Europa pas in 1567 en wel naar verluidt als eerste in de haven van Antwerpen, België! De Belgen ten tijde van Julius Caesar zullen dan niet de uitvinders zijn geweest. Wie dan wel?

Lees Meer Lees Meer

Balkenbrij, sperziebonen, aardappelpartjes en gorgonzola

Balkenbrij, sperziebonen, aardappelpartjes en gorgonzola

Het roept altijd een gevoel van weemoed op als we weten dat we de laatste balkenbrij van het seizoen gaan eten. Meestal ergens in maart, maar door sommige slagers al eerder, wordt de laatste balkenbrij gemengd, gekoeld en in blokken gesneden, voor de verkoop.

Je kunt het natuurlijk invriezen, die balkenbrij, maar dat doen we liever niet. Alleen bij bulk aankoop in het op afstand gelegen Salland, dan willen we het wel eens doen. Een deel verse balkenbrij diezelfde avond bakken, een ander deel bewaren voor later, in de vriezer. De smaak van uit-de-vriezer balkenbrij is weliswaar dezelfde als die van verse, maar de textuur, die is veel minder krokant.

De laatste balkenbrij van het seizoen. Puur compensatie gedrag is het daarom, bewust meer balkenbrij dan normaal gesproken op het bord, zodat we extra kunnen genieten van het einde van het balkenbrijseizoen.

Balkenbrij kan je op verschillende manieren behandelen. Je kunt het in grotere plakken snijden, verbrokkelen, of zoals hier, in kleinere plakjes snijden die iets dikker zijn dan normaal. Daarom de standaard 10 minuten baktijd hier met 2 minuten verlengd.

Gekozen voor sperziebonen als groente, met als extra smaakmakers stevige tomaatjes en een klein beetje gorgonzola piccante. Voor het gemak aardappelpartjes uit de oven – dat geeft rust aan het fornuis tijdens het koken, want de oven doet het werk – met als extra smaakmakers chipotle sauce en mayonaise.

En de balkenbrij dus, zonder extra smaakmakers, want het rommelkruid in de balkenbrij heeft al enorm veel smaak van zichzelf.

Lees Meer Lees Meer

Balkenbrij met rode ui, halloumi en tattie scones

Balkenbrij met rode ui, halloumi en tattie scones

Balkenbrij wordt traditioneel gemaakt van slachtafval van het varken van (kop, organen), boekweitmeel, bouillon en het speciale rommelkruid. Zoals de naam al zegt, rommelkruid is een rommelige mix van waarschijnlijk overgebleven kruiden. Er kunnen 5 ingrediënten zijn gebruikt, maar er zijn ook samenstellingen met een kleine 20 ingrediënten. Rommelkruid is wel naar een bepaalde samenstelling geëvolueerd in het geval van het gebruik in balkenbrij. Voeg je er nog als extra het rode sandelhoutpoeder aan toe dan kan je met rommelkruid Rotterdamse kruidbroodjes maken.

Orgaanvlees eten was vroeger normaal. Ook wij zijn opgevoed met kippenlevertjes en echte darmen om worsten. Niertjes was niet onze favoriet. Ons oude schoolhoofd at schapenhersenen, die stap hebben wij nooit hoeven maken. Wel rundertong, heel af en toe kalfszwezerik en veel vaker varkensbloedworst. Die laatste maakte onze grootmoeder ook zelf, in november na de slacht van een varken. En daarmee stond ook hoofdkaas op het menu. Onze wat verder weg slagerij had het allemaal ook gewoon in de winkel.

In onze Engelse tijd stond Schotse haggis met enige regelmaat op tafel: schapenmaag gevuld met vermalen hart, long en lever, gemengd met niervet en havermout. Ongekend lekker. In Nederland wordt orgaanvlees verwerkt in balkenbrij. Ook ongekend lekker. Orgaanvlees, we groeiden ermee op en eten het nog steeds.

Maar echt lyrisch zijn we dus over balkenbrij. En dan met name de varianten uit Salland en het noordwestelijk deel van De Achterhoek. Balkenbrij is streek- en seizoensgebonden. Traditioneel gekoppeld aan de slachtmaand november. Tegenwoordig kun je de maanden ervoor en erna ook balkenbrij kopen. Na februari is het wel zoeken als naar een speld in een hooiberg.

Niet iedereen is overigens net zo lyrisch over echte balkenbrij, gek genoeg. In de Zweedse stad Malmö was van eind 2018 tot en met begin 2019 een tijdelijk museum geopend: het Disgusting Food Museum, waar bezoekers onsmakelijk eten konden zien en proeven. Naar verluidt mochten ook Nederlanders namen van gerechtjes inzenden. Balkenbrij en kruudmoes waren daarbij. De inzending van balkenbrij is natuurlijk onbegrijpelijk. De inzending van kruudmoes, een mengsel van gort, karnemelk, spek, rookworst, rozijnen en verse kruiden, ondersteun ik echter van harte. Zoals eerder geschreven, kruudmoes heb ik slechts één keer gegeten en daarna uit eigen keuze nooit meer.

Als we in de buurt van Salland zijn in het laatste kwartaal van het jaar, dan kan er balkenbrij gekocht worden. Diepvriestas mee met een bevroren koelelement erin, zodat op de terugweg de gekochte balkenbrij koud blijft. Rest alleen nog een maaltijd voor de volgende dag te bedenken.

Dit keer de balkenbrij laten vergezellen door rode ui, halloumi en tattie scones.

Lees Meer Lees Meer

Balkenbrij, zilvervliesrijst en verse sperziebonen

Balkenbrij, zilvervliesrijst en verse sperziebonen

Ik schreef al eens eerder een soort van ode aan balkenbrij. Een streekgerecht dat veel mensen niet kennen en als ze de ingrediënten horen vervolgens niet willen eten. Ik blijf erbij: het is fenomenaal lekker.

Balkenbrij importeren wij nog steeds uit Salland, hoewel het inmiddels ook wordt gemaakt door onze lokale slager, ver buiten het oorspronkelijke leefgebied van balkenbrij. Komt vast omdat iedereen maar blijft verhuizen naar andere gebieden in Nederland en zijn of haar lokale keuken meeneemt. En daarmee lijkt het er op dat de tijden in het jaar dat je balkenbrij kunt kopen zich ook uitbreiden. Hoe lekker ook, persoonlijk vind ik echter dat de buitentemperatuur onder de 15°C moet zijn gezakt: herfst en winter zijn de seizoenen waarin wij balkenbrij eten.

Door dat importeren koop ik wel meer balkenbrij dan je in 1 maaltijd op kunt eten. De rest gaat in de vriezer. Dat levert weer ontdooid nog steeds lekkere balkenbrij op, met maar 1 nadeel. Weer ontdooide balkenbrij is minder stevig dan verse balkenbrij en heeft daardoor wat meer moeite om in heel blijvende plakken te worden gebakken.

Normaal leg je de krokant gebakken balkenbrij in plakken naast de rest van de ingrediënten op de borden. Balkenbrij plakken bak je daarom in platte koekenpannen: balkenbrij moet de bodem van de pan voelen anders wordt het niet krokant. Deze keer had ik nog maar 1 schone grote koekenpan en die heeft een licht opgehoogd ruitjespatroon in de keramische bodem. Je weet dan eigenlijk wel dat het niet goed kan gaan, maar de balkenbrij trek was te groot om te wachten. En ja hoor, tijdens het omdraaien braken de plakjes deze keer inderdaad en meer dan normaal in stukjes. Het mochten geen plakken balkenbrij meer worden genoemd.

Tijd voor een experiment. Nadat de balkenbrij krokant was gebakken, voor het eerst alle balkenbrij in kleinere stukjes geruld en vervolgens nog even doorgebakken. Gemengd door de zilvervliesrijst en met verse sperziebonen opgediend.

Zonder verdere toevoegingen. Geen extra kruiden, specerijen of zout erdoorheen en ook zonder ketchup, de klassieke begeleider van krokante balkenbrij.

Nog steeds fenomenaal lekker. Verrassend? Qua smaak niet natuurlijk, balkenbrij! Qua textuur eigenlijk wel. Dat het los geruld ook overeind blijft. Balkenbrij!

Lees Meer Lees Meer

Nummer 22: de dubbele balkenbrij burger

Nummer 22: de dubbele balkenbrij burger

Onze oven is kapot. Zomaar, ineens. We hebben nog geprobeerd de oven te herstellen op dezelfde manier waarop je een Windows computer herstelt. Raam van de oven dicht. Stekker eruit. Even bij laten komen en dan opnieuw opstarten. Maar het heeft niet geholpen. En de monteur komt pas over acht werkdagen.

We maken nogal veel gebruik van onze oven. Dat moet de komende periode dus anders. Nadenkend over niet-oven gerechten kwam mijn wederhelft al heel snel met een lijstje van 21 lekkere maaltijden die we al dan niet met enige regelmaat maken. Dat was meer dan we vooraf hadden gedacht. Mijn bijdrage is nummer 22: de dubbele balkenbrij burger. Of is het balkenbrijburger?

Balkenbrij. Velen kennen het niet. Het woord balkenbrij komt waarschijnlijk van het Middelnederlandse woord gebachlte (of gebulchte), vleesresten die over blijven na het slachten. Daarom werd balkenbrij vooral veel gemaakt en gegeten rond en na de maand november, de traditionele slachtmaand. In vingerdikke plakken in de koekenpan krokant gebakken. Heerlijk.

Ik ken alleen de Sallandse variant van de balkenbrij, die daardoor ook de lekkerste is. Naar verluidt zitten er rozijnen in een Gelderse variant. In Limburg wordt vaak bloed toegevoegd, dat is weer dichter tegen bloedworst aan. En in Brabant en Salland gaan er spekjes doorheen. Maar of dit echt provinciale verschillen zijn? Dr. H. Uittien uit Deventer (in Salland) wist er meer van.

Ik importeer de Sallandse balkenbrij.

Lees Meer Lees Meer