Archief van
Tag: China

Broodje Chinese varkens rib-eye

Broodje Chinese varkens rib-eye

Rib-eye, dat is toch van de koe? Dat dacht ik toen voor de vitrine stond met het luxere vlees. Ik neem ten minste aan dat het luxe vlees was, want de prijs lag aanzienlijk hoger dan van de rest van het vlees. Indicatie was ook wel dat het vlees per stuk was verpakt en niet per 4 of meer in een grote tray.

Maar er stond dus varkens rib-eye op de verpakking. En ik geef toe, het zag er smakelijk uit. Het had mijn blik getrokken. Nieuwsgierig pakte ik het op en zocht naar de prijs. Niet goedkoop. Niet erg, ik betaal graag voor kwaliteit. Nou ja, graag. Ik heb het er voor over.

Altijd gedaan. Niet van het onderste schap. Liever vers dan uit blik, en liever met duidelijke herkomst dan volgepompt met water en troep. En zoveel mogelijk lokaal. Helaas is vooral biologisch vlees duur. Zeker als je voor meerdere mensen moet koken. Ik doe het dus maar af en toe. Niet om mijn geweten te sussen, maar omdat het meer smaak heeft.

Hoewel prijzig, was dit geen biologisch vlees. Wel afkomstig uit Nederland. Maar wat is varkens rib-eye eigenlijk?

De rib-eye wordt gesneden uit het voorste deel van de rug (de lende) richting de nek, waar het vlees van nature iets vetter en smaakvoller is. Zeg maar richting de hals waar de procureur vandaan komt. En wie wel eens procureur eet, weet dat dit vlees mals is door de marmering. In tegenstelling tot varkensfilet droogt een rib-eye niet snel uit. Het blijft mals en is daardoor ook heel smakelijk.

Ik kocht het, maar wat zou ik er mee gaan maken. Zomaar een lapje vlees braden doe ik niet snel. Hooguit een sucadelapje, maar ook dat eet ik vooral in een stoofpotje. Het is bovendien warm weer. Het is dus broodjestijd.

Lees Meer Lees Meer

Koolvisfilet in zoetzure saus

Koolvisfilet in zoetzure saus

Het was weer tijd om een glutenvrije maaltijd te bedenken. Op zich niet moeilijk, maar het is altijd goed de ingrediënten te checken bij een recept. Op de een of andere manier kwam ik niet tot iets naar mijn zin, totdat ik bedacht dat de vriendin in kwestie dol was op vis, maar dat niet zo vaak eet als ze zou willen.

Een van mijn favoriete visgerechten is Sichuan vis in heetzure saus. Helaas bevat de chilibonenpasta tarwe. Hoewel ik al eens een alternatief bedacht voor in de hotpot. Maar die had ik nog niet voor mezelf uitgeprobeerd met vis. Dat eerst maar eens doen. Maar het bracht me wel op een idee: vis in zoetzure saus.

Vis is echter niet goedkoop. Zeker anno 2026 niet. Dat heeft verschillende oorzaken. Deels door schaarste of dreigende schaarste. Een gevolg van overbevissing en ook van het veranderende klimaat. De zee wordt warmer en sommige vissen worden plots bedreigd door vissen uit meer zuidelijke wateren. En daarnaast zijn er stijgende brandstofkosten als gevolg van onzinnige oorlogen. Sommige vissersboten varen al niet meer uit omdat de kosten niet meer opwegen tegen de baten.

Er zijn misschien goedkopere alternatieven voor de traditionele witvis als kabeljauw die we graag eten, zoals tilapia en pangasius. Maar dit zijn kweekvissen waarvan we lang niet altijd goed weten onder welke omstandigheden deze vissen worden gekweekt, maar wel weten dat de kweekmethoden een zware belasting leggen op het milieu.

Van oudsher is kabeljauw in Nederland de meest gegeten witvis, maar vanwege de kosten is koolvis al jaren een alternatief. Werd vroeger kibbeling standaard van kabeljauw gemaakt, tegenwoordig is dat vaker een andere witvis als koolvis. Koolvis is vergelijkbaar met kabeljauw, misschien iets zachter van smaak, maar ook stevig. De vis valt niet zo snel uit elkaar. Koolvis is vooral bekend van de blokken vis, per vier verpakt, of als de vis in vissticks. Of in de kibbeling bij de visboer. Ook als filet is het tegenwoordig vaker te verkrijgen. En betaalbaar, wat fijn is als je vis lekker vindt en af en toe wilt eten. Het is bovendien een magere vis. Dus ook gezond. Al zijn sommige vette vissoorten op hun beurt ook gezond. Maar sommige daarvan, zoals de makreel, hebben het zwaar en een vangstverbod dreigt als er geen maatregelen worden genomen. Sommige supermarkten verkopen om die reden al geen makreel meer. Jammer, want hete makreel uit de Indonesische keuken is een van mijn favoriete beleggen voor broodjes.

Maar koolvis is dus een prima alternatief voor wie af en toe vis wil eten, zonder zijn portemonnee meteen om te hoeven keren.

Lees Meer Lees Meer

Champignons in een beetje zoete, een beetje zure, een beetje hartige saus

Champignons in een beetje zoete, een beetje zure, een beetje hartige saus

‘Eet jij champignons?’ Na 30 jaar bleek mijn vroegere aversie tegen champignons zo’n indruk gemaakt te hebben, dat men oprecht verbaasd keek dat ik ze nu wel at. Ik geef toe, ik was waarschijnlijk de moeilijke eter thuis. Als we de prei-fobie van de medeblogger even buiten beschouwing laten. Ik hield niet van witlof (nog steeds niet trouwens), papperige andijvie (dat ging niet alleen over de smaak maar ook over de structuur), tomaten en tomatensaus (tomatensoep lustte ik wel) en natuurlijk champignons (ook weer smaak en structuur). Andijvie en witlof kwam ik echter niet onderuit, dat moest ik gewoon eten. Ondanks mijn pruillip keer op keer. Maar tomaten, tomatensaus en champignons bleven mij bespaard.

Met die andijvie en tomatensaus en is het gelukkig nog goed gekomen. En met die champignons ook. Al heeft dat zeker 20 jaar geduurd. Onder invloed van vrouwelijk schoon denk ik. Want er zijn momenten in een leven dat je je niet laat kennen natuurlijk. Waar je als kind mokkend en luid protesterend aan tafel zat als het je niet beviel, waren dat later momenten waarna je zei dat je erg lekker had gegeten. Zo ging het overigens ook met tomatensaus bedenk ik mij nu. Er werd voor mij gekookt, nota bene in mijn eigen keuken. Ik wist niet wat, maar toen ik de keuken in kwam lopen, werd er glimlachend in een grote pan pastasaus geroerd. Durf dan nog maar eens te zeggen dat je niet van tomatensaus houdt! De liefde van de man gaat door de maag…

Hoe ik toch champignons ben gaan eten, weet ik eigenlijk niet meer. Het zouden zomaar gefrituurde champignons met een knoflooksaus kunnen zijn. Die knoflooksaus, toen al zelfgemaakt, zal mij over de streep hebben getrokken. Ik ga van die gefrituurde champignons eens een recept opzoeken. Heb ik heel lang niet gegeten.

Maar wat is de herkomst van champignons eigenlijk? Dat lijkt Frankrijk te zijn, zoals de herkomst van het woord champignon. In het Frans het woord voor paddestoel, terwijl DE champignon daar champignon de Paris wordt genoemd. Rond 1670 begon de tuinman van koning Lodewijk XIV met de teelt van champignons in openluchtbedden in Versailles. Die werden zo populair, in eerste instantie uiteraard bij de hogere klassen, dat begin negentiende eeuw massaal champignons werden gekweekt in ondergrondse steengroeven ten zuiden van Parijs. Dat gebeurde daar om ze beter te beschermen tegen het barre weer. De eerste ideeën om de paddenstoelen te bevochtigen en te beluchten werden er geboren. En aan het eind van de negentiende eeuw waren er alleen al in Parijs honderden producenten.

In Nederland werden voor het eerst in 1825 in Haarlem champignons geteeld en vanaf 1900 in grotten in Valkenburg en Maastricht. Na de oorlog ontstonden de eerste bovengrondse kwekerijen. Tegenwoordig worden champignons in Nederland gekweekt op paardenmest, stro uit de tarweteelt en slachtkuikenmest. Het is dus geen slecht idee om ze even goed schoon te borstelen voordat je ze gaat eten. Dat het een serieuze industrie is, blijkt wel uit het feit dat Nederland na de Verenigde Staten, China en Polen op een vierde plaats in de wereld staat als het gaat om de productie van paddenstoelen.

Ik wilde de familie eens verrassen met champignons. Ten eerste omdat ze dat niet zouden verwachten, maar ook omdat champignons heel lekker kunnen zijn als bijgerecht. Vooral kleine champignons, kleine smaakbommetjes zou de medeblogger zeggen. De rest van de maaltijd had een Aziatisch thema, zoals vaker, dus een zoet-hartige saus voor de champignons zou goed passen.

Lees Meer Lees Meer

Wat als Sheldon Cooper in China was geboren: noedels met hotdogs

Wat als Sheldon Cooper in China was geboren: noedels met hotdogs

Je zou toch denken dat ik precies weet wat er zich in mijn koelkast bevindt. Van potjes tot verse groenten. De realiteit is helaas een stuk weerbarstiger. Een spitskool of Chinese kool waarvan ik regelmatig beweer dat ik die in huis heb? Lenteui? Broccoli? Nee, niets van dat alles!

Naast aardbeien, wilde perziken en wat druiven vond ik een komkommer en twee winterpenen. En in de vriezer nog een handje velderwtjes. Een handje, meer was het niet. Wat ik in ieder geval had verwacht? Een zak nasi-bami-groenten. Handig als je druk bent en veel van huis. Gemak dient soms de mens. Ik was er van overtuigd dat het in mijn koelkast lag.

In de vleeslade sowieso niet veel bijzonders. Kaas (!), een ei waarvan ik vermoedde dat het gekookt was en een pakje hotdogs. Het was bovendien half 8 geweest. Een snelle noedelmaaltijd met een gebakken eitje was het idee, maar om nou nog boodschappen te gaan doen zag ik niet zitten. Moest ik helemaal mijn schoenen weer aantrekken. Dat ging echt niet gebeuren. 1-0 voor team Luiheid.

Mijn gedachten gingen naar Sheldon Cooper. Maar, spaghetti niet in huis. Wel noedels in 20 varianten. Wat als Sheldon in China was geboren? Ik weet niet of hij dan hotdogs zou hebben gegeten, eerder Chinese worstjes denk ik. Niks mis mee overigens. Aan de andere kant is de Chinese keuken heel adaptief. Je kookt met wat voorhanden is. Moest ik ook maar eens gaan doen.

Lees Meer Lees Meer

Complete rijstmaaltijd met groente en kip uit je rijstkoker

Complete rijstmaaltijd met groente en kip uit je rijstkoker

Iedereen die regelmatig rijst eet, zou eigenlijk een rijstkoker moeten hebben. Nee, het is geen overbodig keukenaccessoire, zoals een broodbakmachine die het grootste deel van het jaar in de weg staat. Een rijstkoker is om meerdere redenen heel handig.

  1. Je hebt een extra pit beschikbaar op je fornuis tijdens het koken. Ontken maar niet dat dit handig is!
  2. Het juist timen van de rijst luistert niet zo nauw met een rijstkoker, want deze heeft een warmhoudfunctie.
  3. Je rijst kan eigenlijk niet mislukken. Geen rijst meer die niet gaar is, geen aangebakken rijst of een enorm zompige bende. Nooit meer afvragen hoeveel water je moet toevoegen, want het enige wat je nodig hebt is een vingerkootje. Rijst in de rijstkoker en net zoveel water tot een vingerkootje boven de rijst. Pff, was koken altijd maar zo eenvoudig.
  4. Wat mensen niet bedenken: je kunt een volledige maaltijd in je rijstkoker bereiden. Met een mandje boven de rijst kun je al eenvoudig je groenten stomen. Maar wacht, er is meer…

Ik denk dat ik mijn rijstkoker al bijna 25 jaar heb. Er zit één knop op met twee standen, that’s it: stomen of warmhouden. Geavanceerde programma’s heb je ook helemaal niet nodig om rijst te bereiden. Eigenlijk snap ik niet als mensen geen rijstkoker hebben, maar ik neem gerust mijn rijstkoker mee als ik ergens ga koken. Al is het alleen maar om punt 1. Maak ik gebakken rijst, dan heb ik de rijstkoker de dag ervoor al thuis aan het werk gezet.

Vaak wordt een water:rijst verhouding van 1,5:1 gehanteerd bij een rijstkoker. Vaak heeft de bak van een rijstkoker ook wel handige streepjes waarmee aangegeven wordt hoeveel water je moet toevoegen. Maar ik hanteer dus één vingerkootje en laat dat bij 400 gram rijst nou net 400 ml water zijn, 1:1 dus. Dan heb ik de rijst al wel een paar keer gewassen, dus de rijst heeft al wat water opgenomen. Was je de rijst niet, dan zou ik 1,25:1 als verhouding gebruiken.

Hoe werkt de rijstkoker? Of eigenlijk stomer. Je brengt rijst met een (redelijk) afgepaste hoeveelheid water aan de kook. De rijst absorbeert het water en overtollig water wordt afgevoerd als stoom. Als de temperatuur hoog genoeg is, dan schakelt het apparaat vanzelf over op de warmhoudfunctie. De rijst is dan nog niet klaar, maar heeft nog een kwartiertje nodig om gaar te stomen. Maar je kunt de rijst dus gerust langer in de rijstkoker laten zitten tot de rest van je maaltijd klaar is. I D E A A L.

Maar er is dus meer. Vaak heeft een rijstkoker een eenvoudig mandje dat je boven je rijst hangt en waarin je groente zoals broccoli kunt stomen. Maar het is ook heel eenvoudig om een complete maaltijd in je rijstkoker te bereiden, inclusief vlees en groente dus. Of tofu als je dat lekker vindt.

Lees Meer Lees Meer

Char Siu van procureur

Char Siu van procureur

Over Char Siu wordt regelmatig geschreven op dit blog. Door beide bloggers zelfs. Al maakt de andere blogger het niet zelf, hij haalt het liever bij de Chinees en vriest het in grote porties in. Hoewel ik zeker niet vies ben van een goeie Chinese maaltijd, maak ik Char Siu net zo graag zelf. Moeilijk is het in ieder geval niet.

Laten we het overigens maar niet over schrijfwijzen van Chinese gerechten hebben, daar weet ik echt niks van. Char Siu, cha siew, cha siu, cha sieu, char siew, cha sieuw. Een aantal daarvan zijn volgens mij een combinatie van twee schrijfwijzen, dus sowieso incorrect.  Ik hou het bij de eerste. Geroosterd varkensvlees, ten minste in China. Over Char Siu van varkenshaas schreef ik al eerder. Snel te bereiden, met mager vlees en toch heel mals.

‘Echte’ Char Siu maak ik met procureur, oftewel varkensnek. Varkensnek met been kennen de meeste mensen als schouderkarbonade, zonder been wordt het procureur genoemd. Een goed dooraderd stuk vlees dus.

Aanleiding dit keer was het jaarlijkse kerstdiner, waarvoor ik altijd graag mag koken. En de rest van de familie reikhalzend naar uitkijkt, want het betekent doorgaans dat er een flinke stuk vlees op tafel komt met Kerst. Ja, deze familie eet nu eenmaal graag vlees, al doen we dat niet alle dagen. Maar procureur dus, of beter gezegd Char Siu.

Soms ook wel eens Kantonese babi pangang genoemd. Bestel je het bij de Chinees dan wordt de saus apart geserveerd, terwijl bij babi pangang vlees en saus samen worden gereserveerd. Belangrijker echter, Char Siu komt daadwerkelijk uit China, terwijl babi pangang weliswaar een Chinees-Indonesische oorsprong heeft, zo wij het eten is het toch haast een Nederlands gerecht.

Procureur haal je bij de groothandel. De Sligro, Makro of de Hanos, ze hebben het allemaal. Meer dan 10 euro per kilo zou het niet hoeven kosten. Een procureur weegt doorgaans tussen de 1.800 en 2.400 gram. Daar kun je dus flink wat Char Siu van maken, of babi pangang.

Lees Meer Lees Meer

Char Siu – Krabbetjes

Char Siu – Krabbetjes

Het recept voor gestoofde krabbetjes was maanden het meest gelezen recept op Reutel, ook in de zomer. Opvallend voor iets wat nauwelijks in de supermarkt te vinden is. Dat het veel gelezen wordt is niet op zich niet zo heel gek, want zo heel veel verschillende recepten voor krabbetjes zijn er niet te vinden op het Nederlandse deel van het internet, de meeste betreffen de toevoeging voor erwtensoep. Of gewoon bij de zuurkool. Het zou mij niet verbazen als mensen een passend recept zoeken voor op de barbecue, als alternatief voor de duurdere spareribs. Helaas, er zijn hier weinig specifieke recepten voor de barbecue te vinden, al hebben we natuurlijk wel een geweldige saté op de site staan.

Spareribs kun je stomen, maar met de vaak dikkere krabbetjes zie ik mijzelf dat niet zo snel doen. Je kunt ze echter prima in de oven bereiden. De oven, dat apparaat onder het fornuis waar sommige mensen het liefst koekjes in bakken. Maar soms krijg ik het idee dat de oven wordt gezien als een soort van ouderwetse magnetron. Hip is de oven in ieder geval niet, daarvoor moet je blijkbaar een barbecue hebben of een groen ei. Nee, hier in huis worden gerechten nog ouderwets bereid in een stoofpan of in de oven. Slow-cooken avant la lettre. De geur die je huis vult gedurende de bereiding is niet alleen nostalgisch, maar zorgt bij iedereen geheid voor lekkere trek.

Char Siu is bijzonder populair in de familie. De ene helft slaat het liefst een voorraad in bij de lokale Chinees en deze helft bereidt het met enige regelmaat zelf met procureur of varkenshaas. Grappig genoeg staat het recept voor procureur nog niet op Reutel, wel een versie met varkenshaas. Moeilijk is het in ieder geval niet, je hebt vooral wat geduld nodig. De smaak van Char Siu is namelijk vrij aardig te benaderen, maar de keuze voor het soort vlees bepaalt uiteindelijk het resultaat. Juist de textuur van de procureur, met de knapperige kantjes en het malse vlees, maakt het zo’n geliefd gerecht. Maar ook de varianten met varkenshaas of kippenvleugels zijn aanraders. En ik bedacht me dat je met krabbetjes vast ook een lekkere variant kon maken. En zo geschiedde. Intussen goedgekeurd door verschillende liefhebbers van zowel geroosterd vlees als krabbetjes.

Uiteindelijk draait het natuurlijk om de marinade en de marinadeduur. Bij een marinade geldt over het algemeen dat je er de tijd voor moet nemen, zeker bij dikker vlees. Krabbetjes laat ik zo’n 18 tot 24 uur marineren. Haal het vlees bovendien een uur voor bereiden uit de koelkast, zodat het vlees op temperatuur kan komen voordat het de oven in gaat.

Lees Meer Lees Meer

Lo Mein – Noedels waar je alle kanten mee op kunt

Lo Mein – Noedels waar je alle kanten mee op kunt

Het verschil tussen Lo Mein en Chow Mein is niet altijd even duidelijk. Mij in ieder geval niet, maar voor het internet ook niet. Voor beide gerechten worden tarwenoedels gebruikt. Soms vers, soms gedroogd. Maar soms ook eiernoedels, die voor de duidelijkheid van tarwe zijn gemaakt. Voor beide gerechten worden dezelfde ingrediënten gebruikt. Van groenten tot eiwitten tot de saus. Het verschil is vooral zijn dat de Chow Mein ‘crispy’ gebakken hoort te worden en de Lo Mein niet. Maar dat blijkt volgens het internet lang niet altijd het geval. Op zich zou mij dat niet mogen verbazen. Hoeveel Chinese recepten je tegenkomt die beginnen olijfolie als ingrediënt … Verder lezen heeft dan niet zoveel zin. Totdat bevestigd wordt dat Marco Polo voor nazaten heeft gezorgd tijdens zijn reis en er al eeuwenlang een Italiaanse enclave is diep in de Chinese binnenlanden.

Dat verschil in hoe de noedels bereid worden is wel typisch voor de Chinese keuken, waarin veel subtiele verschillen zitten in de bereidingswijzen. Zoals textuur een belangrijk element is veel ingrediënten, of de wisseling in textuur. Die subtiliteit gaat veelal verloren in de westerse keukens en al helemaal op het internet. Echt wokken doe je op hoog vuur, iets wat onze fornuizen niet aankunnen, en … met een wok. Maar ja, in mijn keuken past geen grote gasbrander, al wil ik elke keer bij de groothandel graag verlekkerd staan kijken bij zo’n brander. Helaas dus, het is behelpen. Ik doe dat met mijn wok met platte bodem. Voor puristen is dat vloeken in de kerk, maar met twee kleine versie kan ik twee gerechten tegelijk bereiden. Net echt.

In mijn eigen versie van Chow Mein zijn vooral de noedels de ster, met een minimale hoeveelheid groenten en eiwitten. Een beetje als de bami van de lokale Chinees. Groente en vlees zijn dan de bijgerechten. Maar echt crispy is mijn Chow Mein niet te noemen. Hooguit als ik restjes heb en de volgende dag opbak. In de koekenpan notabene!

Mijn versie van Lo Mein zit daarentegen vol met verschillende groenten, zonder te overheersen, en garnalen. Je kunt natuurlijk ook kip, varkensvlees of rundvlees gebruiken, maar noedels en garnalen zijn voor mij een winnende combinatie. Mijn Chow Mein maak ik met brede noedels en de Lo Mein met ronde noedels, niet te dun.

Hoe dan ook, uiteindelijk gaat het er vooral om wat lekker is. Of het een echte Lo Mein weet ik zelfs niet. Wel dat het hier in huis enthousiast ontvangen wordt. En de kok krijgt graag complimentjes, dus we houden deze er gewoon in.

Lees Meer Lees Meer

Chinese kippenmaagjes met gebakken rijst

Chinese kippenmaagjes met gebakken rijst

Lang heb ik vegetarisch gegeten, dat zal zeker een jaar of tien zijn geweest. Toen ik vervolgens weer vlees ben gaan eten, was er wel wat veranderd. Ik was eerder niet voor niets gestopt. Als soort van protest, ik voelde me ook bezwaard. Uiteindelijk waren er andere redenen waardoor ik uiteindelijk weer vlees ben ben gaan eten. Wel koos ik vaker voor scharrel- en soms biologisch vlees. Dat is wel een aanslag op je portemonnee en eerlijk is eerlijk, ik doe dat ook niet altijd. Bewuster eten kopen is al een belangrijke stap, maar dat geldt niet alleen voor vlees. Als er in december aardbeien in de winkel liggen, gaat er volgens mij iets mis. Ik koop daarom zoveel mogelijk groenten in het seizoen en mijd vers voedsel dat de halve globe is overgevlogen. Haricots verts uit Kenia komen hier er niet meer in. Net zoals avocado’s, al helpt het wel dat ik die gewoon niet lekker vind. Ik kan dus prima zonder.

De hernieuwde kennismaking met vlees destijds ging al snel verder dan de gebruikelijke maaltijd. Ik ontdekte de Chinese keuken en kreeg interesse in de Nederlandse boerenkeuken van vroeger. Onze grootouders hadden vroeger varkens en kippen bij het huis zoals zoveel mensen op het platteland (en soms ook gewoon in de stad). Zo konden de gezinnen grotendeels in hun eigen voedsel voorzien, aangezien ze doorgaans ook de meeste van hun groenten zelf verbouwden. Het waren vooral brood, melk en andere zuivel die van elders kwamen. Overigens was de ene opa melkboer, dus dat kwam wel goed.

Ik vroeg regelmatig aan onze moeder wat zij vroeger aten en hoe dat klaargemaakt werd. Ze vertelde dan hoe haar moeder bijvoorbeeld zelf balkenbrij maakte, waarvoor de kop van het geslachte varken werd gebruikt. Of vol afgrijzen over kruudmoes, wat juist onze vader zo lekker vond. Ik at het eens, nee, ik proefde het eens. Ik snapte onze moeder.

Tot in de jaren negentig haalde ze kip bij de poelier, niet bij de slager of de supermarkt. Als klein jongetje ging ik mee en keek dan vol verwondering naar het kleurrijke, gevederde gevogelte dat in de winkel hing. Het bleef er hangen, want dat was waarschijnlijk boven het budget. Maar ik herinner me de hele kip die er werd gekocht. En in die kip zat een klein plastic zakje met het hartje, de maag, het nekje en de lever. Die werden niet weggegooid, maar bereid. Ik heb het destijds nooit gegeten, maar weet nog wel dat het als delicatesse werd beschouwd. Onze moeder vond met name het nekje lekker. Dat kwam goed uit, want BroeR en ik gruwden toen van het idee.

Tegenwoordig kan ik dat waarderen, dat zoveel mogelijk van het dier benut wordt. En dan bedoel ik niet het separatorvlees van de machinaal gevilde kippen. Wel goed op zich, maar ik doel natuurlijk op wat we tegenwoordig zien als de incourante delen, zoals ingewanden en weke delen als zwezerik. Nu eet ik niet alles, soms is dat gevoelsmatig (stierenballen) of een textuurdingetje (zwezerik) of ik vind het gewoon niet lekker (niertjes). Twee van de drie heb ik overigens gegeten, ik laat in het midden welke twee dat zijn. Blijft er overigens genoeg over wat ik heb gegeten of in ieder geval wil proberen. Zo at ik in Suriname een broodje kippenlevertjes en raakte ik onlangs geïntrigeerd door de kippenmaagjes bij de Turkse slager. Ik herinnerde mij de kip van de poulier en besloot de stap te nemen, al had ik nog geen idee wat ik er mee kon doen en dus ook wat ik er mee ging doen. Ik zag in ieder geval een Chinese maaltijd voor me.

De kip heeft overigens twee magen. Het voedsel komt vanuit de krop, waar de harde delen worden geweekt in de kliermaag, waar maagsappen helpen bij de afbraak van ruw voedsel. Vervolgens komt het voedsel in de spiermaag. Hier wordt het harde voedsel met hulp van steentjes die de kip eerder heeft ingeslikt fijn gemalen. Die spiermaag bestaat dus vooral uit spieren, wat betekent dat je bij de bereidingen van maagjes de tijd moet nemen, net zoals bij voorbeelden varkenswangen. Stoven of lang pocheren is dus een heel geschikte bereidingswijze voor spiermaagjes.

Oh ja, maagjes zijn dus spotgoedkoop. En gewoon heel smakelijk. Helemaal als je ze ook nog eens marineert met heerlijke specerijen.

Lees Meer Lees Meer

Garnalen met noedels, de lekkerste troostmaaltijd

Garnalen met noedels, de lekkerste troostmaaltijd

Er zijn dagen dat ik niet geïnspireerd ben. Soms zijn andere dingen belangrijker dan met eten bezig zijn. Al wil het soms ook wel een goeie afleiding zijn. Maar op dat soort momenten is een lekkere maaltijd een rustpunt. Comfortfood of troosteten wordt het vaak genoemd. Eten waarvan je tot rust komt. Waar je je even in kan verliezen.

Voor mij zijn dat noedels met garnalen en paksoi. Snel en eenvoudig te bereiken. En met ingrediënten die ik altijd wel in huis heb. Ook de paksoi, dat zeker eens in de week hier op het menu staat. Net zoals er altijd garnalen in de vriezer liggen. Terwijl de voorraadkast zeker 6 soorten noedels telt, van dun tot dik, van tarwe tot rijstnoedels. Altijd noedels in huis waar ik op dat moment maar zin in kan krijgen.

En restjes? Opgebakken tarwe noedels worden alleen overtroffen door opgebakken rijst. Allebei lekker als ze een beetje een knapperig korstje krijgen. Maar met deze variant is de kans klein dat er iets overblijft.

Lees Meer Lees Meer