Hartig taartje met gerookte haring en tomaat
Veganisme en vegetarisme zijn van alle (moderne) tijden. Alleen niet voor ons in onze jeugd. De medeblogger en ik zijn opgegroeid met vooral vlees en soms vis. Vega deden we niet echt toendertijd, voor zover mijn herinnering reikt.
Het was de tijd van buurtwinkels, de kleine supermarkten begonnen net te komen. Woensdag gehaktdag, want in de reclame. Vrijdag visdag, want vrijdag was marktdag.
We aten witvis in de vorm van lekkerbekjes bij de warme maaltijd. Haring en paling niet, dat waren snacks. Paling aten we niet zo heel vaak, maar zeker als er kermis in de stad was.
Eenmaal kregen we een paling cadeau in een blikken buis. Bijna 1 meter lang en ongeveer 8 centimeter in doorsnede. Waarschijnlijk zeepaling en niet de zoetwaterpaling uit het IJsselmeer die we anders aten. Die blikken buis hebben we nog steeds, nu in gebruik voor posters, die we nooit meer gaan ophangen en toch niet weggooien.
Haring was ook een tussendoortje. In de vorm van rolmops, opgerolde zure haring om een fris-zure augurk en met een minimale hoeveelheid ui. In de vorm van zoute haring op de markt, soms met en soms zonder uitjes. En thuis in de vorm van zoute haring op roggebrood.
Gerookte vis, dat was altijd paling, een traktatie. Toen paling niet of nauwelijks meer in Nederland mocht worden gevangen kwamen de andere soorten gerookte vis, zoals gerookte makreel en gerookte haring.
In Groot-Brittannië is een andere soort gerookte vis populair. Gerookte schelvis, ook wel haddock geheten aldaar. Behalve als het lokale specialiteiten betreft. Zo ligt in Schotland de kustplaats Arbroath, waar ze in de haven overheerlijke lokaal warm-gerookte schelvis verkopen: Arbroath smokie. Dé culinaire specialiteit van die plaats. Het omrijden meer dan waard. Aan de rand van de zee opgegeten. Ik ben meteen teruggegaan voor een tweede smokie, tot verbazing van mijn wederhelft, dat wel.
In Nederland eten we zoute haring met uitjes. Niet gebakken of gekookte vis, toch eetbaar. Gerookte haring is in Nederland vaak koud-gerookt. Koud roken, dat gebeurt meestal bij een temperatuur van maximaal 25 tot 27°C. Niet echt gegaard na afloop. Toch vaak direct eetbaar.
Een terugkerend thema bij haring in een maaltijd is tomatensaus, kijk maar in kookboeken en op het internet. Of in de winkels: haring uit blik. In de winkels kan je blikjes van diverse merken kopen waar ‘haringfilets in (milde) tomatensaus’ in zit. Kijk je bij de ingrediënten dan is het eigenlijk geen tomatensaus, maar tomatenpuree met wat suiker, olie, azijn, paprika(extract) en een verdikkingsmiddel. De verbeelding speelt een belangrijke rol bij conserven.
Haring wordt gerookt met de huid er nog aan, anders valt de vis uit elkaar. Vel van een vis kan je meestal eten, maar dat doen wij alleen als het vel knapperig gebakken of gegrild is.
Links de binnenkant, rechts de buitenkant van een opengevouwen gerookte haring.
Een klein beetje tomatenpuree toevoegen is wel degelijk lekker. Dus dat idee hier ook uitgevoerd, maar dan met tomatenconcentraat en stukjes tomaat.