Archief van
Tag: Havermout

Opmaak-koekjes: kikkererwt, granaatappel, kokos

Opmaak-koekjes: kikkererwt, granaatappel, kokos

In ons huishouden is er iemand die af en toe houdbaarheidsdatums controleert. En dat is handig als je in grote supers en groothandels regelmatig kleine flesjes of pakjes ziet met iets onbekends of interessants. Impulsaankopen is het gevolg en dan wil zo’n flesje of pakje nog wel eens in de grote hoeveelheid andere flesjes en pakjes uit het zicht verdwijnen in onze voorraadkasten. Zeker als iemand anders helpt de boodschappen op te bergen. Zodat je niet weet waar iets is neergezet. Veel voorraadruimte hebben – want bewust de kleine bijkeuken vol met voorraadkasten laten verbouwen – kent ook nadelen.

Dit keer kwam er een melding over granaatappelmelasse, die nu toch echt over de datum was. Een restant kokosrasp, zelfs zonder originele verpakking. Dus wat daar de houdbaarheidsdatum van was, was totaal onbekend. Een tupperware bakje met een restant aan gemengde noten. Een restant gerolde havermout. Een bodempje vanille-extract in een heel klein flesje. En restje kikkererwtenmeel.

Daarnaast bleek er ook een nog ongeopend pak havermeel te zijn, waarvan niemand meer in het geheugen had staan dat we dat gekocht hadden. Oftewel wel: daar hadden we geen actieve herinnering aan.

Eigenlijk had ik alleen voor die gerolde havermout een soort van verdediging. Havermout wordt per gewicht verkocht. Maar havermout weegt nauwelijks iets. Koop je 500 gram havermout dan zit je gelijk vast aan heel veel havermout. Doen we dus niet meer, die 500 gram in 1 keer kopen.

Nu kan je bij de houdbaarheidsdatums vaak wel wat ruimte nemen. Gedroogde pasta bijvoorbeeld kan je jaren later nog eten. Heb je dingen goed afgesloten en koel en in het donker bewaard, dan lukt dat latere gebruik ook regelmatig. Ruikt het goed en ziet het er goed uit, dan kan je het vaak nog gewoon eten.

De toch alsnog als eetbaar beoordeelde ingrediënten stonden op het aanrecht verzameld, al klaargezet voor mij, dicht tegen elkaar. Voordat ik zelf had besloten wat er mee te doen, want deze combinatie van ingrediënten zou ik niet a priori zelf hebben bedacht, kwam iemand zijn lunch bereiden en die zei meteen “ah, je gaat weer koekjes maken”. Dan hoef je meteen niet meer zelf na te denken. Want koekjes kunnen niet mislukken. Ze kunnen er wel anders uitzien en anders smaken dan a priori bedacht. Maar mislukken, nee.

Opmaak-koekjes met havermeel, granaatappelmelasse, geraspte kokos, kikkererwtenmeel, noten en vanille-extract. Het is weer eens wat anders. Honing toegevoegd voor een zoete toon.

Lees Meer Lees Meer

Over oude appels, appel SQ159 en plaatkoek

Over oude appels, appel SQ159 en plaatkoek

Hoeveel Nederlandse broers hebben eigenlijk samen een foodblog waar ze recepten publiceren? Een vraag die zomaar ineens in me opkwam terwijl ik met totaal andere dingen bezig was. Het menselijk brein is en blijft een vreemd iets. Zo zijn er bijvoorbeeld wetenschappelijke publicaties die melden dat onze beslissingen al genomen zijn voordat we er ons bewust van worden. Geldt dat ook voor vragen stellen?

Google gebruikt als bron om te zoeken. Nou, dan komt Reutel in Nederland al snel bovendrijven. Er zijn ook 2 broers die samen barbecueën [1]. Nog 2 broers, die samen kookvideo’ s maken en boeken publiceren en zo te zien veel kijkers hebben [2]. Nu zijn de resultaten van je zoekopdracht bij Google behoorlijk gevoelig voor je eerdere zoekopdrachten, dus het kan best zo zijn dat er meer broers zijn die recepten publiceren.

In het Engels gezocht blijft het ook een magere oogst. Al snel begint Google ook bij die speurtocht websites van meisjes en vrouwen te tonen én websites van samen kokende zussen. Want daar zijn er wel heel veel van. Zijn de bloggers van Reutel echt onderdeel van de uitzondering? Terwijl we het al ruim 10 jaar doen?

Dat we beiden aandacht besteden aan ingrediënten en hoe een maaltijd is samengesteld is niet zo vreemd. We hadden namelijk een grootvader die fantastisch kon koken. Zo. Die grootvader van de echt vrij rond lopende kip.

Nu had die grootvader in onze jeugd wel een moestuin ter grootte van een klein tennisveld tot zijn beschikking. Dat hielp natuurlijk. Volgens de medeblogger was het dan ook een Moestuin.

Grote moestuinen waren ook heel normaal, vroeger. Selfsupporting! Tot kleine dorpen werden opgeslokt door steden of er gemeentelijke herindelingen optraden. Dan werd grond ineens veel duurder.

Eten moest niet alleen lekker smaken. De ingrediënten moesten ook aan grootvaders’ strikte kwaliteitseisen voldoen, die onze moeder later overnam. Nadeel van een moestuin waar je geen chemicaliën gebruikt? Je kunt niet op vakantie. Rupsen, slakken en vogels gaan ook niet op vakantie. Elke dag werd er controlerend door de moestuin gelopen.

In die moestuin was veel variatie. Zo stonden langs het looppad diverse soorten bessenstruiken, waaronder aalbessen (Ribes rubrum) en kruisbessen (Ribes uva-crispa). Daarnaast veel aardbeien. In het wat verder van het pad gelegen deel, daar groeiden verschillende soorten groenten, ongestoord en ver weg van de spelende kinderen. Groenten oogsten: schoenen uit en klompen aan!

Stokbonen, omhoog kronkelend langs touwtjes die bevestigd waren aan stevige bamboestokken. De kromme stokbonen werden gebruikt als bron voor snijbonen. Er werd niets weggegooid. Sperziebonen, de lager groeiende variant. En een bonensoort met paarse peulen. Koolsoorten zoals spitskool en rode kool. Rijen met andijvie en boerenkool. Slakroppen. En uiteraard aardappels. Zo hebben we echte krieltjes leren kennen. Echte krieltjes, we wisten niet beter. Hadden we aldaar meegegeten, dan gingen we naar huis met verse groenten en fruit. Eten naar de seizoenen.

Zo’n grote moestuin levert ook veel afval. Geen probleem. Elk voorjaar werd een klein varkentje aangeschaft, die groeide op van al dat afval. Ik denk niet dat ze zo’n biggetje veel hebben moeten bijvoeren. Varkens zijn alleseters, gemakkelijk.

In het najaar, waarschijnlijk echt in de slachtmaand november, werd dat varken geslacht. Een half jaar oud, net als nu de industrievarkens. Ik vermoed dat het varken in dat halve jaar veel aandacht kreeg en verwend werd. Maar logisch is het wel, dat slachten na een half jaar. In de winter komt er nauwelijks iets uit de moestuin. Een varken door de winter heen helpen kost geld. Het thuis slachten van datzelfde varken levert vlees, dat hielp het gezin juist mede de winter door!

Van dat varken ging alles op. Want lever en niertjes eten was toen nog heel normaal. Maar ook hoofdkaas, bloedworst en balkenbrij werd gemaakt. Persoonlijk vind ik balkenbrij de lekkerste van de 3, maar ja, da’s persoonlijk. De gustibus non disputandum est.

Maar het meest spannend voor mij was toch de grote appelboom, groeiend tussen moestuin aan de zij- en achterkant en het gras en de bloementuin aan de zij- en voorkant. Een 8 meter hoge appelboom. Als je jong bent, dan is 8 meter heel hoog. De appelboom had dikke krom gegroeide takken.  Takken waar een schommel aan hing. En regelmatig een lange houten ladder tegenaan stond.

Lees Meer Lees Meer

Fruitreep met haver, cranberry’s en pistachenoten

Fruitreep met haver, cranberry’s en pistachenoten

Een kleine 2 maanden geleden zeiden we tegen elkaar ‘morgen naar de Frans Hals tentoonstelling in het Rijksmuseum’. Om 48 schilderijen te bekijken van de circa 220 doeken die bekend zijn van deze 17e eeuwse schilder. 48 schilderijen, waarvan er veel eigendom zijn van buitenlandse musea. Een unieke mogelijkheid om ze een keer van dichtbij te zien.

Kaartjes bestellen ging een stuk soepeler dan tijdens de Vermeer tentoonstelling. Mogelijk omdat de Frans Hals tentoonstelling op 3 verschillende plaatsen is te zien in 3 verschillende landen; in totaal meer dan een jaar lang. Van 30 september 2023 tot 21 januari 2024 in The National Gallery in Londen, van 16 februari tot 9 juni 2024 in het Rijksmuseum in Amsterdam, en van 12 juli tot 3 november 2024 in de Gemäldegalerie in Berlijn. Daarna gaan de schilderijen terug naar de eigenaren.

Vaste entree-tijd, dat wil zeggen dat er een tijdslot van precies 15 minuten is aangeduid waarin je naar binnen mag, dus de reis moet goed gepland worden. Dan moet er natuurlijk ook wat lekkers mee, voor onderweg en voor de tussentijdse trek. Men wilde wel een fruitreep. Dus die gemaakt. Wel een wat kleinere versie dan die in de winkels te koop zijn.

Aangekomen bij het museum bleken we weer eens niet de enigen te zijn. Net als bij Vermeer lange rijen. Sommigen buitenlanders hadden toen pas door dat de tickets al eerder on-line moesten worden aangeschaft. Het tijdslot zou door de lange rijen sowieso niet gehaald worden. Om ons heen stonden buitenlanders uit andere continenten die met de minuut zenuwachtiger werden en ons bezorgd vroegen of ze door die lange rij wel in hun time-slot bij de ingang zouden zijn. Gemeld: You’re in The Netherlands. We are Dutch. Relax. You will be fine. En zo was het ook, 15 minuten na het einde van ons gezamenljke time-slot mochten we gewoon naar binnen.

En anders dan bij de Vermeer tentoonstelling was hier de eerste zaal meteen een grote zaal. De massa kon zich meteen verspreiden. Het Rijksmuseum had blijkbaar iets geleerd van de bomvolle eerste veel te kleine zaal, met Het Melkmeisje, tijdens de Vermeer tentoonstelling.

Oude schilderijen geven een unieke inkijk op eten in vorige eeuwen, van voor de fotografie. Dus naast de schilderijen zelf bewonderen, ook op zoek naar weergaven van eten op de schilderijen. Dat was lastig, bij Frans Hals kom je er namelijk bekaaid van af op dat gebied. Eten is wel te zien op bijvoorbeeld het ‘Feestmaal van de officieren van de St. Jorisschutterij’ uit 1616, straks weer te zien in het Frans Hals Museum. Maar daar speelt eten duidelijk niet de hoofdrol. De mensen moesten als welgestelde groep geportretteerd worden. Het eten is misschien daarom ook niet altijd goed herkenbaar.

Dat is anders op het schilderij ‘Vastenavondvierders’, uit 1616 of 1617. Eigendom van The Metropolitan Museum of Art in New York. Links op het schilderij is een man te zien, Peeckelhaering. Om zijn nek hangen 2 haringen. Verder hangen worsten, groene peulen, een mossel (of toch een oester?), eieren en een varkenspoot aan een koord. Op de tafel staat onder andere een schaal met vissen (palingen?) en een half brood.

Dat eten ligt er niet omdat het eten is. Het ligt er voor de symboliek. Voor het verhaal van het schilderij. Ook de 17e eeuw stonden schilderijen bol van de symboliek. De eerste hint krijgen ook wij doordat de man aan de rechterkant van het schilderij een oeroud seksueel getint gebaar maakt naar de vrouw. De worsten en bonen zijn een symbool van de mannelijke geslachtsorganen. De mossel is een symbool van de vrouwelijke geslachtsorganen. De eieren staan voor mannelijkheid. Gebroken eieren wijzen op een gebrek aan mannelijke lust. Haringen staan symbool voor onder andere het beschamen van mensen middels een scherpe opmerking. De varkenspoot belichaamt gulzigheid. Wist jij niet van die symboliek, dan kijk je vanaf nu nooit meer op dezelfde manier naar oude schilderijen.

Toch is het niet altijd zo dat eten ontbreekt. Het schilderij ‘Jonge vrouw die groenten en fruit verkoopt’, circa 1630, barst van de vruchten en het fruit. En als je dichterbij staat kan het je opvallen dat het ongelooflijk fijn is geschilderd. Heel anders dan andere Frans Hals schilderijen. Het bordje met uitleg op een andere muur gaf de oplossing. Blijkbaar wist Frans Hals zelf echt wel waar hij minder goed in was, want het groenten en fruit gedeelte is geschilderd door Claes van Heussen. Die daar in die tijd al heel beroemd om was, ook bij zijn collega-schilders, blijkt.

Worsten, eieren, vissen, groenten en vooral fruit. We kregen er trek door. Tijd voor de stukken fruitreep die we in een locker achter hadden moeten laten.

Lees Meer Lees Meer

Brosse koekjes van geroosterde havermoutvlokken

Brosse koekjes van geroosterde havermoutvlokken

Wat doe je als je teveel havermoutvlokken in voorraad hebt (gekregen). Opeten dus. Op allerlei manieren.

Zelfs koekjes is dan één van die manieren.

Vaak worden aan havermoutkoekjes nog andere ingrediënten toegevoegd zoals banaan, chocola, siroop, kruiden of rozijnen.

Als je de havermoutvlokken eerst roostert dan krijgen de koekjes een nootachtige smaak. Verdere toevoegingen zijn niet nodig.

Lees Meer Lees Meer

Alternatieve appeltaart met havermout en noten

Alternatieve appeltaart met havermout en noten

Onze appelbomen staan weer in bloei. En sommige appelbloesems zijn al weer verdwenen en de vruchtbeginsels zijn heel kleine vruchtjes geworden; de appels komen er weer aan. En dat zet dus een gedachtentrein in gang: appelbloesems → appelvruchtjes → appels → appeltaart. Een onmiskenbaar Pavlov effect in werking. Er moest een appeltaart worden gemaakt, en wel onmiddellijk.

In 1978 heet het ‘appeltaart uit de alternatieve keuken’. Het was toen tenslotte nog maar één jaar geleden dat de eerste Tip verscheen. Geleerd hoe je het moet maken via een op uitnodiging bijgewoonde kookles van de Huishoudschool, een nu verdwenen schooltype uit de verzuilingstijd. Het recept is al die tijd op papier bewaard gebleven en na vele jaren weer eens uit het mapje gehaald.

De appeltaart heet alternatief omdat het naast appel ook ingrediënten bevat die je normaal gesproken niet zo gauw in een Nederlandse appeltaart zult vinden.

Nog een tikkeltje alternatiever gemaakt door de voorgeschreven rozijnen te vervangen door pecannoten en de specerijen, waaronder fijngemalen kruidnagels, te vervangen door de complexe smaak van piment.

Men moet altijd even wennen als men een stukje appeltaart proeft, omdat deze zo anders is dan wat men verwacht. En toch: echte appeltaart.

Lees Meer Lees Meer