Archief van
Tag: India

Gobi masala – Bloemkool uit India

Gobi masala – Bloemkool uit India

Met enige regelmaat staat hier bloemkool op het menu. Niet gek, aangezien hier haast met dezelfde regelmaat Indiaas wordt gegeten. Al eerder schreef ik dat Indiase bloemkool niet helemaal hetzelfde is als onze bloemkool. Het is een variëteit die ze in India hebben doorontwikkeld om het bestendig te maken tegen het hete klimaat, maar het blijft natuurlijk bloemkool. Bloemkoolcurry is lekker en niet moeilijk te maken.

Een variant daarop is deze Gobi masala. ‘Gobi’ betekent bloemkool en ‘masala’ kruidenmengsel. Net zoals geen curry hetzelfde is, nat of droog, geldt dat ook voor gerechten met masala in de naam. Hoewel ik wel het idee heb dat masala’s over het algemeen nat zijn, maar dat zal ook haast wel niet. En geen kruidenmengsel is hetzelfde, lokaal en regionaal zullen er verschillende varianten zijn.

Het mooie van al die varianten is dat er geen vaste recepten zijn en dat je vrij kunt variëren met de hoeveelheden, mocht je dat zelf al niet standaard doen. Zelf maak ik recepten een eerste keer zoals ik het heb gelezen. Een volgende keer, als die er komt, kan ik variëren. Vaak blijven de hoeveelheden van meeste ingrediënten wel hetzelfde, maar ik varieer vooral makkelijk met ui, knoflook, gember en chilipepers. Ongeacht de keuken. En bij Indiase gerechten wil ik nog wel eens een schep extra yoghurt toevoegen voor een mooie volle saus.

Uiteindelijk gaat het er namelijk niet om wat het recept voorschrijft, maar wat jij lekker vindt. Het is uiteraard wel fijn als je weet hoe een gerecht ‘hoort’ te smaken, zeker als je het nog steeds onder die naam serveert. Het internet is er vol van, filmpjes en recepten die qua ingrediënten in de verste verten niet meer op het origineel lijken, maar wel onder die naam worden gepresenteerd. En ik ben wel een beetje traditioneel, dus Aziatische recepten die olijfolie gebruiken sla ik over. En doe geen gekke dingen als een kaassaus over je bloemkoolcurry gooien. Als je student bent mag dat, maar zo gauw je bent afgestudeerd, moet het uiteraard afgelopen zijn met zulke uitspattingen.

Een idee is overigens geboren, ik ga eens nadenken over een passende kaassaus voor een bloemkoolcurry. Indiërs eten voor zover ik weet vooral kaas in de vorm van paneer. Kaassauzen zoals wij ze kennen, ben ik in in Indiase recepten nog niet tegengekomen. Het gaat allemaal om de saus dus. Wordt vervolgd!

Terug naar de Gobi masala. De sauzen in de Indiase keuken zijn altijd bijzonder smakelijk. En bij sauzen denken mensen misschien aan vet en ongezond, maar daar is vaak helemaal geen sprake van. Niet alleen lekker met rijst, maar vaak ook gegeten met naan of chapatis. Indiase platbroden zijn overigens al een avontuur op zich. Lekker ook soppen in de verschillende sauzen.

Lees Meer Lees Meer

Aardappelcurry

Aardappelcurry

Het jaarlijkse pingpongtoernooi is weer achter de rug. Pfffffff. Twee dagen koken en dan een dag achter de bar en halverwege de middag beginnen met het voorbereiden van het buffet. Er is geen keuken in de sportzaal, dus moet alles met de magnetron worden warm gemaakt. Zelf ben ik principieel magnetronloos, dus ik begrijp die apparaten ook niet. Ik heb dan ook hulp voor de bediening. Ik coördineer en bekommer me om de rechauds en andere zaken. Intussen wordt de bar ook door ons bediend. Zitten is er op zo’n dag nauwelijks bij, ook omdat vanaf een uur of half elf de eerste broodjes worden besteld.

Standaard bestaat de lunch uit Surinaamse puntjes. Dit jaar geen bakkeljauw, dit tot lichte teleurstelling van een aantal bezoekers. Dat had vooral een praktische oorzaak, ik had het gewoon niet slim gepland. Er was echter een prima alternatief en geheel in stijl: warme kip tandoori met een muntraita. Een groot succes, want de kip was als eerste op. Verder was er nog een warm broodje met kaas, gebakken chorizoworst, chipotlemayonaise en een beetje sla. Ook een succes. En voor wie dat allemaal niet lustte waren er broodjes ham-kaas met ijsbergsla en broodjes zelfgemaakte tonijnsalade. Praktisch alle broodjes zijn dan ook opgegaan.

Mensen die een hele dag sporten, storten zich daarna massaal op een buffet. Belangrijkste is dan dat iedereen genoeg te eten heeft en dat bijvoorbeeld niet het vlees al op is als de laatsten aanschuiven. Met beleid pingen heet dat.

Er was voor ieder wat wils. Van zoet tot pittig. De ananas curry was populair en smaakte voor veel mensen anders dan ze hadden verwacht, ook vanwege de pepers. En linzen vinden sommige mensen toch een beetje eng, maar veel die de dahl hebben gegeten, gingen voor een tweede portie. Verrast waren mensen door de champignoncurry, die ietwat zoetig smaakt en mooi contrast vormde met de andere gerechten. Ik geloof niet dat iemand wat tekort is gekomen.

Als je twee dagen boven de pannen hebt gehangen, dan heb ik nooit veel honger, maar wel heb ik wat van de aardappelcurry gegeten. Zo lekker namelijk.

Gerechten bereiden voor 26 man zorgt voor de nodige uitdagingen. Simpelweg alle hoeveelheden vermenigvuldigen werkt gek genoeg niet voor alle recepten en vanzelf ga je wat meer op gevoel koken. Met name met specerijen moet je oppassen dat niets overheerst.

De aardappelcurry eet ik vaker en heb ik gelukkig ook als normaal recept… Het makkelijkste is het om voorgeschilde aardappelen te gebruiken, die ook al zijn voorgekookt. Maak je een klein pannetje, dan schil je gewoon een paar vastkokende aardappelen, anders doe je net als ik en koop een paar zakken voorgekookte aardappelen.

Lees Meer Lees Meer

Champignoncurry

Champignoncurry

Het jaarlijkse pingpongtoernooi nadert. En dat betekent dat ik weer een menu mag bedenken. En ook maken trouwens. Het is een jaarlijks terugkerende uitdaging die ik met veel plezier aanga. De voorbereiding is de grootste lol. Als ik twee dagen in de keuken sta om te koken voor 30 man vraag ik mij wel af waar ik aan begonnen ben. Elk jaar weer. Het is de voldoening achteraf die het harden werken het waard maakt. En de enthousiaste reacties uiteraard.

Uiteraard zijn er altijd wel een paar moeilijke eters of soms zelfs een echte hork, maar die laat ik de pret niet bederven. En het is soms een beetje begeleiden. Het is een buffet, dus iedereen schept zelf op. Maar toen er twee jaar geleden spareribs waren, heb ik ze uitgeserveerd. Je weet maar nooit…

Het eten zelf is nooit vlak van smaak, maar ook nooit echt pittig, op een enkel gerecht na. Daar zijn sambals en andere smaakmakers voor. Iedereen kan het dan zelf bepalen.

De afgelopen jaren verzorgde ik een barbecue met alles erop en eraan, kookte Indiaas, Mexicaans, Sichuan en Surinaams. Logischerwijs zou ik nu een keer Indisch of Koreaans moeten koken. Alleen is Koreaans voor sommige mensen misschien net een stap te ver. Je leert je eters kennen zeg maar. Indisch stond mijn hoofd niet naar.

De uitdaging dit jaar leek er te komen doordat iemand glutenvrij moet eten. Dan is de mogelijkheid om voor die persoon apart gerechten te maken, of we gaan volledig glutenvrij. Dat gaat makkelijker dan je denkt. Zeker als er Indiaas gekookt wordt! En daarmee was de keuze voor dit jaar gemaakt. Zonder naan of paratha is er geen enkele gluut in zicht. En die uitdaging zou ik wel hebben bij Surinaams of Chinees eten. Of Mexicaans. Indisch was dus ook nog even in overweging, maar parkeer ik voor een ander jaar. En de Chinese keuken biedt ook genoeg om daar nog eens een buffet mee te maken.

Maar dan het menu, het buffet. Indiaas eten is lekker, maar kan ook heel bewerkelijk zijn. De ervaring leert ook dat de gemiddelde pingponger geen fijnproever is, met het gevaar dat subtiliteiten al snel verloren gaan. Het gaat tenslotte om hongerige sporters. Gerechten die uren nodig hebben, zijn bovendien helemaal niet praktisch als je voor 30 man moet koken.

Ga ik van te voren zeggen dat het glutenvrij is? Zeker niet, want daar gaan sommige mensen over mopperen. Glutenvrij is voor hen net zo iets vreselijks al vegetarisch. Ik ga ze dus eens testen dit jaar, want op een enkel gerecht met kip is alles zonder vlees. Wel nog een eiergerecht.

Het menu dit jaar: ananas curry, Kerala masala eieren, zoetzure balti kip, saag paneer, wortelcurry,  aardappelcurry, gebakken rijst met uien en raita. Ik denk dat er nog wel een dal bijkomt. En in ieder geval deze superlekkere champignoncurry.

Lees Meer Lees Meer

Curry van prei

Curry van prei

Prei, ik at het vooral als roerbakgroente. Lekker met gebakken rijst. Vroeger aten we het thuis als op zichzelf staand groentegerecht, maar daar heb ik niet veel herinneringen aan, behalve dat het nattig was en dat ik er niet kapot van was. Jaja, moeilijke eter. Ik denk dat we ze gekookt aten. De medeblogger heeft er een levenslange aversie aan over gehouden. En dat is toch jammer, want ik denk dat hij een prasopita, de Griekse preitaart, zeker kan waarderen.

Prei behoorde 4.000 jaar geleden al tot het Egyptische dieet en ook in Mesopotamië werd prei verbouwd. Rauwe prei zou de favoriete groente zijn geweest van een van de meest wrede Romeinse keizers, Nero, die het at in zijn soep of in de olie. Nero dacht dat het eten van prei zijn stem ten goede kwam. Zijn consumptie van de groen-witte stengels was blijkbaar dusdanig dat het hem een bijnaam opleverde: Porrophagus oftwel ‘prei-eter’.

Feit is dat prei veelzijdiger is dan alleen de functie van groen sliertje in de bami van de lokale Chinees.

Prei leent zich bijvoorbeeld ook heel goed voor een makkelijke en smakelijke curry. Kruidig en zoetig.

Lees Meer Lees Meer

Tuinerwtensoep India-stijl

Tuinerwtensoep India-stijl

Plots ben ik weer in de ban van Indiaas eten. Kruidig door tal voor geurende specerijen en warm van smaak. Of je nu vegetarisch bent of een volhardende vleeseter, de rijke Indiase keuken heeft genoeg te bieden.

Indiase recepten hebben vaak een lange lijst met ingrediënten, maar laat dat vooral niemand tegenhouden. De bereiding is in veel gevallen eenvoudig, misschien met een paar extra stappen, maar vraagt niet vaak om lastige kooktechnieken. Af en toe heb je misschien wat ingrediënten nodig waar je toch echt even een toko voor moet bezoeken, maar dat lijkt mij geen straf.

Het meest makkelijk zijn doorgaans de natte curry’s. Eten dat zich als het ware bijna zelf bereidt. Toen ik India was viel mij op dat curry’s daar vaak geen curry worden genoemd. Het was kip met ‘gravy’ of ‘vegs with gravy’. Als ik vroeg wat iets was, kreeg ik meestal als antwoord het ingrediënt met de toevoeging ‘with gravy’. Gevolgd door ‘it’s very nice, taste it’. Dat laatste klopte trouwens, want ik heb niks gegeten wat niet lekker was. Terwijl ik, zeker met de groenten, lang niet altijd wist wat het precies was. Vlees of vis was vaak maar een klein onderdeel van de gerechten, tenzij je in een op toeristen gericht restaurant of hotel zat. Maar ook dan waren het nog niet de hoeveelheden die we in het westen intussen gewend zijn. Intussen, want tot een jaar of tachtig geleden at het merendeel van de bevolking in Nederland vaak alleen op zondag vlees. En vis op vrijdag. Tenzij er kippen of varkens gehouden werden, dan wat vaker. Maar het begrip barbecue, waar vlees bijna op borden gestapeld wordt, moest nog uitgevonden worden. Ik geef toe, ik vind vlees best lekker. Maar betrap mezelf er af en toe op dat het soms ook wel wat minder kan. Een blik op andere eetculturen kan daarbij helpen.

Typisch voor de Indiase keuken is het gebruik van komijnzaad, mosterdzaad, curryblaadjes en kurkuma. Gebruik je deze ingrediënten, dan ben je al goed op weg. Doe daarbij ui, knoflook en gember, dan kan je bijna niet meer mis. Net als garam masala, een mengsel van specerijen. Overigens bevatten sommige Indiase gerechten asafoetida (of hing poeder), de bewerkte hars die wordt afgescheiden door de wortelstok van een lid van de schermbloemenfamilie. En in die recepten zal ui en knoflook ontbreken. Dat heeft te maken dat bepaalde religieuze groepen in India geen wortels eten of knoflook beschouwen als een verboden afrodisiacum. De fameuze Nederlandse naam voor asafoetida is overigens Duivelsdrek, wat iets zegt over de sterke geur…

De tomaat en peper, beiden niet oorspronkelijk, hebben de Indiase keuken overigens ook behoorlijk beïnvloed. Beiden vind je veelvuldig terug in tal van recepten. Tomaat doet het bijvoorbeeld goed in natte curry’s. In het eindresultaat totaal onherkenbaar, maar vaak bevatten curries de nodige groenten. Vandaag geen curry, maar een soep. Ik wilde al langer eens een soep maken van tuinerwten. Ertwensoep of ‘pea soup’ wordt doorgaans gemaakt met spliterwten. Maar waarom niet een versie met verse erwten? En die moest dan wel Indiaas naar mijn idee.

Tuinerwten, het oudere broertje van de doperwt. De suikers zijn omgezet in zetmeel met als resultaat een iets minder zoete erwt die wat steviger is.

Lees Meer Lees Meer

Zalm tikka met masala hutspot

Zalm tikka met masala hutspot

Hutspot, een typisch Nederlands gerecht, dat voor velen staat voor de eenvoud en volgens sommigen saaie Nederlandse keuken. Nu bestaat hutspot uit drie ingrediënten met daarbij vlees. Soms wordt laurier als smaakmaker toegevoegd. Hutspot is van oorsprong een vrij algemene naam voor een gemengde stamppot die bestond uit verschillende ingrediënten, maar kennen we tegenwoordig als een combinatie van aardappelen, uien en wortelen.

De bekendste hutspot uit de Nederlandse geschiedenis is de hutspot die de Spanjaarden zouden hebben achtergelaten nadat zij in 1574 het beleg van Leiden moesten opgeven. Dat gerecht was echter niet met aardappel, maar met pastinaak. De aardappel was toen nog maar net in Europa geïntroduceerd door de Spanjaarden, die deze knol hadden meegenomen uit de Amerika’s.

De hutspot met de aardappel werd pas populair in de negentiende eeuw, toen de voedzame aardappel aan een grote opmars begon als basisvoedsel. Langzamerhand ontstonden er ook steeds meer varianten.

Ik kan mij de hotspot uit mijn jeugd nog redelijk voor de geest halen. De hutspot was wat nattig, wat er op duidt dat onze moeder de uien en wortelen samen met de aardappelen kookte en vervolgens stampte. De lauriersmaak kan ik mij ook nog wel herinneren, zoals vaak ook wordt gebruikt in stoofgerechten. Als vlees aten we er meestal braadworst bij of een botermals sucadelapje, dat fleurde de wat flauwe hutspot enorm op. De rest van het gezin gebruikte ongetwijfeld jus, maar daar hield ik niet van, wat de reden waarschijnlijk ook was dat mijn hutspot wat flauw was. Ik was de moeilijke eter thuis, weet u nog?

Met een goeie stamppot is helemaal niks mis. Om de hutspot wat meer smaak mee te geven kun je Surinaamse masalakruiden gebruiken, want de combinatie van aardappel en masala is natuurlijk geweldig. Denk maar aan met masala doortrokken aardappelen in een roti maaltijd. Je traditionele hutspot krijgt hierdoor een heel warme smaak.

Als vlees wordt bij hutspot vaak klapstuk gegeten, een stuk goed doorregen rundvlees. Maar riblappen of sucade komt ook voor. En bij ons vroeger dus ook braadworst. Maar je kunt er natuurlijk ook gebakken vis bij eten. Bijvoorbeeld zalm. Niet meteen de goedkoopste vis, maar met een passende marinade wel een lekkere combinatie met masala hutspot. Een frisse raita maakt het dan helemaal af. De raita past bij de vis én bij de masalahutspot.

Lees Meer Lees Meer

Gestoofde lamsschouder met kardemom

Gestoofde lamsschouder met kardemom

Misschien wel een van de meeste typische specerijen uit de Indiase keuken is kardemom. Een bijzonder geurig specerij. Veel mensen denken het misschien niet te kennen, maar het is ook een ingrediënt voor iets typisch Nederlands, namelijk het speculaasje.

De productie van kardemom begon al ver in de oudheid en wordt in oude Sanskrietteksten aangeduid als ela. De Babyloniërs en Assyriërs gebruikten kardemom al vroeg in hun bestaan en de handel begon al in het derde millennium v. Chr. via landroutes en de Perzische Golfroute naar West-Azië en de mediterrane wereld. Kardemom wordt in India vooral in het zuiden gegeten.

Onderstaand recept is voor een ontbeende lamsschouder. Uiteraard kan het ook gemaakt worden met een ander stuk lamsvlees, bijvoorbeeld van de nek. Een lamsschouder is al snel 1,5 tot 2 kilo. Voordeel is dan wel dat je een aantal porties kunt invriezen.

Het recept is afkomstig uit mijn enige Indiase kookboek dat ook echt afkomstig is uit India: India Cookbook van Pushpesh Pant. De meeste Indiase kookboeken zijn namelijk van Indiërs die in Engeland of de VS wonen. Tenminste, die in mijn boekenkast. Het boek bevat meer dan 1.000 recepten uit de verschillende keukens van India, van het noorden naar het zuiden, van eenvoudig inheems eten tot complexe en meerdaagse bereidingen.

Ik heb nog steeds spijt dat ik in India voorbij een boekwinkel ben gelopen met alle boeken uitgestald op tafels. Mijn collega’s liepen echter al bijna 50 meter verder en roepen was kansloos met het geluid van het verkeer op de achtergrond. Ik had er graag rondgesnuffeld  Later kwam ik in Kochi nog in een boekhandel terecht, maar met een Europeaan achter de kassa werd al snel duidelijk dat deze winkel niet gericht was op kookboeken, afgezien van een paar onvermijdelijke boeken met curry als thema. Gebladerd, maar niet interessant genoeg bevonden.

Alleen al voor het eten zou ik terug willen naar India. Geen maaltijd die daar tegen is gevallen. Zeker niet als je eet in restaurants die zich niet teveel focussen op westerlingen. Zoek een restaurant waar ze geen alcohol schenken, de kans is groot dat je dan de meer traditionele keuken treft.

Lees Meer Lees Meer

Curry van kippenmaagjes

Curry van kippenmaagjes

De slager was even weg naar achteren in de Turkse super en de vrouw die normaal bij de kassa staat, hielp me dit keer. Ze is altijd heel spraakzaam. Ik vind het altijd leuk als de verkoper een geïnteresseerd praatje maakt en dan niet over het weer. Of het nu de boekhandelaar is, bij de toko of de groenteboer. Of in dit geval bij de Turkse winkel. Het is niet alleen klantenbinding, maar geeft ook rust in wat tegenwoordig toch een vaak een jachtig winkelleven is: snel boodschappen doen, afrekenen en weer naar huis. Het is leuk om tips te krijgen voor recepten of uitleg waar je dat ene ingrediënt nu voor gebruikt, of in de boekhandel een levendig gesprek over een nieuw boek.

Eerder gaf ze me de tip om lamskoteletjes niet heel kort te bakken, maar een uurtje te stoven. Dit keer was haar huiverige blik naar de kippenmaagjes niet te missen. Ik zei dat wel duidelijk was dat ze die niet zou eten. Ze knikte, net als levertjes zei ze en wees op de bak ernaast. Maar niertjes at ze dan weer wel, met kerrie-masala en heel veel ui vertelde ze. Dat laatste klonk weliswaar aantrekkelijk, maar niertjes zijn dan weer niet aan mij besteedt. Ik at ze eens en daar ga ik het ook bij houden.

Ik gaf aan dat de maagjes niet zo eng zijn en gewoon uit spierweefsel bestaan. Ze keek nog eens goed en moest bevestigen dat het er gewoon uitzag als vlees. En niet als ingewanden zal ze hebben bedoeld. De meeste vrienden gruwen als ik zeg dat ik kippenmaagjes heb gegeten. Het is weliswaar een ingewand, maar feitelijk een dikke spier. Het heet ook niet voor niets de spiermaag, dit in tegenstelling tot de kliermaag. In de spiermaag wordt hard voedsel met steentjes fijngemalen. Het bestaat uit spierweefsel, net als bijvoorbeeld wangetjes dat na lang stoven supermals is wordt.

Maagjes, ik eet ze vaker. Spotgoedkoop en ideaal voor een stoofmaaltijd. Laten we er dus eens een curry mee maken.

Lees Meer Lees Meer

Winterse rundercurry met wortel

Winterse rundercurry met wortel

De koe is voor veel mensen in India heilig. De dieren loop los rond in de stad en over de snelweg. Als een koe midden op de weg besluit te gaan liggen, dan heb je er maar omheen te rijden. Een vreemde gewaarwording voor ons westerlingen. Het zet je in ieder geval aan het denken.

De koe is echter alleen heilig voor de hindoes, die met ruim 72% wel de meerderheid vormen van de bijna 1,5 miljard zielen tellende bevolking. In het land wonen ook ongeveer 200 miljoen moslims, voor een groot deel in het noorden van het land, en nog eens 30 miljoen christenen. De macht ligt wel bij de hindoes. Het land is echter zo groot dat verschillende eetculturen naast elkaar kunnen bestaan. Dat neemt niet weg dat je in het grootste deel van het land geen rundvlees kan eten als je dat zou willen. In lokale hotels zul je in veel gevallen zelfs helemaal geen vlees kunnen eten, hooguit vis in de buurt van de kust. Afgezien dat vanuit de religie geen vlees wordt gegeten, is het voor veel mensen ook nog eens een luxeproduct.

Desondanks heb ik in India een keer rundvlees kunnen eten. Ik deed het omdat ik vooral nieuwsgierig was, zoals ik dat eigenlijk constant was in India en niet alleen naar het eten. Het leven staat daar zover af van de wijze waarop wij hier leven.

Het was in een hotel in Chennai dat zich deels richtte op Westerse gasten waar ik rundvlees at. Het hotel had een heel uitgebreid buffet waar gerechten uit alle uithoeken van India te vinden waren. Dat bleek vooral later, nadat ik in verschillende lokale hotels elders in Tamil Nadu en Kerala had gegeten. En ook plaatselijke restaurants in het zuiden van India hadden geen rundvlees. Wel waren we regelmatig bekijks, vooral voor kinderen die blijkbaar niet veel westerlingen zagen. Maar in Chennai at ik dus eens een rundercurry. Lekker ook, maar dat zal niemand verbazen.

Curries zijn er in allerlei variaties, van snel tot tot je-moet-wel-even-geduld-hebben. Er zijn geen vaste regels en het verschilt ook per regio of je bijvoorbeeld ghee gebruikt of olie. Of dat het pittig is of dat het tomaten bevat. Of met specifieke specerijen. De regio rond Kerala is bijvoorbeeld bekend vanwege de hoge kwaliteit zwarte peper. Dat was voor de VOC ook een reden om daar zo’n 400 jaar geleden zich te vestigen. Ik kon natuurlijk niet achterblijven en nam ruim een pond mee terug naar Nederland. Of het waar is of niet, maar ik hou mezelf voor dat deze peper geuriger is dan de standaard zwarte peper. Geen idee waar die overigens vandaan komt, waarschijnlijk ergens in Zuidoost-Azië. 4 jaar later is het wel bijna op trouwens.

Je kunt makkelijk zelf een curry bedenken door een aantal specerijen te gebruiken die je in veel curries terug kan vinden, namelijk komijn- en korianderzaad, naast knoflook en gember. Met kaneel, pepers en cardamom kom je al aardig in de buurt van een smakelijke curry.

Naast tomaten voeg ik regelmaat winterwortels toe aan een stoofgerecht of een curry. De zoete wortels vormen een prettig contrast met de specerijen. Door de groente hoef je alleen nog maar rijst toe te voegen. Of eet het met naan.

Lees Meer Lees Meer

Chicken tikka masala: Engeland’s nationale gerecht

Chicken tikka masala: Engeland’s nationale gerecht

In de lijst van Engelse nationale gerechten staat steevast chicken tikka masala, een waarschijnlijk/mogelijk Engelse uitvinding uit de 2e helft van de vorige eeuw, misschien gebaseerd op het Indiase/Pakistaanse gerecht chicken makhani, kip met boter, oftewel boterkip. Tomatensaus toevoegen en je hebt chicken tikka masala? De meningen zijn zeer verdeeld over de oorsprong van het gerechtje. Dat gaan wij hier niet oplossen.

Waar wij in Engeland woonden, alweer vele jaren geleden, was dichtbij een voortreffelijk Pakistaans restaurant. Je kon er chicken tandoori masala krijgen en chicken tikka masala. De tandoori was met een grote kippenpoot, en de tikka bevatte kleine stukjes kip. Maar meestal verwijst tandoori naar de kookwijze. Een tandoor is een grote oven gemaakt van klei die temperaturen tot een kleine 500°C kan realiseren. Vlees wordt daarin heel snel dichtgeschroeid en blijft daardoor heel erg sappig. Thuisgemaakte chicken tikka masala is daarmee altijd slechts een benadering van het echte ding, en desondanks erg lekker.

Eten in een Pakistaans restaurant was ook onze eerste kennismaking met de yoghurtdrank lassi. En wel hierom. De allereerste keer viel namelijk op dat bijna alles in 5 versies kon worden besteld: very mild, mild, medium, hot en very hot. Wij kenden onze kruidige Chinees in Nederland, dus we dachten, very hot dat is vast wat te pittig, laten we gewoon de hot doen.

Nadat het de vriendelijke ober duidelijk was geworden dat we nooit eerder in een Pakistaans restaurant waren geweest, haalde hij er toch maar zijn vader bij om ons ervan te overtuigen dat het misschien beter was om met de very mild versie te beginnen. Na ampel beraad daarom gewoon voor de hot gekozen. Wie vertelt een Nederlander in den vreemde wat hij moet doen niet waar.

Toen onze kleurrijke maaltijd werd geserveerd, viel op dat er niet eens zoveel eten op ons bord lag. En dat het keukenpersoneel ineens in het eetgedeelte stond. En dat ze toch wel veel onze kant opkeken. Nog enigszins naïef dachten wij dat dit kwam omdat wij op dat moment de enige mensen waren in het restaurant zonder een directe link met Pakistan, maar nee.

Na de eerste hap bleek een paar seconden later waarom ze toch echt voor ons uit de keuken waren gekomen. We kregen wel meteen hulp om wat verkoeling te krijgen, lassi.

Na bijgekomen te zijn brachten ze ons al snel een very mild versie in ruime hoeveelheden. Nog steeds flink wat sterker dan onze toch niet zo kruidige Chinees in Nederland, maar veel beter te behappen. We zijn nog heel vaak teruggegaan naar hetzelfde authentieke restaurant en werden elke keer met een toch wel brede lach op het gezicht van de obers herkend en welkom geheten. Maar tot de very hot versie zijn we nooit geraakt.

Masala betekent simpelweg kruidenmix. Er is daarmee niet één type chicken tikka masala. Zo kan de kleur geel, rood of bruin zijn en alles wat daar tussenin zit. Wij aten altijd een rode versie in het restaurant op loopafstand. De masala kan ook nog eens een dikke saus zijn, of een waterige saus.

Hier zijn we lui, want vermeend tijdgebrek. Iemand riep namelijk een uur voor etenstijd tikka masala. Dat gaat hem dus niet worden. De kip kon niet meer de avond van te voren gemarineerd worden in een tikka-smeersel van bijvoorbeeld yoghurt, geperste knoflook, gember, citroensap, chilipoeder, paprikapoeder, korianderpoeder en komijnpoeder. Hoeveelheden naar smaak natuurlijk.

Dus chicken tikka masala gemaakt zonder de tikka-marinade. Wil je ook de tikka-marinade erbij, volg dan gewoon 1 van de miljoenen al bestaande recepten, bijvoorbeeld die van de BBC, in de sectie The Nation’s Favourite Food. Hoewel die een beetje vals speelt door een kant-en-klare marinade te gebruiken.

Lees Meer Lees Meer