Tonkatsu met ketjapsaus
Ik maakte al eens katsudon, dat wil zeggen tonkatsu, een gepaneerd varkensfiletje, geserveerd met kool in een kom rijst. Een gerecht uit de Japanse Yoshokukeuken.
Nog even kort: de keuken van Japan bestaat uit een traditioneel deel en uit een deel dat door het Westen is beïnvloed. Die keuken heet yōshoku en is een voorbeeld van een fusion-keuken.
In de tweede helft van de negentiende eeuw werd Japan gedwongen haar grenzen te openen en maakte Japan kennis met de westerse keuken, met name die van de Amerikanen, helemaal na de Tweede Wereldoorlog. Sindsdien kent de Japanse keuken gerechten als de Hambagu en Katsudon. Omurice (Omu-raisu) is al eerder ontstaan, zo aan het begin van de twintigste eeuw in een westers georiënteerd restaurant. De kok zou zijn geïnspireerd door de sushi-variant chakin sushi waarbij rijst (eventueel met paddenstoelen of pickles) ingepakt wordt in een dunne omelet.
Tonkatsu eet je normaal gesproken met een tonkatsusaus, maar kun je natuurlijk in allerlei combinaties eten. En in plaats van tonkatsusaus kun je natuurlijk ook een mooie ketjapsaus maken. Japan meets Indonesië zeg maar.
Tonkatsu is een combinatie van the Chinees-Japanse woord ton (豚) wat “varken” betekent en katsu (カツ), een afkorting voor katsuretsu (カツレツ), afgeleid van het Engelse woord cutlet, wat weer is afgeleid van het Franse côtelette, een dun lapje varkensvlees.
Vlak na de introductie van tonkatsu in de negentiende eeuw werd deze vooral van rundvlees gemaakt, maar in 1899 werd in een restaurant de varkensvariant bedacht en deze kreeg al snel de overhand.
Leuk om te maken en ook leuk om iemand te verrassen met eens iets anders uit de Japanse keuken dan sushi.
