Archief van
Tag: Schwäbische Spätzle

Schwäbische Spätzle met pesto alla Genovese

Schwäbische Spätzle met pesto alla Genovese

Pesto alla Genovese. Men noemt het de oorspronkelijke pesto, uit Genua in Noord-Italië. Of dat waar is? Naar verluidt stamt pesto af van het oud Romeinse smeersel moretum. Vanaf dat punt kun je in de tijd vele afslagen nemen. Bijvoorbeeld naar pesto alla Trapanese, met amandelen, uit Sicilië, en naar de rode pesto alla Calabrese uit Calabrië in Zuid-Italië, ook met amandelen.

Pesto all Genovese wordt authentiek gemaakt van basilicumblaadjes, pijnboompitten, knoflook, Parmezaanse kaas (hoewel ook Pecorino mag blijkbaar), olijfolie extra vierge en zout. Alles in een speciale volgorde vijzelen en mengen en je hebt pesto. Voor ons is basilicum essentieel in pesto. Geen frivoliteiten op dit gebied.

Basilicum, Ocimum basilicum. Dat moet je wel toevoegen want er zijn heeft veel planten die basilicum heten. Zoals Thaise basilicum, Ocimum basilicum var. thyrsifloradie, die de medeblogger graag gebruikt maar nog geen Reutel-recept aan heeft gewijd. Basilicum, lekker, zowel de verse blaadjes als de steeltjes. Raak je de blaadjes aan dan komt de lekkere geur vrij.

We gebruiken basilicum vaak. Losse blaadjes vooral op pizza’s, in pasta’s en door salades. Hele takjes laten we lang mee sudderen in tomatensauzen voordat we ze aan het eind weer verwijderen. Levert lekkere tomatensausen op. Maar we gebruiken basilicum uiteraard ook om zelf pesto te kunnen maken. In 10 minuten klaar. Alleen een reis naar de winkel duurt al langer, laat staan zoeken, afrekenen en terug reizen.

De planten kopen we tegenwoordig wel bij onze supers, in een pot met aarde. En daar zijn we niet alleen in. The Guardian meldde op 15 juni 2024 dat bij navraag bij de grote Engelse supermarkten dat zowel Tesco, Asda, Sainsbury’s als Ocado verklaarden dat basilicum het meest verkocht werd van alle kruiden. Gezien het aantal basilicumplanten in onze supers zal dat in Nederland niet anders zijn.

Dat kopen bij supers brengt wel een aantal uitdagingen met zich mee. Basilicumplanten zijn vast in de kas omhoog getrokken; een snelle geforceerde groei, zodat ze zo snel mogelijk verkocht kunnen worden. Geen natuurlijk gedrag. De term plofplant wordt wel gebruikt in relatie tot basilicumplanten uit de supermarkt. In de potten zitten vast veel plantjes met maar 1 stengel.

We hebben vrienden en kennissen die de blaadjes meteen beginnen op te eten, waardoor ze na een korte tijd alweer een basilicum plant moeten kopen. Vast precies wat de commerciële supermarkten willen. Wij doen het anders.

Wij laten de gekochte plant eerst met rust. We zetten het op een plek voor een raam met halfopen luxaflex. Vrij constante temperatuur en geen wind of vocht. Uit de volle zon ook. Koeler dan de tropische en subtropische gebieden waar de plant in de natuur voorkomt, maar bij ons werkt het. Want na even bijkomen van de gedwongen groeispurt, begint de plant langzaam te groeien. We hebben er zelfs af en toe bloemetjes in!

Een bijna 50 centimeter hoge basilicumplant. In de winkel worden ze verkocht als ze zeg 20 centimeter hoog zijn. Je hoeft ze niet eens te verpotten om ze in leven te houden. En als de plant(en) zo’n 50 centimeter hoog is (zijn) gaan we delen van de takjes gebruiken in gerechten.

En we kopen op tijd een nieuwe basilicum plant, die ook eerst weer mag bijkomen. Zo hebben wij altijd verse basilicum in huis. We kunnen daardoor altijd zelf pesto maken, want eigengemaakte pesto die je op de dag zelf gebruikt is echt veel lekkerder dan die uit potjes uit de winkel.

Neem je pesto uit een potje, dan moet je wel even op de lijst met ingrediënten kijken. Want er zijn nogal wat verschillende potjes pesto te koop die niet helemaal aan de authentieke ingrediëntenlijst voldoen, ook niet al we ons beperken tot waar pesto alla Genovese op het potje staat. Oftewel, helemaal niet.

Zonnebloemolie in plaats van olijfolie extra vierge is populair. Soms zit er Grana Padano in, geen Parmezaanse kaas, en geen Pecorino. Cashewnoten of amandelen komt ook vaak voor. Maar er is ook wel een bijna pareltje die Basilico Genovese BOB gebruikt, maar toch naast olijfolie extra vierge en pijnboompitten ook nog zonnebloemolie en cashewnoten bevat. Om de prijs te drukken?

Maak je zelf pesto, begin daar dan mee tijdens het bereiden van de maaltijd en tel 10 minuten bij de maaktijd op.

Lees Meer Lees Meer

Sugar snaps, peultjes en romige tomatensaus

Sugar snaps, peultjes en romige tomatensaus

Eten bij kunstlicht rond de dagen van het jaar met de langste periode daglicht. Gek genoeg de langste dag van het jaar genoemd, terwijl elke dag 24 uur duurt. Taal, gelukkig is het maar een hulpmiddel en kun je er mee spelen.

We zitten middenin een warmtebubbel van rond de 35 graden, dus we zitten in een ander ritme. Vroeg op om alles goed door te luchten. Dan het huis hermetisch afsluiten van licht aan de zonkant. Zonnewering naar beneden en luiken en gordijnen dicht. Dat betekent in hete zomers ’s avonds eten bij kunstlicht, want onze eettafel staat aan de westkant van het huis, waar de zon dan volop staat te schijnen.

Een tijd geleden alweer uitgebreid gekookt voor een bevriend stel, wel in veel koelere omstandigheden. We kennen elkaar al een tijdje, dus er zijn weinig verrassingen meer op eetgebied. Want we vragen altijd wel a priori wat men absoluut niet lekker vinden. En die informatie bewaren we, privacy wet of niet. Zeer nuttig.

Voor 4 personen sugar snaps bedacht als groente. Het stond op het boodschappenlijstje, dus er moesten 2 zakjes van elk 250 gram gekocht worden, bij de super dit keer. Die zakjes liggen normaal gesproken in de koeling pal naast de zakjes met peultjes. Keurig naast elkaar, niet op elkaar. Dus blindelings 2 zakjes die op elkaar lagen gepakt. Pas bij thuiskomst bleek er 1 zakje sugar snaps en 1 zakje peultjes te zijn gekocht. Dom foutje, van mij. Nou ja, hoe erg is dat, potato potatoo, dacht ik nog.

Want sugar snaps bestaan sinds het midden van de vorige eeuw. Verkregen door doperwten en peultjes met elkaar te kruisen. Dat is meerdere keren gedaan zelfs, om elke keer weer nog betere sugar snaps te krijgen. Van doperwten eten we alleen de erwten. Van de bollere sugar snaps zowel de erwten als de peul. Van de zeer platte peultjes alleen de peul, want de erwten zijn nauwelijks tot niet aanwezig.

Zowel peultjes als sugar snaps zijn beetgaar gekookt knapperig en licht zoet van smaak. Dus ik dacht, als je doperwten en peultjes lust, dan lust je ook sugar snaps. En als  je doperwten en sugar snaps lust, dan lust je ook peultjes. Nou, dat was goed verkeerd gedacht!

Al snel bleek dat ons niet-lekker-lijstje in deze niet volledig was: 1 van de genodigden lustte absoluut geen peultjes. Het was niet zozeer de smaak, maar het mondgevoel dat haar niet beviel. We hoefden echter geen andere groenten te bedenken / uit te zoeken/ te kopen! Ze kozen zelf: de ene gast koos sugar snaps, de andere koos peultjes. En wij beiden aten die avond voor het eerst in ons leven een mengsel van sugar snaps en peultjes in 1 maaltijd.

Dat groentemengsel beviel goed en met enige regelmaat eten we nu sugar snaps én peultjes in 1 maaltijd. Niet zo chique, ingewikkeld en uitgebreid als toen het diner met vrienden, maar gewoon doordeweeks. Want zowel sugar snaps als peultjes zijn snel klaar.

Eet je iets met enige regelmaat, dan kristalliseert zich na verloop van tijd een stabiele maaltijd uit; een lekkere maaltijd met vaak van te voren vaststaande ingrediënten. De combinatie van sugar snaps en peultjes bleek heel lekker met gerookte spek.

Als tegenhanger op hetzelfde bord bleek Schwäbische Spätzle met een romige tomatensaus zeer smakelijk te zijn. Schwäbische Spätzle kopen we altijd als pastatoerist. Schwäbische Spätzle bestaat uit deegslierten, die per producent kunnen verschillen in lengte en dikte. Sinds 2012 heeft Schwäbische Spätzle een beschermde oorsprongsbenaming. En terecht.

Begonnen als een foutje, inmiddels op de lijst met lekkere maaltijden: sugar snaps en peultjes én Schwäbische Spätzle met een romige tomatensaus.

Een maaltijd waar je slechts af en toe bij het fornuis moet zijn om deze maken, bij 35°C. Komt dus goed uit.

Lees Meer Lees Meer

Vlees van kalkoendijen, sugar snaps en peultjes

Vlees van kalkoendijen, sugar snaps en peultjes

Als vlees gerookte kalkoendij gebruikt. Niet helemaal vrijwillig overigens.

Kalkoen treedt in deze tijd van het jaar in Angelsaksische landen zeer nadrukkelijk op de voorgrond. En dan zie en weet je meteen weer hoeveel buitenlandse kookprogramma’s er wel niet worden uitgezonden door Nederlandse TV-zenders. En als dan ook nog de Nederlandse TV-koks meegaan doen aan een Angelsaksische traditie, lijken alle kookprogramma’s nog meer op elkaar. Vanaf zeg 10 december tot zeker na de kerst, want dan maken ze allemaal eenzelfde soort gerechten met als motto ‘wat te doen met de kalkoenrestanten’. Daarna begint de oliebollen en appelflappen periode, samen met de borrelhapjes voor oud en nieuw. Wij kijken wel weer passief mee met de kookprogramma’s, als achtergrondruis, na het begin van het nieuwe jaar, zo rond 4 januari.

Kalkoen was bij mij al vroeg bekend. Niet doordat wij het aten. Welnee. Wij aten kip, geen kalkoen. Ik kende ze ook vooral als klokkloks. Want zo noemde Obelix ze in het nog steeds prachtige Asterix en Obelix verhaal ‘De grote oversteek’ naar Amerika, uit 1975. Zo vreemd is het niet dat Obelix de vogels een naam gaf op grond van hun geluid. Denk in Nederland maar aan de koekoek, oehoe, kievit, grutto en tjiftjaf, bijvoorbeeld. De kalkoen kent zijn oorsprong in Noord-Amerika. Via de Spanjaarden kwam de kalkoen pas in de 16e eeuw naar Europa. Net zoals de aardappel en de tomaat.

Zijn kipfilet en kalkoenfilet van dezelfde kleur, dat geldt niet voor kippendij en kalkoendij. Kalkoendij, zonder vel, is roder van kleur. Zeker als het ook nog eens gerookt is. Het is ook nog eens veel groter en zwaarder dan een kippendij. We zagen rode kalkoendijen in reepjesvorm liggen in een supermarkt, als iets nieuws, voor ons tenminste. Opgepakt, bijna in het winkelwagentje gelegd, en toen weer in de koeling teruggelegd. De reepjes kalkoendij hadden namelijk ‘kalkoen spekreepjes’ als naam en in de tekst stond ‘gemaakt op basis van kalkoen’.

Dat laatste is wel degelijk een merkwaardige tekst, hoe eerlijk ook. En spek, dat hoort bij varkensachtigen, niet bij kalkoen, toch? Bij de ingrediënten stond dat er 95% kalkoendij inzat. Komt vaker voor bij gerookt vlees, percentages rond de 95%. Het is geen samengeperst separatorvlees, want dat moet van de wet op het etiket staan. Overigens heb ik echt niets tegen separatorvlees. Frikandel! Bovendien ben ik groot voorstander van het gebruik van alle slachtvlees. Niets weggooien!

Kort daarna op een rustig moment bij onze keurslager binnengelopen en gevraagd naar reepjes gerookte kalkoendij. Die had hij, werd breed lachend gemeld, en ook nog bijna zonder vet, mager vlees dus. Die rode reepjes werden getoond. Ik mocht trouwens ook wel een hele kalkoendij van 800+ gram kopen. Snel aanbraden en dan lang in de oven in een braadpan. Daarvan afgezien, tot nu toe. Even naar de prijs van 300 gram kalkoendij in reepjes gevraagd, en oei, beetje veel duurder dan de kalkoen spekreepjes van de super. Gemeld dat we daar toch nog even over gaan nadenken.

Weer thuisgekomen zag ik in mijn geheugen eigenlijk geen verschil in uiterlijk tussen reepjes kalkoendij en kalkoen spekreepjes. Toch knap van die toeleverancier van de supers. Vergeten deze beleving thuis te vertellen. Andere dingen trokken de aandacht.

Enkele dagen later had een medebewoner boodschappen gedaan. Ze hebben iets nieuws bij de super werd bij thuiskomst verteld. Kalkoen spekreepjes, meteen 2 bakjes gekocht. Op een goed moment hem de tekst op de verpakking laten lezen. Hij zag het probleem niet echt. 95%, dat is toch best veel vergeleken met jouw frikandel van de patatzaak. Dat was dus wel blijven hangen! Toch even nagekeken en hij had gelijk. In Nederlandse frikandel zit vaak om en nabij de 80% vlees, waarvan een ruime meerderheid separatorvlees is.

Schwäbische Spätzle was al populair bij ons, hoewel 1 medebewoner er niet altijd even enthousiast naar uitzag, naar maaltijden met Duitse Spätzle soorten. Dat is compleet veranderd sinds we er een Sauce Mornay door doen én zoutig vlees erbij serveren. Bij dat laatste denk je al snel aan gerookte spek- en bacon-reepjes. En Sauce Mornay? Wij maken regelmatig een bechamelsaus met extra ingrediënten. Is dat extra ingrediënt kaas, dan heb je meteen een Sauce Mornay. Zo simpel is het.

Als groenten er sugar snaps en peulen bijgezocht. Dat vereist wel extra tijd en werk, want de draadjes moeten worden verwijderd. Ze hebben allebei een zoete smaak een knapperige structuur. Past goed dachten we, bij een Sauce Mornay met Schwäbische Spätzle.

Lees Meer Lees Meer

Op vakantie zelf koken: Schwäbische Spätzle en erwten

Op vakantie zelf koken: Schwäbische Spätzle en erwten

Vakanties moet je plannen. Je werkbaas wil het van te voren weten. En als je in het buitenland een gegarandeerde slaapplek wilt, moet je dat eveneens van te voren regelen. Hoe lang we ergens tijdelijk blijven ligt er puur aan wat er te zien is in de omgeving en of je in die omgeving kunt wandelen in de vrije natuur. Bijna altijd al zo geweest.

In een 3-persoonstentje met 2 personen overnachten in veredelde weilanden, door het hele VK. Gedaan. Stedentrips – hotel in een stad in het buitenland inclusief vliegreizen – is een zonde uit onze jeugd. Seen it, done it, moved on. Tegenwoordig zitten we in kleine huisjes of een hotelkamer.

Meestal blijven we 2 of 3 nachten op 1 locatie, zelden langer, en trekken dan verder. Ook die vakantieroute van locatie naar locatie moet je van te voren plannen. En plannen, dat is nou net niet onze favoriete bezigheid. Maar ja, wil je op vakantie, dan moet je wel.

We wisten het daarom al van te voren. Ons tijdelijke vakantie-hutje had geen stroom. Een bijna logisch gevolg van het feit dat we op vakantie zo weinig mogelijk andere mensen willen zien. Wat weer een gevolg is van heel veel mensen om je heen hebben tijdens het werk. Dan ga je tijdens je vakantie niet in een vakantiepark zitten.

Daarom gingen we vroeger graag naar de hooglanden van Schotland. Uren wandelen zonder andere mensen tegen te komen, in prachtige landschappen. Ook nu zoeken we vaak een verblijf bij kleine dorpjes in afgelegen streken, al dan niet in de heuvels of bergen. En dat betekent soms geen elektriciteit in een huisje.

Voor deze zelf-kokers had dat meteen 1 grote consequentie: geen koelkast. Nu kan je op vakantie elke dag wel uit eten gaan, maar de laatste keer dat ik keek groeide er nog steeds geen geld op onze ruggen. Want uit eten gaan kost veel meer geld dan wanneer je zelf een maaltijd kookt.

Dat geldt ook al in Nederland. Daar kan je voor 2 personen zomaar 100€ kwijt zijn aan een lunch, gemiddeld [1]. Mogelijk dat die lunch dan wat weg heeft van een avondmaaltijd, die laatste genuttigd in de avond zal nog veel duurder zijn. Is uit eten gaan jullie hobby, dan zul je een goed betaalde baan moeten hebben, allebei, denk ik zo maar. Met 1 kanttekening, ik weet niet waar ze de getallen vandaan hebben of in hoeveel sterrenrestaurants ze lunchten [1], wij lunchen echt vele malen goedkoper buitenshuis, zelfs aan het water.

Andere consequenties van geen elektriciteit? Geen TV, dus geen krimi’s, mobieltjes niet kunnen opladen, toch een beetje een kriem, geen wifi, en naar bed als de schemering overgaat in de nacht. Gelukkig was het zomer, dus lekker lang licht ’s avonds. En het restaurantje naast het winkeltje, 1 kilometer verderop en een stuk lager gelegen, had een terrasje waar je koele drankjes kon drinken.

Maar af en toe kookten we dus zelf, dit keer op gas dat uit een grote grijze stalen gasfles kwam. Koken voor 2 personen.

Het winkeltje had bijna alles verpakt in blik, glas en plastic zodat het langer houdbaar blijft. In de koeling, want wel stroom, lag een kleine hoeveelheid vlees.

De dagelijkse wandelingen eindigden steevast bij dat winkeltje, zodat we toch wat gekoelde spullen konden kopen die we meteen gingen opwarmen en opeten bij thuiskomst.

Snelle maaltijden, want minder energie om te koken door de lange wandelingen. Van Duitse pasta (Schwäbische Spätzle), erwten en gehakt. Nu smaakt eten op vakantie veel lekkerder dan datzelfde eten thuis bereid. Denk aan het verschil tussen Sangria in Spanje en Sangria thuis! Dus weer thuis in Nederland de maaltijd wat gepimpt met kruiderij en kaas. En met tuinerwten uit de diepvries in plaats van doperwten uit een pot.

In de basis nog steeds dezelfde maaltijd, maar nu voor 4 personen, met dus wat extra’s.

Lees Meer Lees Meer