Archief van
Tag: streekgerecht

Streekgerecht: Kamper steur – Eieren met mosterdsaus

Streekgerecht: Kamper steur – Eieren met mosterdsaus

Een eenvoudig, maar smakelijke variant op gekookte eieren. En een gerecht met een verhaal.

De oudste opgeschreven versie van het verhaal over de Kamper Steur is van de hand van Jan Jacob Fels, een schilder annex dichter annex houthandelaar uit Kampen. In 1852 bracht hij onder de schuilnaam ‘Kampenaar’ een bundel berijmde Kamper stukjes uit, waarin vooral de spot werd gedreven met de lokale bewoners. Een van die stukjes ging over een bisschop die de stad Kampen zou bezoeken. Een Franse kok werd binnengehaald om een genereuze maaltijd te bereiden, waarvoor in de IJssel een steur werd gevangen om in wijn gekookt te worden. Echter de bisschop werd ziek en het bezoek moest worden uitgesteld.

Toen, zegt men, kreeg op hoog bevel
Die steur een schelband om,
En werd zijn kerker losgezet;
Waarna het dier weer onverlet
Luid klinkend henen zwom.

De bel diende om de vis weer te kunnen vinden wanneer de bisschop hersteld zou zijn van zijn ongerief. Helaas, de steur was bij het uitgestelde bezoek van de bisschop niet te vinden en volgens een late herdruk van het kookboek Aaltje de volmaakte en zuinige keukenmeid, voor het eerst verschenen in 1804, werd een gerecht bedacht dat bestond uit 8 gekookte eieren, 3 lepels slaolie, 1 lepel azijn, 2 theelepels fijngehakte peterselie en 2 theelepels mosterd. De eieren werden gehalveerd en van de overige ingrediënten werd een saus geklopt. De naam van het gerecht: Kamper Steur.

Het verhaal dat in 1919 door J. Cohen werd vastgelegd in zijn boek Nederlandsche Sagen en Legenden II verschilt nauwelijks van de versie van Fels.

De versie van Cohen

Als de stad Kampen een belangrijke ridder met zijn grote gevolg verwacht, schakelt het bestuur van de stad de beste kok in die ze kunnen vinden.

Hij wist, wanneer een haas adellijk genoeg was, en als hij een stuk boter in de heete pan wierp — schijnbaar-achteloos gelijk een waarachtig kunstenaar — verspreidde dit sissend en smeltend een geur, liefelijker dan de huid van een blond, zestienjarig maagdeke, de adem van roos en jasmijn tezaam. […] Wist hij niet de kracht van alle kruiden en toevoegsels, van de foelie, van de thijm, ban de peper en de laurier, van de kaneel en de vanille, van de anijs en het maanzaad, van de komijn en de mosterd, van de citroenschil en de kerry, en wist hij niet al de smaken aanéén te dichten als jamben en anapesten en hexameters der kookkunst? welk een man!

De kok verzon een uitgebreid gangendiner, waarbij het hoogtepunt gevormd zou worden door de steur en haar kaviaar. De ridder meldde zich echter ziek en aangezien de steur niet in gevangenschap kon leven, werd deze weer vrijgelaten in de IJssel. De reusachtige vis werd terug gezet met een snoer met bellen aan zijn lichaam, zodat ze hem snel weer zouden kunnen vangen als dat nodig was. Maar de steur verdween spoorloos en toen de ridder beter was geworden en alsnog afreisde naar Kampen moest de kok noodgedwongen nieuwe gerechten verzinnen. Nog lang zouden de inwoners aan de waterkant luisteren of ze in de diepte van de IJssel een bel konden horen rinkelen …

Geen van beide auteurs rept echter zelf over de eieren met mosterdsaus. Het verhaal komt op zich niet helemaal uit de lucht vallen blijkt. Uit het Kamper stadsrecht Dat gulden boek van omstreeks 1400, blijkt dat men gevangen steuren aan een touw liet zwemmen in de IJssel. Verhalen over een vis die met een bel omgehangen vrijgelaten wordt, kennen we ook uit andere landen. Het thema is dus algemeen.

Hoe het ook zij, de kaviaar is weliswaar wat groot uitgevallen, het gerecht is snel gemaakt voor een lunch maaltijd.

Lees Meer Lees Meer