Archief van
Tag: tomaten

Tomaten-champignonsoep

Tomaten-champignonsoep

Als ik in de winterkou buiten aan het werk ben, dan mogen we voor de lunch graag de warmte opzoeken en genieten van een twaalfuurtje. De basis van een twaalfuurtje bestaat meestal uit een gebakken ei op brood, een kroket op brood en een soepje. De meeste twaalfuurtjes die ik tegenkom kosten zo rond de 13 euro. Dat is niet te duur voor een afwisselende lunch. De samenstelling van een twaalfuurtje kan overigens wel verschillen. In de buurt van de zee en de grotere waterparijen heeft een twaalfuurtje soms een vis-thema. In plaats van een gebakken ei wordt er zalm of paling geserveerd en in plaats van een gewone kroket een garnalenkroket met daarnaast soms een vissoepje. Het straalt gelijk luxe uit. Eerlijk is eerlijk, je betaalt dan ook vaak wel iets meer. Maar genieten mag ook wat kosten.

Een twaalfuurtje is trouwens ook een goed middel tegen keuzestress. Neem ik de uitsmijter of neem ik de kroket op brood? Of allebei?

De kwaliteit van het twaalfuurtje kan wel sterk verschillen. Dat geldt voor elk van de onderdelen van het twaalfuurtje. Te beginnen met het brood. Een eenvoudig sneetje van de supermarkt of een smakelijk desembrood. Een eenvoudig gebakken spiegelei of een dubbel ei op ham of kaas. Een standaard kroket of een ‘merk’kroket of, en dat is echt top of the bill, een huisgemaakte kroket. (Ik at in Zeeuws-Vlaanderen eens een huisgemaakte garnalenkroket…) En bij die gewone kroket een zakje mosterd of een klein bakje met een betere kwaliteit. En dan het soepje. Een tomatensoep gemaakt van poeder uit zo’n reusachtig blik of een huisgemaakt paprikasoepje, en alles daartussenin met of zonder balletjes. Tegenwoordig opvallend vaak geserveerd in een klein glas. Wat, zeg ik uit ervaring, niets zegt over de kwaliteit van de soep. Meer op het platteland krijg je vaak een echte kom met soep. Wel zo lekker.

Soms is een twaalfuurtje nog wat verder aangekleed met een bolletje huzarensalade en een ‘groene salade’. Dat laatste valt bijna altijd tegen. Meestal is het niet meer dan een blaadje sla of wat rucola, twee plakjes komkommer en wat zilveruitjes en een eetlepel selleriesalade. Het bolletje huzarensalade komt in veel gevallen uit de fabriek, maar sommige restaurants hebben huisgemaakte huzaren- of rundvleessalade. En dat proef je ook.

Zo’n twaalfuurtje is dus best divers en heeft ondanks het aanwezige afbreukrisico een zekere aantrekkingskracht, zeker in de wintermaanden. Als ik twijfel tussen de mogelijkheden op de kaart, dan vraag ik vaak wel even wat voor soep er bij het twaalfuurtje geserveerd wordt. Want die soep, die valt relatief vaak tegen. Zelden het gebakken eitje. Of de kroket, want laten we wel wezen, een kroket is altijd lekker.

Dit keer werd er hier om soep gevraagd als voorafje. Meestal wordt hier gegeten zonder voorafje, maar de winterkou vroeg om iets verwarmends. Met de slechte weersomstandigheden was de voorraad in de koelkast ietwat uitgeput geraakt en waren het toch vooral restjes van eerdere maaltijden die er nog lagen.

Voor de bouillon kun je een poedertje of blokje nemen of zoals ik een restje. Ik had namelijk een dag eerder een kipfilet gepocheerd met wat piment, grof gesneden lenteui en twee takjes selderij. Na het pocheren van de kip en zeven van het vocht had ik een heerlijk geurende bouillon. Goed voor een soepje.

En als je 1 of 2 tomaten hebt liggen, dan gaan die natuurlijk ook in de soep. Ik gebruikte gezeefde tomaten, die ik overhad van pizza maken…

Lees Meer Lees Meer

Tomatensoep met chipotle

Tomatensoep met chipotle

Ik kook graag bij anderen. Dat heeft overigens niets te maken met dat ik hun kookkunsten niet vertrouw of waardeer. Ik laat mij namelijk ook graag fêteren. Maar de ervaring leert dat mijn vrienden het soms prettig vinden als ze een keer zelf niet hoeven te koken en bovendien waarderen ze mijn buitenlandse uitstapjes, niet zelden Aziatisch of Surinaams. Voordeel voor mij is dat ik wat vaker kan experimenteren met ingrediënten en hoeveelheden. Win-win.

Niet iedereen vind alles even lekker. Sommigen eten geen vis, anderen niets met meer dan 4 poten, weer anderen geen ingewanden (al worden kippenmaagjes – feitelijk een spier – in steeds grotere kring gewaardeerd), sommigen lusten geen bloemkool of spruitjes, of prei (ik noem geen namen) of zijn allergisch voor bepaalde ingrediënten. Ik ken zelfs meerdere mensen die geen kaas lusten, hoe is het mogelijk zou je denken. Nog los van een aantal principiële keuzes als geen kalfsvlees of überhaupt geen dier.

Bij een vriendin gaat het niet meer per se om lekker, want na een verkeersongeval heeft ze haar smaak verloren. Of beter gezegd, haar smaak is aangetast. Zo vindt ze sinds het ongeluk een gekookt ei bijzonder vies, waarbij de structuur voor haar niet meewerkt. Ook zoetigheden zijn allemaal heel vies gaan smaken. Nu is vlees eten sowieso niet haar keuze, dus eet je vanzelfsprekend meer groenten en als je ze niet moddergaar kookt, dan houdt het eten een prettige beet. Maar ook daarbij is niet alles vanzelfsprekend. Wat wel een succes is, tomatensoep! En laat ik nu ontzettend van tomatensoep houden!

De vriendin houdt van sterke smaken en het mag ook best pittig zijn. Met tomatensoep kun je veel kanten op. Zo kun je het een rooksmaak meegeven door het gebruik van pimenton de la vera, maar je kunt ook chipotle toevoegen. Chipotle is een gerookte jalapenopeper en wordt vooral gebruikt in de Mexicaanse keuken. Je hebt chipotle als gedroogde pepers, maar ook als saus. Ik heb altijd een potje chipotlesaus in de koelkast staan. Lekker om een stoofmaaltijd mee op smaak te brengen of een soep. Dit keer een tomatensoep.

Lees Meer Lees Meer

Tomatensoep met vermicelli, basilicum en laurier

Tomatensoep met vermicelli, basilicum en laurier

Geen van ons had echt zin in lang koken. Al itererend kwam al snel de gedachte op een wat dikkere soep met vermicelli. 99% van de keren dat we soep maken, maken we die zelf. Onder die ene procent viel vorige keer de ossenstaartsoep met orzo en doperwten.

Wij kregen vroeger bijna altijd vermicelli in een bouillonsoep (met kippenreepjes). Alleen in ossenstaartsoep en erwtensoep niet. Vroeger eerst alleen rechte stukjes vermicelli, later kwamen de vormpjes en letters. Tegenwoordig kan je letters én cijfers kopen. Trouw aan onze eigen jeugd toch de rechte vermicelli gekocht.

In de tomatensoep kregen wij dus ook regelmatig vermicelli, ook al was die vermicelli niet altijd te zien door de ondoordringbare rode kleur van de tomatensoep. Het zal een macht der gewoonte zijn geweest, vermicelli in soep.

Die tomaten groeiden massaal in Nederlandse kassen. Tot ergens in de begin jaren 90 van de vorige eeuw de Wasserbombe-affaire plaatsvond. Duitse consumenten vonden Nederlandse tomaten vooral een waterbom zonder smaak. De Nederlandse kwekers moesten wel innoveren, door nu ook op smaak te selecteren.

In de jaren 10 van deze eeuw was er de volgende innovatie. Tomaten werden niet meer alleen los verkocht, maar ook als trostomaten. Ze zaten toen blijkbaar vaak met z’n 5en aan elkaar. Althans, volgens de Keuringsdienst van Waarde in mei 2018.

4 trostomaten. De tomaat van het nu lege takje al gebruikt in caprese crostini.

Tegenwoordig kan je ook kleine trostomaatjes kopen. Door de aanwezigheid van takjes zou je dan kunnen afleiden dat de tomaat aan de tomatenplant is gerijpt en niet in koelhuizen. Verder zou de smaak voller zijn, maar of dat echt zo is of alleen een psychologisch effect? Reclame werkt nu eenmaal, ook al is het bedrog. Maar ik geef het onmiddellijk toe. Trostomaten op het aanrecht staat veel mooier dan een verzameling losse tomaten op dezelfde plek.

Nederlandse vermicelli voor in de soep is niet hetzelfde als Italiaanse vermicelli. Die laatste is pasta, bedoeld voor in een maaltijd. Zoals in viermicielli co le pommadoro, pasta met saus van tomaten, bedacht door Ippolito Cavalcanti, uit 1839. Vermicelli voor in de soep vind je daarom niet in de schappen met pasta. Het staat in schappen bij de soep. En inmiddels maken ook Italiaanse bedrijven onze vermicelli voor in de soep: pasta per zuppa.

Op de nostalgische toer voor de nieuwe generatie: tomatensoep met vermicelli. Met 3 manifestaties van die tomaten: grote trostomaten, gezeefde tomaten en tomatenconcentraat.

Lees Meer Lees Meer

Tomatensoep SU-style

Tomatensoep SU-style

Ik weet eigenlijk niet of er een typische Surinaamse tomatensoep is. Die zou dan waarschijnlijk onder invloed van de Chinezen in de Surinaamse eetcultuur moeten zijn opgenomen. De Javanen, Creolen, Hindostanen en Joden kennen volgens mij geen traditie van tomatensoep. Ik kan mij vergissen. Soep kennen ze in Suriname natuurlijk wel, zoals de ghoegri, okrasoep en saoto. De okrasoep moet ik binnenkort maar eens maken.

De stap van een ietwat zoetzure Chinese tomatensoep naar een Surinaamse variant is snel te maken. Meest voor de hand liggend is de toevoeging van een Madame Jeanettepeper of een sambal die daarop gebaseerd is. En zo geschiedde.

Tomatensoep is hier al veel vaker voorbij gekomen. Niet in de laatste plaats door mijn aversie voor de rauwe tomaat en mijn voorliefde voor de bereide variant. Een wereld van verschil, van textuur tot smaak. Het is ook een dankbare soep die meestal door zowel volwassenen als kinderen gewaardeerd wordt. En laten we wel wezen, dat laatste is toch regelmatig een uitdaging. Als kind was tomatensoep mijn favoriet, samen met koninginnesoep.

In de basis bevatten al mijn tomatensoepen ui, knoflook en tomaat, de laatste meestal in kleine stukjes of hele gepelde tomaten, soms passata of een combinatie. Soms ook heel praktisch wat er in huis is. Tomaten bijna altijd uit blik, want oneindig houdbaar en daardoor niet afhankelijk van de seizoenen.

Om de soep Surinaams te maken heb je wat opties. Ten eerste kun je een Madame Jeanette toevoegen aan de soep en deze zachtjes laten meepruttelen. De kunst is dan om de peper heel te houden. De peper geeft dan namelijk wel smaak af, maar niet de hitte. Dat gebeurt wel als de peper per ongeluk kapot gekookt wordt of juist met opzet. Let wel, de soep wordt dan plots goed pittig. Nu heb ik niet altijd Madame Jeanettes op voorraad, maar een sambal op basis van deze Surinaamse peper doorgaans wel. Deze voeg je toe als de uien glazig zijn gebakken. Een sambal kent overigens vaak ook wat meer smaakmakers dan alleen peper. Mijn Surinaamse sambal bevat bijvoorbeeld knoflook.

De soep is lekker op een zomerse dag, maar ook geschikt om in de winter lekker bij op te warmen. Letterlijk…

Lees Meer Lees Meer

Thaise tomatensoep met vegetarische balletjes

Thaise tomatensoep met vegetarische balletjes

Het was na een weekendje weg, met gevoelsmatig te weinig gezonde avondmaaltijden. Iedereen die dat wel eens heeft meegemaakt zal de sterke compensatiedrang bij thuiskomst wel herkennen.

Als ik iets hebt geleerd van weekendjes weg, is dat je bij thuiskomst maar beter een gevulde koelkast hebt. Zodat je de volgende dag niet eerst boodschappen hoeft te doen om te kunnen ontbijten, lunchen of zelfs avondeten. Ook met groenten is dat heel makkelijk te realiseren. Er zijn namelijk genoeg groenten die langer dan een dag of twee houdbaar zijn in of buiten je koelkast. Neem alleen al uien, kool en winterpeen. En prei! Niet door iedereen in de familie gewaardeerd, maar in reepjes gesneden lekker door de gebakken rijst of in een soepje.

Heel erg Thais is deze soep niet, behalve de Thaise currypasta, maar het beestje moet een naam hebben toch? Had ik rijstmie gebruikt, dan zou het al meer Thais zijn. Maar ik maakte zo’n 4 liter soep, voor meerdere dagen (ja, zo’n weekend was het). Mijn ervaring is dat rijstmie na een paar dagen in een soep niet heel blijft. Dus koos ik een tarwemie. Beetje dikke mie, anders lijkt het net vermicelli. Maar als je dat liever hebt, kan dat natuurlijk ook.

En voor een beetje bite voegde ik vegetarische balletjes toe, gemaakt van sojabonen. Te koop bij de meeste supermarkten voor weinig. Ze smaken goed en hebben zo’n structuur dat je er menig vleeseter mee voor de gek zou kunnen houden. Niet dat ik zeg dat je dit moet doen…, maar de eerste kieskeurige kleuters heb ik al te pakken gehad.

Al met al een lekkere, goedgevulde en gezonde maaltijdsoep. Thaise tomatensoep. Ik maakte het, dus het bestaat!

Lees Meer Lees Meer

Turks ontbijtje als lunch: menemen met ui

Turks ontbijtje als lunch: menemen met ui

Buitenhuis ontbijt ik doorgaans uitgebreider ontbijt dan thuis. Wellicht ook ingegeven door de ruime keuze en in het buitenland doorgaans ook door de smakelijkheden die we in Nederland niet eten.

In India at ik soms ’s ochtends teveel rijst of dosa, aangezien er geen brood werd geserveerd. In Suriname wist ik de pom gelukkig elke ochtend te weerstaan, anders had men mij van de ontbijttafel kunnen rollen. Het werd doorgaans een uitsmijter ‘sunny side up’. Binnen Europa zijn de ontbijtmogelijkheden meestal wat traditioneler, al is het in Duitsland vaak wel een vleeswarenfestijn. In Nederland kies ik meestal voor een broodje kaas met een zacht gekookt eitje. Thuis ontbijt ik doorgaans vrij sober met een cracker, een boterham of een bakje yoghurt met muesli en noten. De eerste en laatste vooral als het brood op is, wat geregeld het geval is.

In veel landen worden eieren gegeten bij het ontbijt, zo ook Turkije. Een land dat ik de toekomst wellicht nog bezoek, al is het alleen al voor het eten. Een bekend ontbijtgerecht is roerei met tomaten: menemen.

Het gerecht is vernoemd naar het district Menemen, in het westen van Turkije in de provincie Izmir. Dit eiergerecht zou zijn ontstaan in de jaren twintig van de vorige eeuw. Al voor de Eerste Wereldoorlog waren er lokaal veel strubbelingen tussen Grieken en Turken, waarbij ook talloze dodelijke slachtoffers vielen. Na de Grieks-Turkse oorlog moesten de Griekse inwoners van de regio vertrekken. Hun plek werd ingenomen door Turken die van het Griekse eiland Kreta kwamen. Zij introduceerden het gebruik van geklutste eieren over kruiden en gebakken tomaten.

Lees Meer Lees Meer

Tomatensoep
met ui en komijn

Tomatensoep
met ui en komijn

Tomatensoep. Ik eet het vaak. En in steeds meer variaties. Soep leent zich prima om mee uit te proberen, vooral met restjes. Ideaal als lunch. Zo is de reden dat ik vaak tomatensoep eet, het regelmatig over blijven van een restje (gezeefde) tomaten. Van het restje maak ik dan een soepje en als het soepje bevalt, wordt het een serieuze soep. Smaakmakend ingrediënt in deze variant is komijn. Hoe zoiets ontstaat? Heel simpel, de komijn stond nog op het aanrecht.

Komijn wordt over de hele wereld gebruikt, maar was in Nederland in eerste instantie vooral bekend in de gemalen vorm, genaamd ‘djinten’ uit de Indonesische en met name Indische keuken. In Indonesië zal het waarschijnlijk zijn geïntroduceerd vanuit India, waar het zijn intrede deed via de Perzische keuken. Zo valt de oorsprong te herleiden tot het Midden-Oosten. De naam ‘komijn’ komt via Middelengels en Oudfrans van de Latijnse term cuminum , die op zijn beurt afkomstig is van het Oudgrieks κύμινον (kúminon). Dit is een Semitische lening die verband houdt met Hebreeuws כמון (kammōn) en Arabisch كمون (kammun), die uiteindelijk allemaal afkomstig zijn van de uitgestorven taal in spijkerschrift Akkadisch 𒂵𒈬𒉡 (kamūnu). Wat mij trouwens op het idee brengt eens te speuren naar een Babylonisch gerecht. Vertaald, dat dan weer wel.

In de oude Egyptische beschaving werd komijn niet alleen gebruikt als specerij, maar ook als conserveermiddel bij mummificatie. De oude Grieken hielden komijn aan de eettafel, zoals wij dat met peper doen. Komijn werd ook veel gebruikt in de oude Romeinse keuken. In India vormt komijn de basis van tal van gerechten en is vaak onderdeel van kruidenmixen. In Amerika werd komijn door Spaanse en Portugese kolonisten geïntroduceerd en vind je het bijvoorbeeld terug in tal van Mexicaanse gerechten. En mensen maar denken dat fusion iets is van de laatste jaren…

Lekker met Turks brood.

Lees Meer Lees Meer

Lasagne van aubergine

Lasagne van aubergine

Na twee dagen hotelmaaltijden en iets te voedzame lunches had ik vandaag vooral behoefte aan veel groente. Mijn hoofd zei tomatensaus. De koelkast bood aubergines en rundergehakt. Het bleek een dag voor nieuwe dingen. Ik maakte als lunchmaaltijd voor het eerst aspergesoep (wat een makkie) en als avondmaaltijd een lasagne van aubergine, gehakt en tomatensaus. Dus zonder vellen deeg.

Veel mensen associëren de aubergine met Italië, maar de groente komt oorspronkelijk uit India. Dat er een link is tussen India en Italië weten de liefhebbers van Asterix en Obelix natuurlijk allang. Het Romeinse rijk dreef eeuwenlang handel met het Indisch subcontinent. De aubergine is overigens razend populair in Zuidoost-Azië, maar dan vooral de dunne variant, beter bekend als Chinese aubergine of Japanse aubergine. De kleine ronde aubergines kennen we dan weer als Thaise aubergine. Die variant is mij net te bitter. De Chinese aubergines zijn juist minder bitter. De bekende aubergines in de supermarkt hebben daarentegen wat meer pitjes – dat wat de aubergine bitter maakt – maar volgens mij is die bitterheid de laatste jaren er wel uit gekweekt.

Heel moeilijk is het niet om lasagne te maken, maar het gaat wel in een paar stappen die bij elkaar opgeteld wat tijd kosten. Het resultaat maakt dat echter ruimschoots goed. En zonder bechamelsaus, wat overigens meer een niet-Italiaans gebruik schijnt te zijn.

Lees Meer Lees Meer

Indiase peperkip

Indiase peperkip

Indiaas eten. Wie lust dat nu niet? Ik werd er groot mee gedurende mijn vega-jaren. En werd het levende bewijs dat je van Indiaas eten niet per se afvalt… Jaja, veel groenten… Toen ik na een jaar of twaalf weer vlees begon te eten, bleef ik uiteraard met regelmaat Indiaas eten, al verschoof mijn focus wel meer naar de traditioneel Chinese keuken, in het bijzonder die van Sichuan. Mijn ogen over de rijkdom en veelzijdigheid van de Indiase keuken gingen echter weer volledig open toen ik een paar jaar geleden in India was. Slechts voor een week was het, maar ik buitte elke maaltijd uit. Elk ontbijt, lunch en avondeten werd een avontuur. Ik wilde zoveel mogelijk proberen. Dat lukte natuurlijk maar beperkt, want hoeveel kun je eten in een week. Maar het buffet in het continentale hotel waar we drie dagen verbleven was veelzijdig genoeg en van hoge kwaliteit. En de twee dagen in het Indiase hotel waren ook geweldig. In de bar/eetzaal kon je alleen gekoeld water krijgen, maar het eten was er onvergetelijk. Evenals de ‘salty lassi’. Met dank aan onze lokale gids.

Onnozel als ik was, dacht ik dat er in India maar beperkt vlees gegeten werd, maar dat hangt er dus vanaf waar je bent. In Madras was er volop keuze, maar in de plaatsen waar er nauwelijks westerlingen komen, zul je in ieder geval geen koe op het menu vinden. Hooguit kip of vis. Op verschillende van die plekken waren we een bezienswaardigheid en wilden verschillende mensen ons aanraken. Met name in de sloppenwijk in Nagapattinam waar we moesten zijn. Geen plek waar normaal gesproken westerlingen komen. Het was een bijzondere ervaring. Aanvankelijk ongemakkelijk, maar dat werd snel tenietgedaan door de stralende blik waar de mensen je mee aankeken.

Lees Meer Lees Meer

Zoet-zure tomatensoep

Zoet-zure tomatensoep

Bij het jaarlijkse familie-eten worden meestal de taken verdeeld, ik doe het voorgerecht en de verschillende hoofdgerechten, de rest van de familie het toetje en de afwas. Traditiegetrouw vraag ik enkele weken van te voren wat men wil eten en meestal krijg ik als verzoeknummers de gerechten van het vorige jaar. Zo staat al een jaar of zes chow mein, chinese bami, op het menu. Vorig jaar maakte ik als keuzesoep peperwater en zoetzure tomatensoep. De rasam, een persoonlijke favoriet, was iets te uitdagend voor de meeste eters, maar de zoetzure tomatensoep viel in de smaak. En ik werd er keurig op geattendeerd dat deze nog niet op Reutel stond. Wat op zich best gek is, want ik eet deze soep met enige regelmaat. Het is zo ongeveer de makkelijkste soep die ik ken en is een perfect soepje als lunch.

Lees Meer Lees Meer